TA MAL OU Louise Bergez & Laurens Aneca / Theater Malpertuis
De dokter heeft gesproken
De dokter spreekt. De patiënte zwijgt. In ‘TA MAL OU’ toont Louise Bergez hoe een overdaad aan woorden kan overstemmen wat werkelijk gehoord zou moeten worden. Op een leeg podium ontvouwt zich een ervaring die verder reikt dan de spreekkamer.
Louise Bergez & Laurens Aneca / Theater Malpertuis
De dokter heeft gesprokenIn het algemeen ziekenhuis van Oostende ruikt het naar ontsmettingsmiddel en gekoelde lucht. De geur roept herinneringen op aan het ongemak van wachten op onderzoeken, op uitslagen, en aan het kleine van patiënt zijn, overgeleverd aan dokters met nauwkeurig afgestelde horloges.
Het is een veelzeggende plek voor ‘TA MAL OU’, een stuk van Louise Bergez en Laurens Aneca. Op verdieping min één staat Louise Bergez alleen op een leeg podium, gekleed in een aansluitend pak in lichte huidskleur. Een felle spot werpt een schaduw op de wand en verdubbelt haar lichaam. Er is van alles aan de hand met dit lichaam, wordt geleidelijk aan duidelijk. Of verzint ze haar pijn? Zo klinkt het achter gesloten deuren.
De spreekkamer als toneel
Licht uit. Tikkende hakken. Licht aan. Bergez neuriet: “altijd is kortjakje ziek, midden in de week maar zondags niet”. In de spreekkamer zit de patiënte tegenover een West-Vlaamse huisarts. Zij blijft onzichtbaar, hij voert het hele gesprek. Bergez speelt hem met een betuttelende gemoedelijkheid. “Ge moogt op uw twee oren slapen. Eén pilleke voor het slapengaan. Dat zijn er geen twee, hé. Maar gij zijt een braveke, dat zie ik.” De achteloosheid waarmee hij haar toespreekt staat in groot contrast met haar stilte: hoe luider hij wordt, hoe meer haar stem ontbreekt. Met de vraag ‘Cash of bancontact?’ is het consult afgelopen.
Het geluid, ontworpen door Jasper Segers, maakt van een leeg podium een versatiel decor. Dankzij geluidsopnames en goed getimede handelingen verschijnen een dokterspraktijk, apotheek en badkamer. In die spaarzaamheid schuilt een van de grote sterktes van de voorstelling: zonder een woord uitleg roept ze een hele werkelijkheid op. Meer nog, door decor en handeling te beperken tot hun essentie, doet de scenografie hetzelfde als de taal in deze voorstelling. Ze abstraheert om onderliggende structuren zichtbaar te maken. De voorstelling toont niet één dokterspraktijk, maar iedere spreekkamer waarin de patiënt niet gehoord wordt. Dat de voorstelling wortelt in Bergez' eigen ervaring met chronische ziekte, verleent haar een bijzondere urgentie. Toch schuilt haar zeggingskracht juist in de manier waarop ze het persoonlijke overstijgt.
De taal van pijn
In de volgende scènes herhaalt het hele gebeuren zich: de tikkende hakken, het deuntje, de aankomst in de praktijk. Wie ooit langdurig op zoek moest naar een diagnose, kent de uitputting van steeds opnieuw hetzelfde verhaal vertellen in de hoop dat iemand deze keer echt luistert. De dokter, die er inmiddels van overtuigd is dat zijn patiënte niet goed snik is, belt een collega-psychiater op. Of ze daar niet eens langs kan. “Ze lijkt wel bipolair,” zegt hij. “Ze heeft niks. En altijd maar praten over pijn, pijn, pijn.” Hij buldert het uit. Als de pijn verzonnen is, hoeft hij haar niet te genezen. En de dokter zal het wel beter weten, toch?
Omdat pijn zich aan de taal onttrekt, weigert ‘TA MAL OU’ haar in woorden onder te brengen. De patiënte blijft stemloos.
Zelfs als ze alleen is, horen we niet haar stem, maar een opname, ook als ze zingt in de badkamer. Geleidelijk aan lopen haar bewegingen niet meer synchroon met de geluidsband. Alsof haar geest afgesplitst raakt van haar lichaam. Heel even, wanneer haar telefoon gaat, lijkt het erop dat ze zal spreken, maar ze drukt de oproep weg.
Omdat pijn zich aan de taal onttrekt, weigert ‘TA MAL OU’ haar in woorden onder te brengen. De patiënte blijft stemloos. De artsen vullen die stilte met een overdaad aan taal. Hun jargon wordt grotesk uitvergroot tot de woorden zich losmaken van het lichaam dat ze geacht worden te beschrijven. Wat overblijft is een schijn van deskundigheid die zichtbaar maakt hoe weinig betrokken de artsen zijn.
De werkelijkheid uitvergroot
Laurens Aneca en Louise Bergez zetten in op herhaling om de slopende zoektocht naar een diagnose voelbaar te maken. In de herhaling laat de voorstelling het realisme steeds verder los. De psychiater schrijft zo driftig mee dat haar arm ervandoor gaat. De darmspecialist is een vulgaire clown die tijdens een onderzoek zo ver naar binnen reikt dat hij het kloppende hart van zijn patiënte uit haar lichaam haalt. Wanneer ze haar medicijnen niet langer kan betalen, rekent ze in de apotheek af met een vingerkootje, een been, een oor.
Pijn sluit een mens op. Gebrek aan erkenning van die pijn gooit de sleutel weg.
Wat begint als een satire op de gezondheidszorg, wordt een steeds beklemmender verhaal over wat er gebeurt als iemands pijn systematisch niet erkend wordt. Humor en wanhoop bestaan voortdurend naast elkaar. Daardoor zorgt de absurditeit nooit voor afstand: ze legt juist bloot hoe dicht het groteske soms tegen de werkelijkheid aanligt.
De geruisloze schreeuw van de patiënte toont de verpletterende eenzaamheid van haar lijden. Nog eenzamer is het om in de steek gelaten te worden door het systeem, niet door toevallige fouten, maar door hoe het ontworpen is. Pijn sluit een mens op. Gebrek aan erkenning van die pijn gooit de sleutel weg.
“Sommige mensen kunnen bij momenten genot halen uit geschreeuw. Velen horen zelfs niet dat er geschreeuwd wordt. Want het is een geruisloze schreeuw, die alleen weerklinkt in het diepst van het hart.”. Simone Weil
Genoten van deze recensie?
Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.
Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.
Steun pzazz#Gerelateerd
The last chapters
URLAND
het gebied
Hanna Peeters & Xander Kindt