Theater

Troje Lazarus voor beginners

Griekse tragedies voor beginners en gevorderden

Het Mechelse collectief Lazarus bestaat twintig jaar. Die vijf mannen (dat kon toen nog) hadden dus iets te vieren, maar liever dan terug te blikken wilden ze naar de toekomst kijken. Ze nodigden acht twintigers uit vier theateropleidingen uit om met hen een feestproductie te creëren die ervaring en jeugdige goesting verenigt. Welk onderwerp kon dit feestensemble ‘Lazarus voor beginners’ daarvoor beter kiezen dan de Griekse tragedies? ‘Troje’ vervlecht de vele verhalen rond de Trojaanse oorlog tot een rijke epische vertelling maar is ook een opmerkelijk cultuurpolitiek gebaar: oudere spelers tonen dat ze zorg dragen voor de jonge talenten hen zullen opvolgen.

Troje
Johan Thielemans Theater Arsenaal, Mechelen
12 juni 2026

Lazarus putte voor ‘Troje’ onder meer uit het werk van de drie grote tragedieschrijvers Aeschylos, Sophocles en Euripides . Dat levert een lang verhaal met heel veel personages op. Elke speler heeft dan ook meer dan één rol te spelen. Lazarus koos daarbij voor een genderfluïde rolbezetting. Actrices vertolken soms Griekse helden als Odysseus terwijl mannen de vrouwelijke slachtoffers van de oorlog spelen. 

‘Lazarus’ is bekend om zijn verdediging van teksttheater, en tekst is er hier dan ook in overvloed. Toch zijn enkele van de meest beklijvende scènes puur fysiek theater. Zo beeldt het gezelschap de opmars van het Grieks leger uit in een choreografie waarin ze allen samen ter plaatse trappelen. Die fysieke inspanning vraagt heel wat discipline en uithoudingsvermogen, vooral omdat de tekst ondertussen doorloopt.

De ene wraak na de andere

De voorstelling vangt aan met een gesluierde Helena (Lien Vandenabeele) die onbeweeglijk op het voorplan staat. Het heet dat zij de mooiste vrouw van de wereld is. Ze wordt de inzet van een jarenlange strijd tussen Grieken en Trojanen. De Trojaan Paris (die we nooit te zien krijgen in de voorstelling) rooft Helena van de zwakke Spartaanse koning Menelaos, een komische Günther Lesage. De Grieken laten dat niet over hun kant gaan. Menelaos’ broer Agamemnon, koning van Mykene (Siebe Boone, jong en manhaftig) maakt zich op voor wraak.

Het lange, ingewikkelde verhaal begint met een windstilte die de vloot van de wraakexpeditie lamlegt. Die wordt maar opgeheven als Agamemnon zijn dochter Iphigeneia offert aan de goden. Volgen: de strijd tussen de Griekse held Achilles (een bijzonder ondeugende en energieke Hanna Peeters), en zijn Trojaanse evenknie Hector, maar ook die krijgen we nooit te zien.

Het tragische verhaal eindigt zo op een pirouette met wrede ironische humor.

Na hun dood gaat alle aandacht naar het de list van Odysseus om Troje te veroveren door het Griekse leger te verstoppen in een houten paard dat de Grieken achterlaten aan de poort van de stad. Die list dreigt te mislukken door de achterdocht van de Trojaanse koning Priamos. Pieter Genard zet zijn argwaan uitgebreid en komisch in de verf vooraleer de Trojanen het Paard van Troje dan toch binnenhalen. Dit tot wanhoop van Kassandra (een ernstige Lena Devillé) die alles voorspelde maar door niemand geloofd wordt.

Na de nederlaag van de Trojanen zien we hoe Klytaimnestra, de echtgenote van Agamemnon (een waardige Lotte Smets) haar man vermoordt. Daarop wordt ze zelf om het leven gebracht door haar zoon, Oresteske (sic), een  korte, komische interventie van Ryszard Turbiasz. De climax van de voorstelling is een grote slachtpartij van moordmachine Oresteske. Die woordeloze scène gaat door tot iedereen dood op het toneel ligt.

Het tragische verhaal eindigt zo op een pirouette met wrede ironische humor. Of toch niet? Aan het slot verschijnt Helena, nu gesluierd, weer op de planken. Zij was de aanleiding voor alle ellende en zorgt nu weer voor een dubbelzinnig einde. Staan we in deze laatste minuten aan het begin van een nieuwe cyclus van geweld?

Wervelend spektakel

De voorstelling gaat voor een wervelend spektakel. Het enthousiasme waarmee elke speler zijn rol verdedigt maakt dit tot een voorstelling vol leven, wars van al te veel ernst. Koen De Graeve’s vertolking van Thetis is bijvoorbeeld een komisch pareltje. Het sluierkleed dat Eline Willemarck en Amber De Saeger hem aanmaten helpt hem daarbij niet weinig. Deze keuze is ook indicatief: ‘Troje’ gaat grote emoties uit de weg. De relativerende ironie staat voor een visie op de wereld.

Om het publiek bij de les te houden is er een verteller. Het minder bekende personage van koning Peleus kreeg die taak toegewezen. Joris Van den Brande kwijt zich van die opdracht met verve, met een vleugje Donald Trump in zijn retoriek. Opmerkelijk is daarnaast hoe Lazarus de vele locaties oproept door een ingenieus gebruik van ‘arm theater’. De reis over zee van Griekenland naar Troje en terug maar ook een grot of een tempel suggereert Lazarus met slechts één groot wit zeil en een stel katrollen. Het is puik werk van Jasper Vanhalle en Lazarus.

Het irrationeel geloof in de macht van de goden wordt onderuit gehaald  door korte filosofische uitspraken.

Een vraag blijft : is dit meer dan een ingewikkelde, wat bizarre vertelling?  Als je naar een diepere betekenis zoekt, kom je uit op twee belangrijke thema’s : het mechanisme van de wraak is als een vernielend wiel dat nooit tot stilstand komt en tot de totale ondergang leidt. Wie treft schuld? De personages verwijzen naar de wil van de goden – mensen zijn hun speelbal.

Maar dit irrationeel geloof wordt onderuit gehaald  door korte filosofische uitspraken. Zo wordt het fenomeen ‘noodlot’  en ‘vrije wil’  een paar keer in een moderne kritische context geplaatst.  Agamemnon stelt bijvoorbeeld: “Wat wij van ons leven maken, dàt spel spelen wìj, niet de goden”. Daarop repliceert Iphigeneia, de dochter die hij offerde om zijn vloot wind in de zeilen te geven: “Ja, ’t zijn de beginnen en de eindes die hen (de goden) zo vermoeien. Die kennen ze, die staan vast. Het is het middengedeelte van ’t verhaal, dat is open en dat is van ons”. Het is spijtig dat zulke krachtige replieken voorbijflitsen zonder ankerpunten te vormen in de stroom van voorvallen.

Bij deze samenvatting van de uitgebreide Griekse verhaalstof gaat inderdaad soms veel verloren, vooral omdat er geen plaats gemaakt wordt voor sterke emoties. Zo krijgt het verhaal over Klytaimnestra en Orestes in deze context iets banaals. Het staat ver af van de impact van de ‘Oresteia’ van Ayschylos. Tegenover de originele stof is dat een zeker verlies. Je vraagt je af of er in de versie van ‘Lazarus’ iets meer overblijft dan steengoed theater .

Ondanks zulke bedenkingen, kan je alleen maar zeggen dat deze ‘Troje’ een boeiende, zelfs uitdagende voorstelling is. Lazarus bewijst dat het collectief na twintig jaar nog niets aan vitaliteit en verbeelding ingeboet heeft. Hun eigenzinnige vertelling over Troje is een waar verjaardagsgeschenk. Op naar de volgende twintig jaar.

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz