Opera

Idomeneo, re di Creta De Munt / Enrico Onofri / Calixto Bieito

Strak in het keurslijf

Met zijn enscenering van ‘Idomeneo, re di Creta’ kiest Calixto Bieito voor een doorgedreven psychologische uitdieping van een verhaal dat al in het libretto bol staat van innerlijke conflicten. Het resultaat is een verzorgde, coherente productie die overtuigt in haar uitwerking, maar als urgente en fundamentele herinterpretatie enigszins tekortschiet.
Idomeneo, re di Creta
Robbe Beheydt De Munstschouwburg, Brussel
meer info download PDF
RECENSIEWORKSHOP
16 april 2026

Het libretto van Mozarts ‘Idomeneo’ situeert zich in de nasleep van de Trojaanse oorlog. Tijdens zijn woelige terugreis belooft de Kretenzische koning Idomeneo in het oog van de storm de eerste persoon die hij aan land ontmoet te offeren aan Neptunus in ruil voor een veilige thuiskomst. De uitverkorene blijkt echter niemand minder dan zijn eigen zoon Idamante. Ondertussen is Idamante verliefd geworden op Ilia, een Trojaanse prinses die als krijgsgevangene naar Kreta werd gebracht, terwijl ook de Griekse Elettra haar zinnen op hem heeft gezet. 

Een poging van Idomeneo om zijn zoon weg te schepen en aan zijn noodlot te ontsnappen mislukt doordat de kusten van Kreta onveilig worden gemaakt door een storm en een zeemonster. Pas wanneer Idomeneo over wil gaan tot het offer en Ilia zich aanbiedt om in de plaats van haar geliefde te sterven, grijpt Neptunus in: Idomeneo wordt van zijn belofte ontslagen, op voorwaarde dat hij de troon afstaat aan zijn zoon.

Psychologische ruimtes

Calixto Bieito plaatst dit drama in een relatief sober decor, met als belangrijkste element enkele panelen die in verschillende constellaties worden opgesteld. Bij de intrede van Idomeneo vormen ze een gang waarvan de wanden hem dreigen te verpletteren, een voorbode van zijn innerlijke conflict. In een scène tussen Idamante, Ilia en Elettra vormen ze beklemmende, gecompartimenteerde ruimtes, waarin elk van de personages afgezonderd zit en werkelijk contact onmogelijk wordt. 

Tegelijk zijn deze ruimtes poreus: figuranten lopen er met enige regelmaat doorheen en verschijnen ook als schimmen achter de semi-transparante panelen. De ruimtes zonderen de personages van elkaar af, maar kunnen hen tegelijkertijd niet beschermen tegen de dreiging die komt van buitenaf – of wie weet wel van binnenuit.

De hele opera lang houdt Idomeneo zich krampachtig vast aan het keurslijf dat zijn maatschappelijke rol aan hem oplegt.

De scenografie maakt meteen duidelijk dat deze regie inzet op de psychologische uitdieping van de personages. Centraal staat Idomeneo, die van bij het begin verschijnt als een gebroken figuur. Met logge passen en een verstarde blik draagt hij het gewicht van zijn dilemma zichtbaar met zich mee. Tekenend is de scène onmiddellijk na het moment dat hij zijn zoon ontmoet: terwijl het koor als een dreigende massa op de achtergrond beweegt, marcheert hij dwangmatig ter plaatse, gevangen in haast mechanische bewegingen. De hele opera lang houdt Idomeneo zich krampachtig vast aan het keurslijf dat zijn maatschappelijke rol aan hem oplegt, terwijl hij zichtbaar gebukt gaat onder het persoonlijke leed dat daaruit voortkomt.

Geketende personages

Ook andere personages zitten binnen Bieito’s regie gevangen in een opgelegde rol. Ilia’s gele gevangenisoverall, besmeurd met bloedvlekken, herinnert er voortdurend aan dat ze een krijgsgevangene blijft die zich moet schikken in het keurslijf dat haar rovers voor haar hebben bestemd. Haar relatie met Idamante biedt geen uitweg maar blijft ook letterlijk een geketende liefde: zelfs wanneer ze elkaar trouw zweren, moet Idamante haar aan een ketting naar zich toe trekken. Bij Idamante ontwaren we een sluimerend vaderconflict. Aan het einde van het tweede bedrijf valt hij Idomeneo aan met een stoel, en zelfs na de finale deus ex machina valt hij zijn vader niet in de armen, maar bedreigt die met een mes. 

