Wavelength Antigone / Haider Al Timimi / Lucius Romeo-Fromm
Dansen tegen de verbittering in
Onlangs verzuchtte iemand op een ver gevorderd uur bij een etentje,: “Godzijdank is hier niemand over Trump begonnen”. Gelach alom. Ik moest er terug aan denken tijdens ‘Wavelength’. Het oranje gevaar hangt als een zware slagschaduw over dat stuk van Haider Al Timimi, artistiek leider van Antigone Kortrijk, en de Amerikaanse danser-choreograaf-acteur Lucius Romeo-Fromm. Voor beide mannen is wat zich vandaag afspeelt op het wereldtoneel als een slag in hun gezicht. Het vergalt zelfs hun vriendschap. Ze dansen – letterlijk- om de hete brij heen voor ze het probleem benoemen.
Hoe vreemd het ook kan klinken: om te weten waarover ‘Wavelength’ gaat hoef je de voorstelling niet te zien. Je kan de inhoud bijna raden: een Amerikaan en de zoon van Irakese asielzoekers hebben reden genoeg om vandaag niet meer op dezelfde golflengte of ‘Wavelength’ te zitten. Het uitstekende programma stipt dat al aan. Dat blijkt ook abrupt als Al-Timimi Romeo-Fromm voor de voeten werpt dat de voertaal van de voorstelling Engels moest zijn, omdat Romeo-Fromm na 25 jaar in België nog steeds het Nederlands niet voldoende machtig is. Het is voor Al-Timimi een treffend staaltje van Amerikaanse arrogantie: klakkeloos aannemen dat iedereen denkt en spreekt als een Amerikaan.
Nochtans zijn Romeo-Fromm en Al-Timimi al boezemvrienden sinds ze in 2010 in dezelfde voorstelling dansten. Beiden ervaren ook een zelfde radeloosheid bij wat er vandaag op het wereldtoneel gebeurt. Het hart van Romeo-Fromm, die nog steeds familie heeft in de Verenigde Staten, krimpt in elkaar bij het geweld tegen al wie niet past in het wereldbeeld van MAGA (hemzelf inbegrepen). Al-Timimi, die op zijn zesde van Irak naar België vluchtte met zijn ouders, ziet dan weer met lede ogen het geweld in Gaza en de toenemende onverdraagzaamheid jegens asielzoekers hier. Het bezorgt hem koude rillingen als hij terugdenkt aan de stilte die in zijn ouderlijk huis kon hangen als de media het weer eens hadden over moslimaanslagen.
Ongemakkelijke stiltes
Het probleem: de polarisatie die zo wereldwijd om zich heen grijpt nestelde zich ook in hun vriendschap. Daar weten ze zich aanvankelijk geen raad mee. Dat zie je ook, fysiek, aan de manier waarop ze in het begin tegenover elkaar staan. De scène is aardedonker als rechts achteraan felle lichtflitsen en gensters oplichten. Ze werpen hun licht enkele tellen op de verkrampt gesticulerende Romeo-Fromm in een versleten denim jasje en broek. Pas na nog meer lichtflitsen en geknetter gaat het licht boven het podium op en zie je dat Al-Timimi links, in werkkiel, een laspost bedient.
Er volgt een stroeve woordenwisseling, vol ongemakkelijke stiltes. “Hoe gaat het?” “Goed, uitstekend zelfs, behalve dat…”. Dat “behalve dat” raakt, alsof we in een stuk van Samuel Beckett beland waren, maar niet uitgesproken. Tot de verwijten komen. Waarom doet Romeo-Fromm er al een jaar het zwijgen toe op social media, terwijl hij tevoren zo’n grote bek opzette over wantoestanden vraagt Al Timimi zich af. Romeo-Fromm repliceert: zingt ook meneer Al Timimi geen toontje lager sinds hij CEO van een theater is? Waarop elk zich verdedigt. Romeo-Fromm wil nog de kans hebben om naar de VS te reizen, en dat kan hij vandaag wel vergeten als hij teveel van leer trekt tegen Trump cs. Al-Timimi voert aan dat hij zijn artiesten op de eerste plaats wil zetten. Toch geeft hij later toe: “It takes a coward to recognise one”. We zijn allemaal bang geworden, bang voor geweld, bang voor institutioneel geweld dat overal en altijd, zonder waarschuwing, kan toeslaan.
De lelijke woorden komen er bijna ondanks wat ze werkelijk voelen en denken. Alsof de tijdsgeest hun die in de mond legt.
Hoe bijzonder, ongewoon zelfs, deze voorstelling is, blijkt ondertussen. De spanning tussen beide mannen, hun gêne, ongemak, frustratie is hoorbaar in hun stem, maar ze spelen geen toneeltje. Wat ze zeggen spelen ze niet op een conventionele, ‘realistische’ manier. Ze dansen hun ongemak uit. Romeo-Fromm doet dat hoekig en expressief, Al-Timimi ingetogen, maar uitgesproken ritmisch, een beetje schokkerig als in hiphop. Die tegenstelling tussen woord en dans laat onmiskenbaar zien dat er een kloof gaapt tussen hun woorden en hun gedachten en -vooral - emoties. De lelijke woorden komen er bijna ondanks wat ze werkelijk voelen en denken. Alsof de tijdsgeest hun die in de mond legt. Daardoor raken ze niet meer op dezelfde golflengte. De zeurende sinusoïdale tonen van Dimitri Andreas zijn de akoestische vertaling van die divergentie.
Vergeven zonder vergeten
Later blijkt dat hun intieme gevoelens verknoopt zijn met een last uit het verleden die ze meedragen. Romeo-Fromms grootvader werkte als ingenieur mee aan de constructie van de atoombom en kreeg daar zo’n wroeging over dat hij in de psychiatrie belandde. Al Timimi’s vader was dan weer als de dood voor de perceptie van zijn status als asielzoeker. Hij verbrandde op een dag elke snipper papier die zelfs maar een vermoeden van een verband met de Baath partij van Sadam Hoessein kon suggereren, hoezeer hij de dictator ook verafschuwde. Gebeurtenissen als de aanslag op de WTC torens in New York dompelden het gezin in dagenlang stilzwijgen.
In de erkenning van dat historisch, overgeërfd leed vinden beide mannen elkaar weer: het brengt ze tot een duet aan weerszijden van een grillig gebroken, vibrerende lijn van wit laserlicht, een prachtige scenografische vondst van Stef Stessel op aanstekelijke muziek van Andreas. Onenigheid speelt echter weer op als Romeo-Fromm een klaagzang aanheft over het genadeloze optreden van ICE in de VS. Al-Timimi ergert zich eraan: als de Amerikanen even proeven van de behandeling die ze doorgaans reserveren voor de rest van de wereld moeten we medelijden hebben. Komaan!
De verkramping, de wrok, de radeloosheid, maar ook de toenadering en verzoening krijgen hier niet alleen woorden – die zijn er genoeg – maar ook gestalte.
Al Timimi zoekt daarna als eerste naar een uitweg uit de spiraal van polarisatie. Hij bepleit een kosmisch perspectief. Vanuit de verte zie je hoe ziek de waan van de dag is. In een cruciale scène roept hij een film op over een jongen die lacht bij het bericht dat zijn broer in Gaza sneuvelde. Die zal het dan tenminste goed hebben in de hemel denkt de jongen. Hoe kunnen we een geloof aanhangen dat ons zo’n geweld doet aanvaarden als ‘goed’, vraagt Al-Timimi zich af. Romeo-Fromm werpt tegen dat we toch ergens troost in moeten vinden, maar daar neemt Al-Timimi geen vrede mee. Voor hem moeten we leren te vergeven zonder te vergeten, maar ook zonder verbitterd te worden.
Het zijn adembenemende momenten: een complexe discussie met uitdagende standpunten, verdubbeld in een spel van verwijdering en toenadering in de dans. Ze voert naar een surrealistisch slotmoment als de twee performers de aarde lijken te ontstijgen op hun zelf ineen gelaste ruimtesledes. Ze verbeelden in een flits het kosmisch perspectief waarop Al-Timimi wedt.
Dat is waarom je dit stuk moet zien: de verkramping, de wrok, de radeloosheid, maar ook de toenadering en verzoening krijgen hier niet alleen woorden – die zijn er genoeg – maar ook gestalte. Je ziet hoe polarisatie en haat hun lelijke klauwen in het vlees van mensen zetten. Je ziet (gelukkig) ook de tedere omhelzing en de vlucht omhoog, het zwerk in: de verbeelding en de liefde als wapen tegen de stompzinnigheid van de bullebakken van deze wereld.
Genoten van deze recensie?
Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.
Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.
Steun pzazz