Parsifal Opera Ballet Vlaanderen / Susanne Kennedy / Markus Selg
Zonde
Na ‘Einstein on the Beach’ van Philip Glass nemen Susanne Kennedy en Markus Selg Wagners laatste opera ‘Parsifal’ onder handen. Kan het visuele spektakel dat ze creëren het effect van de reeds transcendente partituur van Wagner intensiveren, of zorgt het integendeel voor onwelkome afleiding?
Op het podium staan twee rotsen waarvan één met een schedel erop. Al terwijl het publiek binnenkomt, wordt de grot van Plato on repeat geprojecteerd op een achtergronddoek en hangt een groot stuk speer als het zwaard van Damocles boven de scène. Deze attributen zetten de toon. De existentiële crisis loert om de hoek. Wie lang genoeg naar de beelden blijft kijken, raakt gehypnotiseerd, want de overgangen van de loop zijn niet te traceren.
De gezapige maar syncopische openingsnoten van het orkest betoveren ons onmiddellijk. Met het Leitmotiv van Parsifal in de oren verschijnt ook zijn naam in kitscherige grafische letters op het doek, als ware het een videogame uit de jaren 2000. Het doek gaat op en onthult een tableau vivant dat doet denken aan een overvol kerststalletje. De aandachtige kijker ziet twee kindjes (Jezus?) liggen, maar wat vooral op de bühne verschijnt, is een hypermoderne nomadische cyber community.
Enerzijds oogt de cast zeer hip in de subtiele verwerking van hoodies en trainingsbroeken in de kostuums. Anderzijds doet hun haardos denken aan die van Vikingen. De Graalridders hebben een staf in de hand met Keltisch ogende symbolen die later ook terugkomen op beschilderde doeken. Zes performers vormen het hart van de voorstelling. Zij slagen er als enige in om ons met trage en repetitieve, maar uiterst zorgvuldig uitgevoerde bewegingen mee te nemen in hun trance.
De held
Het verhaal van Parsifal is dat van de held. In het midden van de bühne bevindt zich een kleine uit spiegels gebouwde grot waarop elke projectie versplintert. Daarin ligt een jongen in foetushouding op een schapenvacht. Het blijkt een piepjonge Parsifal te zijn en hij heeft zojuist een zwaan gedood. Hij is een onbeschreven blad en hij kent zelfs zijn eigen naam niet; ideaal heldenmateriaal dus. Terwijl de oude ridder Gurnemanz hem de les spelt, zit Parsifal beteuterd op de steen te luisteren. Zanger Christopher Sokolowski vertolkt zijn rol vanaf de eerste noot met veel overtuiging; hij zingt met de bravoure van een echte Wagner-zanger maar zonder schreeuwerig of krampachtig boven het orkest uit te proberen komen. Daarnaast verhoudt hij zich tot de andere personages zonder te vervallen in overacting. Je ziet zijn personage denken: ‘Waar ben ik in godsnaam terecht gekomen?'
Hoewel de beelden indrukwekkend zijn in hun overweldigende aanwezigheid, ondersteunen ze de muziek niet.
Diezelfde vraag kan je je als toeschouwer ook stellen. Hoewel de beelden indrukwekkend zijn in hun overweldigende aanwezigheid, ondersteunen ze de muziek niet. De beeldtaal die op de bühne wordt gehanteerd is niet alleen overspoelend, maar ook vervreemdend in de brechtiaanse zin van het woord. Aan de kwaliteit van de beelden zie je onmiddellijk dat ze zijn gegenereerd door AI: kraaien die onregelmatig hun vleugels uitslaan en achterstevoren vliegen over een verlaten slagveld. Deze knullige animatie moet ons meenemen op een hero's journey, maar haalt de toeschouwer net uit diens concentratie en leidt af van de muzikale luisterervaring. Hetzelfde geldt voor de symbolen en doeken die regelmatig worden getoond en een pamflettaire functie lijken te hebben.
Een vat vol tegenstrijdigheden
Na de oude ridder Gurnemanz is Kundry aan zet. Ondanks het feit dat Parsifal de held van het verhaal is, is zij het meest fascinerende personage van de opera. Ze is een vat vol tegenstrijdigheden, een ‘wilde vrouw’ die geen rust vindt en veroordeeld werd tot eeuwig dolen omdat ze Jezus bespotte tijdens zijn kruisiging. Ze functioneert als boodschapper van de Graal, maar is evengoed te vinden bij de troepen van de kwaadaardige tovenaar Klingsor. Ze gaat gebukt onder haar veroordeling, maar zou Parsifal moeten verleiden met volle overgave.
Na haar entree in de eerste akte, waarbij ze een balsem voor de gewonde koning Amfortas brengt, gaat ze gelijk liggen, waardoor ze uit het scènebeeld verdwijnt. Helaas wordt dit euvel niet opgevangen door de regie van Kennedy en Selg – er lijkt bijvoorbeeld geen plaats voor haar te zijn in de tableaux vivants. Vanwaar deze passieve regiebehandeling voor zulk een krachtig personage? Ook het verleiden van Parsifal gebeurt mechanisch en zonder veel gevoel. Het duurt tot de tweede akte voordat Kundry de muzikale screentime krijgt die haar personage verdient: op het einde treedt ze daar krachtig op de voorgrond. Als toeschouwer kreeg ik op geen enkel moment toegang tot haar belevingswereld en dat is een gemis. Vooral omdat Kennedy aan het begin van haar carrière voornamelijk sterke vrouwelijke personages naar voren schoof.
Surround sound system
Hoewel niet in originele bezetting, is het wel degelijk het orkest van Opera Ballet Vlaanderen dat je meeneemt op een muzikale ontdekkingsreis van vier uur. Tijdens de grote uithalen doe je nog het best je ogen dicht, want het visuele spektakel dreigt het transcendente gevoel van de muziek te ondermijnen. De Bayreuth Festspiele werd speciaal gebouwd voor de opera's van Wagner en was een van de eerste huizen die het orkest onder het podium in een orkestbak plaatste. Daarnaast had Wagner in zijn zaal nissen voorzien voor de knapen en jongerenkoren.
Wanneer het knapenkoor klinkt vanaf de nok van het dak op het vierde balkon, word je overmeesterd door een cinematische luisterervaring in dolby surround.
Ook de opera van Antwerpen heeft een speciale connectie met ‘Parsifal’. In 1914 werd ‘Parsifal’ daar reeds voor het eerst opgevoerd en vanaf 1926 voerde het deze opera jaarlijks op tijdens de Goede Week. Toch moet de opera van Gent niet onderdoen. Wanneer het knapenkoor klinkt vanaf de nok van het dak op het vierde balkon, word je overmeesterd door een cinematische luisterervaring in dolby surround.
Ondanks de Keltische namen, de heidense symboliek en een occasionele referentie aan het boeddhisme bevat deze opera ontzettend veel verwijzingen naar het christendom en de katholieke kerk. Team Kennedy & Selg hebben die enkel versterkt door ze visueel over te nemen en zelfs te verdubbelen: Amfortas’ lijden wordt versterkt door zijn lendendoek, armbewegingen en het voetstuk waarop zijn voeten rust, de drie koningen worden er zes en ze brengen wierook, mirre en goud met zich mee. Voor hij ten hemel opstijgt, wast Kundry Parsifals voeten. Terwijl hij ten hemel opstijgt, zien we een bloedend Lam Gods op de twee tv-schermen.
Ook deze christelijke excessen halen je uit je concentratie en roepen kritische vragen op. Wat kan deze verheerlijking van het christendom vandaag nog betekenen? Is het geen waanzin dat er vandaag nog een opera wordt gecreëerd met een focus op zuiverheid en puurheid, zonde en zondaar? Dat deze vragen blijven hangen betekent vooral dat ‘Parsifal’ door de visuele overdaad niet de verpletterende luisterervaring is geworden die de opera had kunnen zijn. En dat is zonde.
Genoten van deze recensie?
Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.
Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.
Steun pzazz