Het enige personage waarvoor Bieito weinig empathie lijkt op te brengen is Elettra. Zij wordt voorgesteld als iemand die liefde, begeerte en machtswellust niet van elkaar kan onderscheiden. Tijdens de aria waarin ze haar liefde voor Idamante bezingt, verlustigt ze zich aan een paar van zijn nette schoenen. Haar verlangen richt zich niet toevallig op statussymbolen - Idamante is voor haar niet meer dan een opstapje naar de macht.

Is deze interpretatie wel echt zo diepgravend als ze zich voordoet?

Het koor verschijnt dan weer als een anonieme, dreigende massa die druk uitoefent op Idomeneo. Achter een golvende plastic folie neemt het de gedaante aan van de oncontroleerbare zee. In aanloop naar de finale overlaadt het Idomeneo met kettingen en bordjes met het opschrift ‘KILLER’. De koorleden hangen die rond zijn nek als aansporing om zijn plicht te voltrekken en hen van de dreiging van Neptunus te verlossen. Ze versterken de psychologische druk op Idomeneo die ook in de scenografie al zichtbaar is.

Het heldere psychologische kader dat Bieito voor zijn personages creëert laat de zangers toe om hun rollen overtuigend te vertolken. Joshua Stewart zet het contrast tussen Idomeneo’s innerlijke ontwrichting en zijn uiterlijke daadkracht neer met een fysiek spel op de rand van de afgrond en een krachtige, innemende stem. Shira Patchornik vertolkt Ilia met een fijngevoelige, haast breekbare intensiteit, terwijl Gaëlle Arquez vocaal wat reliëf mist om Idamante in al zijn nuances tot leven te laten komen. Dat laatste kan niet gezegd worden van Kathryn Lewek als Elettra: haar veelzijdige stem leent zich perfect voor de grillen van haar personage en schakelt moeiteloos tussen tedere verleidingskracht en machtsbeluste dreiging. 

Verleiding en vervlakking

Als toeschouwer is het aanlokkelijk zich te verliezen in de veelheid aan symbolen die Bieito inzet om zijn psychologiserende interpretatie kracht bij te zetten. Die veelheid aan mogelijke betekenissen maakt het mogelijk om van alles in de regie te lezen, maar lijkt vooral af te willen leiden van een meer fundamentele vraag: is deze interpretatie wel echt zo diepgravend als ze zich voordoet? 

Hoe coherent ook uitgewerkt, erg origineel is Bieto’s perspectief op de personages niet. 

Door alle personages op een gelijkaardige wijze psychologisch uit te diepen tot mensen die gevangen zitten in een bepaalde rol, dreigt een zekere vervlakking. De ketens die Ilia vasthouden zijn dezelfde als deze die Idomeneo over zijn hals krijgt geworpen. Maar houdt het steek om het lot van een krijgsgevangene op hetzelfde niveau te plaatsen als dat van een koning die bereid is een onderdaan op te offeren om zichzelf te redden, maar door twijfel wordt bevangen omdat het toevallig zijn zoon betreft?

Hoe coherent ook uitgewerkt, erg origineel is Bieto’s perspectief op de personages niet. Bijzonder veel denkwerk vergt het niet om het psychologische conflict van Idomeneo, een Elettra die begeerte en machtslust niet weet te scheiden of de lastige verhouding tussen Idamante en zijn vader in het libretto te lezen. Door de relaties tussen Ilia en Idamante te problematiseren wil Bieito een nieuwe laag toevoegen, maar die boet in aan kracht doordat hij op precies dezelfde manier onder de huid van al zijn personages tracht te kruipen. 

Door het vakwerk in de beeldtaal lijkt die psychologiserende aanpak op het eerste gezicht steek te houden, maar intussen verliest Bieito de onderlinge verhoudingen tussen de personages en hun relatie tot het grotere verhaal uit het oog. En zo dreigt deze regie te eindigen op het punt waar Idomeneo aan het einde van de opera belandt: ontheven van zijn plichten, maar zonder iets wezenlijks te hebben veranderd.


Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz