Opera

SANCTA Florentina Holzinger

Holzingers Heilige Paradox

Als u de voorbije maanden niet onder een steen hebt geleefd, dan heeft u ongetwijfeld gehoord over ‘SANCTA’, een opera van Florentina Holzinger bij Opera Ballet Vlaanderen. Wat begint als de dertig minuten durende schandaalopera ‘Sancta Susanna’, wordt door Holzinger doorgewerkt tot een uitgesponnen extatische misviering die de grenzen van het genre buigt en breekt, maar echte kritische vragen over het christendom uit de weg gaat.
SANCTA
April Henrist Antwerpse Opera, Antwerpen
meer info download PDF
RECENSIEWORKSHOP
14 mei 2026

Wanneer een bisschop de tijd neemt om een opiniestuk te schrijven en in een talkshow te verschijnen om over je opera te praten, doe je als regisseur gewoonlijk iets juist. Dat de bisschop je opera afbreekt en boycot, is bijzaak. ‘SANCTA’ heeft een lange voorgeschiedenis van controverse. 

Het originele stuk ‘Sancta Susanna’ van Paul Hindemith (1922) veroorzaakte meteen ophef door zijn inhoud: een non die haar seksualiteit niet in bedwang kan houden tijdens het bidden, zichzelf uitkleedt en wordt gestraft. Er waren weinig dirigenten die zich aan zo’n stuk wilden wagen en nog minder operahuizen die het op de planken wilden brengen. Als het dan toch werd opgevoerd, moest het publiek beloven de voorstelling niet te verstoren. De pers was in alle staten en noemde het stuk een afbraak van de westerse christelijke waarden en een ontwijding van onze culturele instituten. 

Als een van de hipste namen in het hedendaags muziektheater zich waagt aan een nieuwe opvoering van dit stuk, dan is er geen twijfel mogelijk: u moet dit zien.

Van cultuurminister tot B-BV

Het is Pasen. ’s Middags staan voor het Antwerpse operagebouw nog katholieke (voornamelijk mannelijke) protestgroepen luid te scanderen, maar nu de voorstelling bijna begint, zijn ze afgedropen – misschien was de massale toestroom van een nieuwsgierig publiek een domper op hun protestvreugde. De ticketbalie lijkt vandaag eerder een veiling voor mensen die op het laatste nippertje nog de voorstelling willen zien. ‘Een zitje, parterre, 120 euro.’ Eén, twee, drie tellen en iemand beslist: ja, dat heb ik er eigenlijk wel voor over. 

Een paar ‘nonnen’ in full-face make-up staan her en der in het foyer; ze keuvelen en baten een merch-standje uit waar men religieuze en minder religieuze relikwieën kan kopen. Tussen de nerveuze massa en het commerciële spektakel door waan ik me even twee kilometer verderop in het Sportpaleis. Voor mij staat de minister van Cultuur in de rij. Ik spot een B-list BV. Dit is dé social happening van het moment. Het doek rijst, de opera begint.

Het eerste halfuur van de voorstelling ontvouwt zich als een donkere horror-opera. 

Het eerste deel van de opera volgt Hindemiths werk redelijk nauwgezet. Er zijn twee nonnen in conversatie: zuster Susanna en zuster Clementia. Susanna brandt van seksueel verlangen en wordt er door Clementia van beschuldigd ziek te zijn en niet veel langer te kunnen overleven als ze zo doorgaat. God krijgt een moderne invulling als een robotarm die gedurende de hele opera op de scène zal aanwezig blijven. Soms zal God een kaars vasthouden, dan weer een kruis, soms zelf een mens. Het doet denken aan de beroemde installatie ‘Can’t Help Myself’ van Sun Yuan en Peng Yu, waar een robotarm tevergeefs een bloedachtige vloeistof wegboent, tot in de eeuwigheid. 

De achtergevel van de bühne is een klimmuur die de performers van Holzinger zullen beklimmen tijdens de opera; een verwijzing naar lesbianisme kan er niet dikker op liggen. De naakt kronkelende vrouwen die passioneel de liefde bedrijven op de achtergrond, laten weinig over aan de verbeelding. 

Op de bühne staat ook een vierkanten torentje waarin een wulpse non uit vroeger tijden is ingemetseld om haar te straffen voor haar onzedig gedrag. Het is wachten tot dit bouwwerk tegen de vlakte gaat en de emancipatorische duivels zich ontbinden. Het eerste halfuur van de voorstelling ontvouwt zich kortom als een donkere horror-opera. Men zou verwachten dat de opera daarna evolueert naar een beklijvend psychologisch drama, waarin de nonnen clichématig worden getormenteerd door de zwaarte van zonde en seksualiteit, en duidelijk wordt gemaakt hoe religie dit leed alleen maar verdiept. Maar Holzinger heeft andere plannen.

Ontraditionele pottenbakkerij

Jezus besluit acte de présence te geven. Met vape en skibril in de hand probeert hij het operagebouw binnen te dringen, boos dat het instituut hem de deur zou wijzen. We zien de scène eerst via video, tot de performer (Annina Machaz) écht de zaal betreedt. De scène is humoristisch en goed geacteerd en verlicht direct de zware, donkere sfeer die het eerste deel van de opera doordrong. Jezus’ net iets te lange monoloog leidt zo de nieuwere delen van ‘SANCTA’ in, die de traditionele structuur aanneemt van een mis (Kyrie, Gloria, Credo, Sanctus, Onze Vader, Agnus Dei). 

Klassieke liturgische zang wordt gecombineerd met popmuziek en ruige gitaren. Nonnen rolschaatsen naakt op een half-pipe centraal op de bühne. Videoschermen projecteren kleurrijke glasramen met baarmoeders daarin verwerkt. De paus verschijnt als een zwangere vrouw met dwerggroei (Alvarez Ruiz), maar weigert om zich enkel als token van diversiteit te laten wegzetten. De voorstelling buigt onder een ware overvloed aan beeldtaal. Soms durft ze daardoor de indruk te wekken narratief nergens naartoe te gaan; de langdradigheid van bepaalde scènes versterkt die indruk. Gelukkig kan Holzinger putten uit het brede arsenaal van de katholieke beeldtaal, dat dient als rode draad.

Holzinger probeert het vrouwelijke lichaam te herpositioneren, maar kan dat met dezelfde taal die wordt opgelegd door het patriarchaat? 

Naakt is niet nieuw op toneel en zelfs volgens de Belgische bisschop Johan Bonny is er eigenlijk weinig mis mee, zolang dat naakt volgens hem maar niet wordt toegepast op zogezegde nonnen. Er werd zich de afgelopen weken luidop afgevraagd of ‘wij’ dit wel zouden durven doen met de islamitische religie, maar die vraag houdt weinig steek. Holzinger wil de relatie bevragen tussen de katholieke kerk en het (vrouwelijke) lichaam. En wie anders kan dit doen dan wij westerlingen die veelal in een katholieke context zijn opgegroeid? Wij die nog altijd, gedoopt of niet, gebukt gaan onder de geïnternaliseerde katholieke waarden, de katholieke schaamte? Mochten moslims dit willen doen voor hun religie, zijn ze daar vrij in. Zolang zij het zijn die het doen en niet iemand van buitenaf. Een publiek debat over de religie die je samenleving schraagt moet mogelijk zijn. Holzinger faciliteert dat.

Ergens midden in de voorstelling wordt die relatie bevraagd via een ontraditionele pottenbakkerij. De naakte performers kneden sensueel klei in een fallische vorm. De videoschermen nemen de meest perverse perspectieven in, die doen denken aan vulgaire pornovideo's. Intern rijst daardoor een andere vraag. Ja, Holzinger probeert het vrouwelijke lichaam te herpositioneren, zowel in de katholieke religie als in de samenleving tout court. Maar kan dat met dezelfde taal die wordt opgelegd door het patriarchaat? Naakt is naakt en seks is seks, zelfs als die in een niet-normatieve vorm wordt voorgesteld, maar de voorstelling combineert bijna uitsluitend naakt en seks en choqueert daar intentioneel ook mee. Ze riskeert zo de seksualisering van het naakte lichaam te versterken op dezelfde manier als religie doet. 

Het is moeilijk om als vrouw iets te doen dat niet voor het alziend mannelijk oog is bestemd, maar is het opeisen van seks, in welke vorm dan ook, de uitgelezen manier om het vrouwelijk lichaam te bevrijden? Ik twijfel, en de voorstelling dit weinig in vraag. De niet-normatieve seks die naar voren wordt geschoven is enkel lesbische seks. En met nogal wat toeschouwers (ook mannelijke) in de zaal die komen voor het spektakel, wordt net die vorm van seks dan gesensationaliseerd. Het is een moeilijk gegeven, want de voorstelling wil duidelijk mannen decentraliseren in het gesprek over religie, het lichaam en seks. Maar net door deze aanpak loopt ze het risico het omgekeerde te bewerkstelligen. 

Multilatie

Naar het einde van de opera wordt de confrontatie met lichamelijkheid steeds onontkoombaarder. Er wordt een stuk vlees chirurgisch verwijderd bij een van de performers. Geen protheses, geen Hollywood-cameratrucs; nee, de ene performer neemt een scalpel en wrikt zorgvuldig een stukje vlees van een vierkante centimeter los bij de andere. De hele scène wordt in close-up gefilmd en getoond op de videoschermen. De live act werkt hypnotiserend en de blik afwenden is moeilijk. Enkele toeschouwers verlaten de zaal, niet uit protest maar door het duizelwekkende effect van de scène. Het operahuis is er gelukkig op voorbereid en heeft hier en daar bedjes en een medisch team klaarstaan. Voor zij die de zaal (nog) niet verlaten, zet de bloedige lichamelijkheid van de scènes zich voort. 

in se blijft deze opera vooral een omarming van het christendom, maar dan in een nieuwe invulling met het vrouwelijke lichaam centraal. 

Vragen dringen zich op. In hoeverre is het mutileren van performers ethisch? De regisseur kan claimen dat niemand tot iets wordt gedwongen en dat deelname aan de scènes vrijwillig is. Maar hoe vrijwillig is zoiets werkelijk? Als een performer niet wil meedoen, bestaat de kans dat iemand anders diens plaats inneemt, in een kunstenveld waarin performers de eindjes aan elkaar moeten knopen en elke werkgelegenheid moeten grijpen. Zelfs met een uitgebreide dialoog tussen performer en maker en met de nodige nazorg (als die er is) blijft er onvermijdelijk een machtsrelatie bestaan, waarin de performer steeds de zwakkere partij is.

Het stukje vlees wordt krokant gebakken op scène en, in de ware traditie van het Laatste Avondmaal, geconsumeerd. Tijdens dit avondmaal mag iedereen op en naast het podium zijn persoonlijke ervaring met religie delen en het publiek wordt uitgenodigd om hun grootste zonden op te biechten en zo de zaligheid te benaderen. Naar goede Belgische traditie blijft deze participatieve scène heel braafjes en de terughoudendheid van het publiek rekt de scène net iets te lang; de schwung is er een beetje uit.

Don’t dream it, be it

We stoomtreinen dan maar naar de volgend lading pakkende beelden: twee vrouwen worden in hun rug gepiercet en aan vleeshaken opgetrokken, nonnen blijven naakt rondskeeleren, een gigantisch wierookvat hangt van het plafond en zwiert ceremonieel heen en weer. De mis is bijna ten einde en ‘SANCTA’ had heel goed hier kunnen eindigen. Maar we worden losgelaten op een vreugdevollere noot. Het koor komt terug en herinnert ons eraan om buiten te gaan met liefde in ons hart, open voor alles en iedereen, liefde voor de medemens. ‘Don’t dream it, be it’, weergalmt het door de zaal. 

Is het niet veeleer tijd om religie volledig van ons af te gooien?

Als atheïst voel ik mij hierdoor ook ergens bekocht. Er werd mij door bisschop Bonny en de protestgroepen een voorstelling beloofd die het christendom radicaal met de grond zou gelijkmaken. Holzinger richt haar pijlen veeleer op het instituut van de katholieke kerk, maar in se blijft de opera vooral een omarming van het christendom, van wat het zou kunnen zijn, in een nieuwe invulling met het vrouwelijke lichaam centraal en openheid en liefde voor de medemens in overvloed. 

Is die nieuwe invulling wel mogelijk voor een religie die het merendeel van de wereld nog regeert en dirigeert? Kan liefde zomaar al die pijn verlichten? Is het niet veeleer tijd om religie volledig van ons af te gooien en liefde en openheid in ons hart toe te laten, niet omdat dat is wat we moeten doen van een geloofsysteem, maar omdat dat gewoon juist is? 

‘Geliefde broeders en zusters, laten wij elkaar liefhebben, want de liefde komt uit God voort. Iedereen die liefheeft is uit God geboren en kent God.’ ‘Wie niet liefheeft, kent God niet, want God is liefde’, zei Johannes al in de Bijbel, lang voor Florentina Holzinger ermee kwam. Holzinger deelt duidelijk Johannes’ mening. Ze hoopt, ietwat paradoxaal, dat dezelfde dogmatische religieuze taal die eeuwenlang onderdrukkend werkte, ooit toch tot bevrijding kan leiden.


Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz