AMAI SPECIAAL CHAPEAU De Maan/4Hoog
Eenvoud zonder simplisme
“Kan dat? Of kan dat niet?” Op die simpele vraag hebben Karlien Torfs en Nikolas Lestaeghe, samen met eindregisseur Simon D'Huyvetter, een hele meerduidige kleutervoorstelling gebouwd. ‘Gebouwd’ mag je overigens letterlijk nemen. ‘AMAI SPECIAAL CHAPEAU’ biedt zicht op een podium vol hoge huisjes en andere bouwsels: een blokkendozen stad. Wat eruit opduikt, is minstens zo boeiend.
Theater voor driejarigen verschilt in niets van de betere filosofie of wiskunde: het is de kunst om de complexiteit van het menselijke bestaan uit te puren tot zijn elementaire kern, zonder daarom iets te versimpelen. Precies van zo’n axiomatische kracht is het terugkerende motief van ‘AMAI SPECIAAL CHAPEAU’. Karlien Torfs en Nikolas Lestaeghe introduceren het al meteen bij hun intro. Ze benoemen wat ze doen en zien telkens met ‘dat kan’: opkomen, op het publiek toestappen, ook volwassenen in de zaal zien zitten. “Ja, dat kan.” Tot Torfs ook een derde speler aankondigt, maar er niemand opduikt. “Dat kan niet!”, concludeert Lestaeghe. “Dat kan wel’, repliceert Torfs. Binnen de kortste keren zijn ze aan het bekvechten over mogelijkheden en onmogelijkheden.
“Jongens kunnen geen kindjes krijgen!” Alleen is dat buiten de magie van figurentheater gerekend.
Die spanning tussen ‘dat kan’ en ‘dat kan niet’ is niet alleen dé toegangscode tot theatrale verbeelding – er kan in onze fantasie of op toneel van alles wat in het echt niet kan – maar ook de essentie van ouderlijk gezag. “Nu een pannenkoek? Dat kan niet”, sist Lestaeghe tegen Torfs. Prompt valt er een klein pannenkoekje uit de lucht. Haar blinkende scheve blik naar hem is goud waard. “Dat kan wel!”
Op drie minuten trakteert ‘AMAI SPECIAAL CHAPEAU’ zo op een volledig handboek theater, om dan meteen door te stomen naar een lesje biologie en zelfs het hele normensysteem waarop elke samenleving is gebouwd. Wanneer Torfs zegt dat ze graag een kindje wil, terwijl ze wel alleen is, en Lestaeghe echoot dat hij óók zin heeft in een baby in zijn buik, is het de zaal zelf die hem spontaan terechtwijst. “Dat kan niet!”, krijt een meisje. “Jongens kunnen geen kindjes krijgen!” Alleen is dat buiten de magie van figurentheater gerekend. Opent zich daar nu een luikje in Lestaeghes buik?
Doordacht kleutertheater herken je aan zijn ingenieuze gebruik (of misbruik) van kinderlijke basiscodes, om ook iets te vertellen dat zoveel ruimer of dieper gaat dan hun beperkte leefwereld. Bij ‘AMAI SPECIAAL CHAPEAU’ voel je meteen: check! En dan moet, met het neervallen van het grote doek, de eigenlijke voorstelling nog beginnen...
Omgekieperde speelgoedkoffer
De petite histoire achter deze voorstelling is dat beide makers als goede vrienden zelf de ouders zijn van een driejarige dochter, terwijl Lestaeghe getrouwd is met een man. Ja, dat kan. Precies dat co-ouderschap en andere onconventionele gezinsstructuren vormden de insteek voor de voorstelling. ‘AMAI SPECIAAL CHAPEAU’ surft daarin mee op een golf aan jeugdproducties die morrelen aan alle ingebakken normen en waarden rond gender en heteronormativiteit. Eind 2025 ging bij De Maan bijvoorbeeld ook al ‘Bonjour Mademoiselleke’ in première, over een jongen die ooit als meisje is geboren. Jong geleerd zorgt voor minder ‘verkeerd!’. Meer opties moeten mogen kunnen, bij uitstek voor kinderen.
Torfs en Lestaeghe zijn samen met Simon D'Huyvetter lekker wild gegaan in die verdediging. Grijpgraag wenden ze de vele fantasierijke mogelijkheden van figurentheater aan om en passant ook het klassieke gezin open te gooien. Alles begint bij de miniatuurstad die zich achter hen openbaart, opgetrokken uit meerdere manshoge huizenblokken en een berglandschap, ergens tussen 2D en 3D in. Het ziet er allemaal behoorlijk bric-à-brac uit, als een illustratieboek in waterverf dat uit zijn band is gesprongen. De hele verdere voorstelling ligt al in die betoverende geografie op scène besloten. Achter elk lichtgevend venstertje, achter elk luikje dat open kan, schuilt weer een ander verhaal.
Altijd rest er een volgend huisje dat zijn bijzonderheid nog niet heeft ontsloten.
Eén stijl is er niet, wel integendeel. Van een nieuw samengesteld circusgezin in het eerste huis – een playmobil papa, plusmama en drie spruiten die wiebelachtig balanceren in hun familiale evenwichtsoefening – gaat het naar een koekoeksklok met twee tuinkabouters (uit de iconische ‘Gnomes’-reeks van Wil Huygen en Riet Poortvliet) die net een robotje zonder ouders hebben geadopteerd. Consequent is er gekozen voor een superdiversiteit aan poppen, waartussen beide makers heen en weer bewegen als zowel spelers, animatoren als buiksprekers. Altijd rest er een volgend huisje dat zijn bijzonderheid nog niet heeft ontsloten.
Een oneindige familie Furbies met maar één slaapkamer, de schim van een mummelende alleenstaande ballonvaarder, een kudde schapen als één wollige commune, een baby dino in mousse met twee oma’s van miljoenen jaren die pannenkoeken platslaan aan de lopende band: ‘AMAI SPECIAAL CHAPEAU’ is één omgekieperde speelgoedkoffer met een boodschap. “Zeg niet te snel: dat kan niet. Want misschien kan het wel!”
Details met een hart
Die morele take-away, verpakt als een vrolijk Furby-liedje, expliciteert alleen maar wat de hele voorstelling al vanzelf voelbaar maakt: op verbeelding staat geen maat, dus waarom zouden we die dan wel inroepen voor de vorm van een gezin? Tegelijk ligt die thematiek er nooit dik op, zelfs niet in het roerend poëtische slot waarin Torfs en Lestaeghe ineens hun eigen nageslacht in de ogen kijken. Ze wilden een kindje? Dáár is hun derde speler!
Dit is geen loutere creatieve animatie ‘voor kindjes’, maar vooral ook voor de makers een project waar hun hart in ligt. Dat voel je.
Aan noodzaak achter deze voorstelling dus geen gebrek. Hoe uitgelaten veelzijdig ze zich ook ontrolt, op loze willekeur zal je ze niet betrappen. ‘AMAI SPECIAAL CHAPEAU’ is geen loutere creatieve animatie ‘voor kindjes’, maar vooral ook voor de makers een project waar hun hart in ligt. Dat voel je. Dat merk je ook aan de vindingrijkheid achter elk detail, zoals de schapen die vanop twee gescheiden bergtoppen ‘meieiei’ en ‘weieiei’ tegen elkaar kwelen: de hele individualisering en polarisering van deze epoque in één beeld. Ja, dat kan! Doordachte eenvoud zonder simplisme of essentialisme: dat is wat kleutertheater bijzonder maakt. Deze voorstelling van De Maan en 4hoog heeft het helemaal.
Genoten van deze recensie?
Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.
Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.
Steun pzazz