IWANTADIVORCE Lennert Van Nuffel & Indra Hauben
Cappuccino of flat white? Who cares?
‘I want a divorce’ is wellicht één van de vaakst gebruikte zinnen in Amerikaanse films, zowel in drama als in screwball comedies. ‘I thought you’d never ask (to marry me)’ : idem. Tussen die twee uitersten, afwijzing en toenadering, bewegen Lennert Van Nuffel en Indra Hauben zich in ‘IWANTADIVORCE’. Een voorstelling als een ballet mécanique van espressomachines en twee poppetjes die zich vaag herinneren dat ze mensen zijn. Extreem precies, hilarisch en deprimerend tegelijk.
Indra Hauben staat stokstijf stil op het podium als het publiek binnenkomt, verstard in een wankele positie: de benen wijduit, romp heel licht voorover, armen gespreid, hoofd strak vooruit. Mocht je haar een duw geven, ze viel om. Tijd zat om te merken dat haar benen en armen onnatuurlijk glanzen, alsof ze van plastic was. Met haar strak naar achter gekamde haar, opgebonden in een paardenstaart is ze, op de wespentaille na, een Barbiepop in de rol van barista: blauwe shirt, kaki short met een wit schortje ervoor, met twee glanzende buttons op borst en middel.
Ze stapt precies zoals baby’s leren stappen, maar dan met een volwassen lijf, alsof ze nu pas ontdekt dat ze zo’n lijf heeft.
Het duurt eeuwen voordat ze, lang nadat iedereen gezeten is, onzeker begint te bewegen. Haar hoofd schokt eerst heen en weer terwijl haar armen wat beverig op en neer gaan. Pas dan ontdekt ze dat haar romp kan kantelen. Eens ze daardoor dreigt om te vallen verzet ze een voet. En nog één, en nog één. Ze kan stappen. Steeds sneller, tot ze het podium oversteekt van rechts naar links. Precies zoals baby’s leren stappen, maar dan met een volwassen lijf, alsof ze nu pas ontdekt dat ze zo’n lijf heeft.
Pas dan komt Van Nuffel erbij. In krek hetzelfde kostuumpje, met net dezelfde glanzende huid, en met een bles die in een krul op zijn voorhoofd geplakt is zoals bij babypoppen. Zijn leerproces is korter, maar even onwennig. Zo maken ze kennis. In een espressobar. Hun conversaties beperken zich tot het minimum. “Hi”. “Hi. What can I get you?” “I’ll have a cappuccino, oh no wait, I’ll have a flat white.” “You changed your mind.” “I did, I changed my mind.” Zo gaat het eindeloos door. De tekst had zo uit een film van Woody Allen kunnen komen: twee mensen die eindeloos doorgaan over een bagatel, om maar niet te moeten zeggen dat ze iets voor elkaar voelen.
Automatische piloot
Zo gaat het echter helemaal niet, want neurotische improvisatie is hier verstard tot een automatisch gereproduceerd scenario, met een stralende glimlach die op het gezicht van de spelers gebeiteld lijkt (het lijkt op het nare gevoel dat je in de VS kan overvallen: iedereen begroet je altijd met een stralende glimlach, maar elk gevoel lijkt eruit verdwenen.) We zijn bij de Sims, dat spelletje waar deze spelers wellicht groot mee werden: een wereld die draait om geprefabriceerde levensdoelen. Dat doel is in dit geval: de perfecte barista zijn in een ‘uitdagende werkomgeving’. Met bij elke emotie een bijpassend geluidje en gebaartje. Het is hilarisch herkenbaar door de precisie waarmee de twee performers elk gebaar, elk woord als een automaat uitvoeren.
Dat beperkte repertoire houden ze een uur lang vol, maar er ontstaan wel barstjes in de routine. De eerste keer als de man een onmogelijk lange lijst van soorten melk aframmelt en de vrouw daarop blokkeert, heftig met haar hoofd schudt (met bijhorend geluidje) als om de protocollen in haar hoofd te herschudden als een kaartspel en dan antwoordt. Er volgen steeds meer glitches, vooral als het klankbeeld van een woord ook een ander, seksueel getint, woord oproept.
“Great. Can you bean me? / I'm sorry. We don't do that here. / What do you do here? / Flirting, we don't do that here./ I'm not flirting. I'm buying beans. / I'm sorry. Are you proposing sex? / No, I'm not. I don't- I don't have sex. / I'm sorry. Are you proposing sex? / No. No. I'm not sex. I'm a bean. / TMI. Too much information. We don't do that here.”
Dat doet zich steeds vaker voor. Informatie die niet past in het systeem moet weggepoetst worden. Dus poetsen de twee poppetjes frenetiek, tussen twee koffies door. Als de vrouw haar maandstonden krijgt (“I am leaking”) raken ze zelfs overstuur, want dat stond niet op het programma. Poetsen, poetsen!
Het lijf van de performers gaat hun ook seksueel steeds meer parten spelen. Nieuwe routines die passen in hun wereld van plastic, passen daar een mouw aan. Met stroperig romantische muziek op de achtergrond imiteert de man het cliché van een koppel dat droomt van een betere toekomst waarin ze zichzelf kunnen zijn. Alleen hapert die routine halverwege en vallen hun lichamen uit. Een tweede keer lukt het al beter om de romance uit te voeren. Een derde keer loopt het echter fout en verzeilen ze in een BDSM scenario. Uiteindelijk willen ze van elkaar af, maar ook dan ontbreekt een passende routine.
Pas in de laatste minuut lijken de twee poppetjes in nood zich te herinneren dat ze ook mensen van vlees en bloed zijn.
Niet alleen seks is in de scenario’s van Van Nuffel en Hauben een glitch. Gewoon overleven is dat ook. Om werk te vinden moet je bijvoorbeeld betalen; je mag al blij zijn dat iemand je werk geeft. In die scène zie je plots, zonder dat het met zoveel woorden gezegd wordt, hoe mensen aanvaarden dat ze als ‘human resources’, menselijke grondstoffen, behandeld worden, en zich zelfs identificeren met die rol. Alles beter dan geen werk hebben, want dan ben je geen ‘mens’ meer in een wereld waarin de juiste cappuccino of latte – als pars pro toto van consumptie – het enige legitieme doel is.
Pas in de laatste minuut lijken de twee poppetjes in nood zich te herinneren dat ze ook mensen van vlees en bloed zijn, en dat die iets anders nodig hebben dan protocollen, scenario’s en koffie. Dat aanraken beter voelt dan de beste latte. De afstandelijke, schuchtere danspasjes die ze samen zetten lijken daarop te wijzen. Heel even toch, maar dan gaat het licht uit.
Het mooie, zelfs bijzondere van deze voorstelling is dat alle betekenis die ze zou kunnen hebben enkel en alleen zit in de precisie en snelheid van de kunstmatige motoriek en taal, als een systeempje dat automatisch afgespeeld wordt, zonder enige bijsluiter. Even verslavend als een Sims spelletje, maar vervreemdend tegelijk. Zouden we echt lijken op deze slecht geprogrammeerde poppenmensen?
Genoten van deze recensie?
Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.
Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.
Steun pzazz