Muziektheater

Papillon BRODER / Mais Quelle Chanson

Een vlinder die nog zijn vleugels moet uitslaan

Voor ‘Papillon’ ontvlucht muziektheater Broder zijn thuisbasis in Arca Gent en trekt de stad in. Samen met Mais Quelle Chanson, een jongeren muziekwerking van Kapinga Gysel, en een seniorenkoor ontvangen ze het publiek in de binnentuin van CAMPO Victoria, waar kinderen, volwassenen en ouderen samen op zoek gaan naar wat vrijheid vandaag nog betekent.

Papillon
Liv Laveyne CAMPO Victoria, Gent
29 juli 2026

Voor de oudere generatie roept ‘Papillon’ onvermijdelijk het beeld op van Steve McQueen met een vlindertattoo op zijn zonverweerde bast. In de verfilming uit 1974 van Henri Charrières autobiografische bestseller speelt hij een onterecht veroordeelde gevangene die van het beruchte Franse strafkamp op Duivelseiland blijft proberen te ontsnappen. Niet één keer, maar keer op keer. ‘Papillon’ is zo meer dan een gevangenisverhaal. Het is een ode aan de ontembare drang naar vrijheid.

De gevangenis is geen cel van steen en tralies, maar onze controle-maatschappij.     

Muziektheater Broder gebruikt die klassieker als vertrekpunt voor een andere gevangenschap. Hoe een generatie kinderen gevangen zit in een wereld die voortdurend vertelt wat moet en wat hoort, terwijl ze tegelijk moeten leren omgaan met hun eigen angsten in een steeds beangstigendere samenleving. De gevangenis is geen eiland meer, geen cel van steen en tralies, maar onze controlemaatschappij. Die staat prominent op het speelvlak.

Temidden van de binnenkoer prijkt een grote paal met bliepende sensoren, draaiende camera's en spiegels. Het is ‘De paal der duizend ogen’. Er is geen ontsnappen aan. Big Brother is watching you, met satellieten, op sociale media, het Smartschool leerlingenvolgsysteem of gewoon de tracker-app op de gsm… hoe vrij is een kind nog?

Ceci n’est pas un ballon

Frans Van der Aa speelt Papillon, geflankeerd door een groep kinderen van het koor Mais Quelle Chanson als zijn medegevangenen. Peter Spaepen begeleidt hen op piano. Op een metalen trap prijkt een seniorenkoor dat als een Grieks koor het gebeuren becommentarieert.

"Weet jij wat dit is?" "Een bal." "Nee," antwoordt hij, "Dit is gevangen lucht."     

De kinderen spelen met een bal achter het traliewerk. Is het de binnenplaats van een gevangenis of een speelplaats? Wanneer de bal over het hek bij Papillon belandt, vraagt hij: "Weet jij wat dit is?" "Een bal." "Nee," antwoordt hij, "Dit is gevangen lucht." Hij snijdt de bal doormidden en maakt er een helm van voor een van zijn jonge inmates. Bescherming, camouflage, een kuiken net uit de dop? Of is het een manier om ervoor te zorgen dat haar 'hersenspinnen' niet in de realiteit terecht komen?

Het is een aangrijpend en herkenbaar moment over de psychische kwetsbaarheid van zoveel jongeren vandaag wanneer een meisje het heeft over haar hersenspinsels of de ‘hersenspin’: "Die gedachten mogen er zijn, maar niet te lang." Ze zegt het met de vanzelfsprekendheid waarmee een psycholoog advies geeft. Zo verschuift de voorstelling van een gevangenis met tralies naar een gevangenis tussen de oren. Dat is waar ‘Papillon’ vleugels krijgt.

Alleen dwingt het verhaal van Henri Charrière de voorstelling in een keurslijf. Dat tekstschrijver en componist Peter Spaepen daarbovenop ook nog een andere persoonlijke jeugdlieveling verweeft – de ‘Madelief’-boeken van Guus Kuijer, een beetje de ‘Pippi Langkous van Nederland’ – helpt niet. Door al die verhaaldraden raakt de vlinder verstrikt in het web. ‘Papillon’ raakt aan een wezenlijk thema - hoe leer je kinderen vrij zijn in een wereld die almaar meer controleert – maar krijgt er geen vat op.

Rebellie vanop de zijlijn

Ook op de speelvloer zoekt de voorstelling nog naar haar vrijheid. De kinderen lijken soms vooral een spelopdracht uit te voeren. Het seniorenkoor krijgt weinig speelruimte om werkelijk een dramatische tegenstem te worden. Frans Van der Aa staat gelaagd in zijn rol, ergens tussen wijze opa, eeuwige speelvogel en de kortaangebonden ouder voor wie het allemaal even te veel wordt. Drie generaties in één personage. Alleen moet hij in de première nog te veel de groep meetrekken. Hopelijk speelt ‘Papillon’ zich gaandeweg de speelreeks nog los.

Opvallend genoeg gaat de meeste energie uit van de zijlijn. Zang- en spelcoach Luna Maes stuurt vurig de jonge troepen aan. De vrijheid ligt hier buiten het speelvlak. Dat roept interessante vragen op: hoe ontsnap je aan een systeem? Door je ketens af te werpen als Papillon? Of door zoals zijn beste vriend Dega (een onvergetelijke Dustin Hoffman in de film) te schikken in je lot? Door rebellie of door geduldig je kans af te wachten? Beuk je tegen het systeem in of probeer je het van binnenuit te veranderen? Of als kind, bereik je wat wil door met de deuren te slaan of door braaf te zijn? 

Spannend muziektheater wordt kleffe musical met iele kinderstemmetjes.    

Het is een boeiende piste. Jammer genoeg kiest ‘Papillon’ naar het einde toe vooral voor een kumbaya-boodschap over samenhorigheid. Spannend muziektheater wordt kleffe musical met iele kinderstemmetjes. "Niemand is een eiland, we zijn allemaal druppels in dezelfde zee." Een mooie gedachte, maar ook een naïef brave. De voorstelling ruilt haar scherpe vragen in voor een veilig haventje, in plaats van het diepe sop in te duiken.

Toch blijft deze Gentse Feestenproductie een sympathiek experiment. De samenwerking tussen Broder, Mais Quelle Chanson en het seniorenkoor bewijst opnieuw hoe de Gentse Feesten verschillende organisaties, artiesten en generaties samenbrengen. Alleen heeft deze vlinder nog iets meer tijd nodig om zijn vleugels open te slaan.

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz