Idomeneo, re di Creta De Munt / Enrico Onofri / Calixto Bieito
Meer ruis dan betekenis
‘Idomeneo, re di Creta’, ook wel de eerste ‘volwassen’ opera van Mozart genoemd, wordt in de Munt gepresenteerd in een regie van Calixto Bieito en onder muzikale leiding van maestro Enrico Onofri. Samen brengen ze de usual (dramatic) suspects: liefde, jaloezie en een onmogelijk dilemma. Ondanks die grote emoties maakt het drama verrassend weinig los. Maar wacht: kan Quentin Tarantino ons redden?
Een zwart koffertje gaat open. Een onnatuurlijke gloed bestrijkt het gezicht van Idomeneo. Sprakeloos staart de koning in het licht. Je zou denken dat we naar ‘Pulp Fiction’ kijken, maar neen, we bevinden ons in Kreta. Bovendien komen we in tegenstelling tot in Tarantino’s film wél te weten wat er in het koffertje zit: een dolk.
De dolk verwijst naar de gelofte die de koning achtervolgt. Tijdens zijn terugkeer uit Troje belandt Idomeneo in een storm. In doodsangst zweert hij Neptunus dat hij de eerste persoon die hij aan land ontmoet zal offeren. De god houdt woord, maar het noodlot ook: het slachtoffer blijkt zijn eigen zoon Idamante. Terwijl Idomeneo wanhopig aan zijn belofte probeert te ontsnappen, wordt Idamante – zich niet bewust van zijn vaders verzwegen dilemma – verliefd op de Trojaanse prinses en krijgsgevangene Ilia, tot grote frustratie van de jaloerse Griekse Elettra.
De koninklijkheid zelve
In de titelrol zingt de Amerikaanse tenor Joshua Stewart, die in stem en statuur de koninklijkheid zelve uitstraalt. De meest opvallende vertolking is echter voor rekening van sopraan Kathryn Lewek. Hoewel Elettra uit zichzelf al een obsessief en jaloers personage is, lijkt Lewek daar soms zó fel in op te gaan dat je op een bepaald moment niet meer weet of ze in haar spel bewust een karikatuur neerzet. En alsof dat nog niet genoeg is, krijgen we er van Lewek – of vooral van regisseur Calixto Bieito? – nog een emancipatoir project bovenop voor mensen met een schoenenfetisj. Op zeker moment streelt ze zichzelf tijdens het zingen van een aria over haar hele lichaam met een paar mannenschoenen. Een rebels momentje hier of daar moet kunnen, maar op dit moment valt het personage uit de boot.
Het is bijna lachwekkend om na zo’n moment van schoenen-extase terug te keren naar de getormenteerde Idomeneo. Mezzosopraan Gaëlle Arquez overtuigt in de rol van Idamante, een rol die in Mozarts tijd door een castraatzanger zou worden gezongen. Sopraan Shira Patchornik (Ilia) komt niet altijd boven het orkest uit en ook tenor Michael J. Scott (hogepriester) is niet altijd even overtuigend.
Het is alsof Bieito tijdens het sprokkelen niet heeft nagedacht over de vraag waarom bepaalde elementen dramaturgisch wél of niet functioneren.
Getormenteerd of niet, Idomeneo ontsnapt evenmin aan Bieito’s theatrale overdaad. Het koor hangt hem bord na bord met ‘KILLER’ om de nek: het al niet heel subtiele centrale conflict wordt er nog maar eens dik opgelegd. En deze scène is niet de enige: er zijn uiteindelijk wel meer gekke passages die de spanning in de opera eerder doorbreken dan versterken. De Tarantino‑knipoog incluis lijkt het geheel bij elkaar gesprokkeld met twijgjes die zelfs gebundeld dreigen te breken.
Dat de koffer zo goed werkt in ‘Pulp Fiction’ komt natuurlijk net door het feit dat we als kijker nooit te weten komen wat erin zat, wat de inhoud zo speciaal maakte. In 'Idomeneo' is de immateriële inhoud van het koffertje al lang gekend, nog voor we het mes zelfs maar zien. Het is alsof Bieito tijdens het sprokkelen niet heeft nagedacht over de vraag waarom bepaalde elementen dramaturgisch wél of niet functioneren. Los van het feit dat zijn ingrepen niet bijster origineel zijn, stijgt het geheel nooit uit boven de som van de delen.
Een ondergesneeuwde Mozart
Het decor van Anna-Sofia Kirsch brengt geen verdere betekenisverdieping. Het bestaat uit een vierkant van vijf à zes meter hoge, quasi-doorzichtige wanden die in vier delen heen en weer geschoven en herschikt worden. De constructie fungeert afwisselend als paleismuur, kerker of psychische ruimte van de personages, maar blijft ondanks die pragmatische veelzijdigheid visueel weinig beklijvend. Enkele vondsten werken wél: een gigantische rol plasticfolie die in het licht als water in de avondzon glinstert en de wind nabootst, of de plastic bidons die donderend over de bühne rollen als metafoor voor Neptunus’ toorn. Maar zelfs die momenten kunnen ons niet bevrijden van de ongemakkelijke indruk dat er een zekere luiheid in het creatieproces schuilde.
‘Idomeneo, re di Creta’ blijft als geheel steken in een reeks regievondsten die meer ruis dan betekenis toevoegen.
Enrico Onofri verdient een aparte vermelding. Onder zijn leiding brengt het orkest van de Munt een degelijke en elegante uitvoering van het werk van de vijfentwintigjarige Mozart. Het maakt het nog pijnlijker dat deze muzikale kwaliteit geregeld raakt ondergesneeuwd door scenische keuzes die conceptueel misschien interessant lijken, maar in de praktijk weinig rekening houden met het ritme en de adem van de muziek. Je voelt het in de details, zoals wanneer de dansers compleet uit de maat wegmarcheren, maar meer nog in de hele invulling van het personage van Elettra.
‘Idomeneo, re di Creta’ blijft als geheel steken in een reeks regievondsten die meer ruis dan betekenis toevoegen. Mozart componeerde een tragedie vol innerlijke strijd maar Bieito presenteert een spektakel waarin hij Mozart op de achtergrond duwt. Het resultaat is een avond die muzikaal beklijft, maar scenisch te weinig overtuigt.
Genoten van deze recensie?
Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.
Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.
Steun pzazz