Opera

Idomeneo, re di Creta De Munt / Enrico Onofri / Calixto Bieito

Plastiek potentieel

Met ‘Idomeneo, re di Creta’ brengt de Munt een van Mozarts vroegste meesterwerken naar het podium. Regisseur Calixto Bieito laat op scenisch vlak steken vallen en schrapt de balletten, maar gelukkig blijft er een sterke muzikale uitvoering over.
Idomeneo, re di Creta
April Henrist De Muntschouwburg, Brussel
meer info download PDF
RECENSIEWORKSHOP
16 april 2026

Mozarts opera seria uit 1781 combineert de traditionele Italiaanse thematiek met nieuwe Franse visies rond structuur en maakt enorm veel ruimte voor aria’s, recitatieven en balletten. ‘Idomeneo’ was vernieuwend voor zijn tijd, maar raakte intussen sterk verankerd in traditie. Geschreven toen Mozart pas vijfentwintig was, bewijst het zijn sterke dramatische instinct. 

‘Idomeneo, re di Creta’ speelt zich af in de nasleep van de Trojaanse oorlog. Koning Idomeneo van Kreta staat op het punt ten onder te gaan in een schipbreuk wanneer hij aan de zeegod Neptunus belooft om de eerste persoon die hij aan wal ontmoet te offeren. Idomeneo overleeft en maakt zich klaar om een onschuldige op het strand te vermoorden. Dit blijkt echter zijn eigen zoon Idamante te zijn en hij vlucht weg van zijn gelofte. Intussen is Idamante verliefd op de Trojaanse krijgsgevangene Ilia, tot ongenoegen van prinses Elettra, dochter van Agamemnon. Terwijl het Kretenzische volk wordt geteisterd door de toorn van de goden en een zeemonster het eiland bedreigt, raken de verschillende personages verstrikt in een web van plicht, liefde en schuldgevoel.

Muzikaal meesterwerk

Muzikaal overtuigt deze ‘Idomeneo’ vrijwel over de hele lijn. De historisch geïnformeerde uitvoeringspraktijk onder leiding van dirigent Enrico Onofri werkt uitstekend: het orkest speelt helder, transparant en met een levendige dramatische puls. Vooral in de recitatieven, de declamerende zang waarin de dramatische actie plaatsvindt, zorgt zijn begeleiding voor een natuurlijke flow die het verhaal soepel voortstuwt. Ook het koor van de Munt bevestigt zijn reputatie. In de grote tutti-passages klinkt het ensemble krachtig, met een sterke samenhorigheid die de dramatische momenten van de opera extra gewicht geeft.

Dramatische sopraan Kathryn Lewek toont zich vocaal indrukwekkend in de rol van Elettra. Haar aria ‘Oh smania, oh furie!’ is zonder twijfel hét moment van de avond.

De solisten leveren glanzende prestaties. Tenor Joshua Stewart geeft aan titelpersonage Idomeneo zowel een resonante kracht als emotionele verfijning, zelfs in de meest veeleisende passages. Zijn vertolking benadrukt het tragische portret van een koning die bij thuiskomst niet meer terug kan keren naar het verleden en gebroken is door oorlog, trauma en een onmogelijke belofte. Gaëlle Arquez zingt de rol van zoon Idamante met een helderheid die niets inboet op emotioneel vlak. De rol werd oorspronkelijk geschreven voor een castraat en later aangepast voor tenor; tegenwoordig wordt ze vaak vertolkt door een (mezzo)sopraan. Hoewel de keuze niet ongebruikelijk is, blijft het jammer dat de Munt geen tenor heeft overwogen. Het was een interessante en minder vaak gehoorde optie geweest. 

Dramatische sopraan Kathryn Lewek toont zich vocaal indrukwekkend in de rol van Elettra: haar stem is krachtig en beheerst de verbolgen uitbarstingen van het personage met bravoure. Haar aria ‘Oh smania, oh furie!’ is zonder twijfel hét moment van de avond. Shira Patchornik als prinses Ilia is een meer ingetogen lyrische sopraan die de fragiliteit van het karakter mooi in de verf zet. Tenor Michael J. Scott als Gran Sacerdote di Nettuno, de hogepriester, komt minder melodieus voor de dag. Een kleine maar opvallende bijdrage brengt bas Frederic Jost als La Voce. Zijn korte interventie is muzikaal verzorgd en wordt opvallend mooi in de verf gezet door zijn plaatsing in de orkestbak. 

Simpel of simplistisch?

Waar de muziek overtuigt, blijkt de enscenering minder consistent. De opera opent met een sterk beeld: Ilia is omringd door hoge, plastic torens die haar klein en geïsoleerd doen lijken. In de eerste akte wordt dit decor, van scenograaf Anna-Sofia Kirsch, op interessante wijze ingezet. De torens worden voortdurend herschikt en creëren afgesloten, benauwde ruimtes die de innerlijke psychologie van de personages treffend weerspiegelen. Dan verschijnt er een rol cellofaan op het podium die de drenkelingen van Idomeneo ’s boot verstrikt. Het beeld is zeer esthetisch, maar voelt lukraak gekozen en wordt niet verbonden met de rest van de scenografie. Het nogal klungelige werk van Michael J. Scott om de folie af te snijden breekt ook de dramatische spanning van de scène. 

Een opvallend beeld aan het begin van de derde akte is een visnet, gevuld met plastic bidons, dat op het podium wordt neergelaten. Het suggereert de toorn van Neptunus, maar lijkt ook een hedendaagse ecologische verwijzing te bevatten. Het is een krachtig moment dat een brug slaat tussen mythologie en hedendaagse realiteit, al wordt dat potentieel later nauwelijks verder uitgewerkt.

Al wordt Idomeneo zelf overtuigend neergezet als een door oorlog en schuld verscheurde koning, de personenregie is wankel. 

Op andere momenten lijkt de productie juist te vervallen in simplificaties. Hier en daar verschijnen videoprojecties op de torens. Aanvankelijk blijven die eerder decoratief, bestaande uit herhalende natuurbeelden, en voegen ze weinig toe (zonder ook echt te storen). In de derde akte worden de projecties echter sentimenteler en soms leiden ze af, onder meer door het gebruik van homevideo’s en kinderbeelden die de emotionele lading van het verhaal eerder versimpelen dan verdiepen. 

Op het moment dat Idomeneo bekent dat hij verantwoordelijk is voor de toorn van Neptunus en dus de dood van vele onderdanen, verschijnt het koor met bordjes waarop het woord ‘killer’ staat geschreven boven de knielende koning. Het moment creëert spontaan een paar facepalms in het publiek. De banaliteit van de bordjes ondergraaft alle dramatische spanning en roept vragen op: voor wie is deze boodschap bedoeld? In een Italiaanstalige opera over een Grieks verhaal voelt de Engelse tekst vreemd aan. Het effect lijkt vooral gericht op een imaginaire toeschouwer buiten de zaal - esthetiek voor sociale media.

Regie zonder richting

Ook de personenregie is wankel. Idomeneo zelf wordt overtuigend neergezet als een door oorlog en schuld verscheurde koning, waarbij Joshua Stewart fysiek ook veel betekenis weet af te dwingen. Voor de andere personages lijkt de regie echter minder richting te vinden. Vooral de vrouwelijke rollen worden soms banaal of ambigu getypeerd. Ilia verschijnt als een kinderlijke en emotioneel instabiele figuur, een interpretatie die moeilijk te rijmen valt met haar oorspronkelijke karakter. In Mozarts opera is zij een complex personage dat verscheurd wordt tussen liefde en plicht; hier lijkt haar gedrag eerder te suggereren dat zij een vorm van afhankelijkheid of zelfs een soort Stockholm-syndroom ontwikkelt, gespeend van liefde. Haar kostumering, een bebloed gevangenistenue dat zij gedurende de hele opera draagt, versterkt dat beeld.

Het is opvallend dat vooral de vrouwelijke personages minder sterk zijn uitgewerkt en vervallen in zwakke karikaturen. 

Ook Elettra ondergaat hetzelfde lot. Soms lijkt haar gedrag satirisch, dan weer oprecht dramatisch. Tijdens een van haar aria’s vrijt Elettra plots een schoen van Idamante op en boent ze er haar benen mee. Het gaat richting een hysterische en bijna maniakale lezing van haar personage, iets wat Elettra ondanks haar toorn en wraakzuchtigheid niet is. Meer zelfs, in haar personage ligt potentieel voor een tragischer interpretatie: een vrouw zonder thuis, zonder familie, die in een huwelijk met Idamante een kans ziet op veiligheid en erkenning, op de stabiliteit die zij mist.

Interpretaties zijn toegelaten, een regisseur is niet gebonden aan de visies en karakteriseringen van het originele werk. Toch is het opvallend dat vooral de vrouwelijke personages minder sterk zijn uitgewerkt en vervallen in zwakke karikaturen. De prestatie van Idomeneo staat als een huis, maar dat lijkt eerder de persoonlijke verdienste te zijn van tenor Joshua Stewart zelf, in plaats van die van de regisseur.

Dat is jammer, want de productie bevat duidelijk sterke elementen. De muzikale uitvoering is van hoog niveau, het koor van de Munt klinkt indrukwekkend en verschillende solisten brengen de emotionele kracht van Mozarts aria’s overtuigend over. Ook de scenografie in de eerste akte wijst een esthetisch interessante richting aan, met beelden die direct in het geheugen gegrift staan. Desondanks ontbreekt er een duidelijke dramaturgische lijn of keuze voor een van de geïntroduceerde beeldtalen, in plaats van voor allemaal. De opera gooit beeld na beeld naar de toeschouwer zonder coherentie of diepgang. 

Wat rest is een productie waarin het muzikale niveau overschaduwd wordt door een enscenering zonder richting. Het potentieel in Bieito’s regie is tastbaar maar wordt slechts gedeeltelijk benut. Het is misschien wel de meest frustrerende uitkomst van deze ‘Idomeneo, re di Creta’: de culminatie in een opera die zijn publiek onverschillig achterlaat.

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz