Performance

La Noche De Aparicion Désirée 0100

Wat ons angst aanjaagt, is niet Mexicaans

‘La Noche De Aparicion’ van choreografe Désirée 0100 is een horrorvoorstelling over Mexicaanse mythes. Op het eerste gezicht best leuk maar oppervlakkig, blijken de verhalen bij nader inzien een scherpe kritiek op hoe Hollywood onze kennis over Mexicaanse cultuur kleurt. 

La Noche De Aparicion
Elie Agniel Beursschouwburg, Brussel
19 februari 2026

Zodra je neerzit, word je ondergedompeld in een diepe duisternis. Een schelklinkende wind blaast onheilspellend door de speakers terwijl de scène geleidelijk aan verlicht wordt. Een elektrisch orgel klinkt, op de achterwand verschijnt podiumbreed een schildering van dorre bomen in een woestijn. 

Désirée 0100 komt in een witte bruidsjurk op. Haar fiere glimlach verraadt een enorme zin om hier te staan maar steekt fel af tegen de griezelige sfeer. Ze zal er drie verhalen brengen, geïnspireerd op Mexicaanse folklore, vertelt ze. Het is geen geschiedenisles, die moeten we zelf maar opzoeken. Elk verhaal leidt ze in met een vraag zoals: kunnen geesten met ons communiceren en moet dat altijd zo onnozel dramatisch of zijn slaande deuren een vorm van communicatie uit het hiernamaals?

Dansers Ellen Verbeek en Lulu Muñoz komen een voor een op. Het is in het donker eerst nog moeilijk te onderscheiden, maar Stef Assandri ontwierp spannende, vleeskleurige pakjes met tekeningen van botten. Het eerste ‘lijk’ wandelt met een teleurgestelde pas wat verveeld rond, zet zich neer, wrijft wat afwezig over de grond. Een tweede lijk komt op, energieker, nieuwsgieriger. Tussen de toeschouwers en de dansers is een doorzichtig vlies gespannen. Dat moet waarschijnlijk aanduiden dat zij al in de wereld van de doden zitten en wij bij de levenden. 

Net als bij de betere horrorfilm, omarm je het gevoel dat je je ongeloof even opzij mag zetten.

Alsof de muziek van ergens ver komt aangewaaid, weerklinkt steeds luider Amerikaanse dansmuziek uit de jaren 1920. De twee dansers jutten elkaar op en zetten een choreografie in die wel heel erg doet denken aan Disney’s eerste ‘Silly Symphony’, een korte tekenfilm waar skeletten een – westers-Europese – dodendans opvoeren. Ze stappen met grote, karikaturale passen van de ene kant van de ruimte naar de andere of dansen afwisselend verleidelijk alsof ze op het podium van een cabaret staan. Tot er eentje tegen het vlies botst, en ontdekt dat er een andere wereld is. Voorzichtig kruipen ze onder het vlies en begeven zich naar ‘onze’ kant. Steeds luider klinkt de muziek, ditmaal onmiskenbaar het geluid van een draaiorgel van een kermis, terwijl de dansers op en neer wippen als tekenfiguurtjes.

De voorstelling lijkt op het eerste gezicht een artistieke horrorshow met goeie dansers en een immersief geluidslandschap (sterk werk van medebedenker en danser Lulu Muñoz!). Désirée slaagt er gaandeweg in om met muziek, geluid, een indrukwekkende hoeveelheid rook en belichting bij momenten kippenvel te bezorgen. De choreografe zet volop in op bekende horrorclichés als vrouwen met een kalend hoofd, bruiden in witte jurken, maskers met bloedende ogen, spinachtige bewegingen met armen en benen en teksten die verwijzen naar wandelende, rottende lijken. Net als bij de betere horrorfilm, omarm je het gevoel dat je je ongeloof even opzij mag zetten. Bijna actief kan je beslissen mee in de wereld van verschijnende geesten te stappen.

Toegegeven, soms vraagt dat meestappen wel wat werk. De scenografie haalt je soms uit die wereld door het te letterlijke spel met het scheidend vlies en ook de dolende bewegingen zijn bijwijlen vlakjes.

Wat met Amerika?

Enkele dagen later is het niet de horror die me bezighoudt. Voor het tweede deel van ‘La Noche De Aparicion’ komt Désirée 0100 opnieuw in haar wit trouwjurk op. Ze fantaseert dat overledenen misschien letterlijk de weg kwijt zijn in hun nieuwe wereld, dat sterven toch ook een hele verhuis is naar een plek die je opnieuw moet ontdekken, bewonen. Ze vertelt ook nog dat ze als Mexicaanse maker de hele tijd over twee zaken moet praten: drugssmokkelaars en de ongezonde relatie tussen Mexico en Amerika.

De voorstelling wemelt van verwijzingen naar het allesverslindende, cultureel toe-eigenende Amerika. Soms vrij letterlijk, denk maar aan de vrolijke Amerikaanse dansmuziek, de Hollywood-horrorreferenties, de cartooneske danspassen. Maar ook inhoudelijk. In het laatste deel voert Désirée La Llorona op. Deze Mexicaanse en Latijns-Amerikaanse spookfiguur verdronk volgens de vertelling haar eigen kinderen en dwaalt sindsdien langs rivieren en wateren, huilend en roepend, op zoek naar haar verdronken kinderen. De manier waarop ze zo onrespectvol geportretteerd wordt in Hollywoodfilms – zoals in Michael Chaves’ ‘The Curse of La Llorana’, bijvoorbeeld – is stuitend, vindt Désirée. La Llorona is geen mentaal gestoorde, bloeddorstige moordenaar maar vertelt een veel genuanceerder verhaal, waarin een geest tevens waarzegster van barre tijden is, van de Spaanse genocide op de Azteken of de Amerikaanse expansiedrang en een figuur die de pijn van verlies en geweld belichaamt.

Désirée 0100 toont je de Mexicaanse dodencultuur in een taal die je herkent, maar die een cultuur miskent.

Er is een toevloed aan Amerika-kritische voorstellingen, de laatste jaren. Denk maar aan Lieselot Siddiki’s ‘The Truthful’, waar ze Amerikaanse megakerken, MAGA-fanaten en religieuze zeloten analyseert. Of nog recenter, ‘Wavelength’ van Haider Al Timimi, waar de Belgisch-Iraakse choreograaf in discussie gaat met een Amerikaanse danser. Ondertussen gaat de Europeaan in beide stukken wat makkelijk vrijuit.

Maar net daar dwingt ‘La Noche De Aparicion’ onverwachts wel een kritische houding op. In de selectie van verhalen van Désirée is het best confronterend om te beseffen dat mijn kennis over Mexicaanse cultuur vooral uit Amerikaanse bronnen komt. Désirée toont hoe de Mexicaanse cultuur van spoken en dodenverering door andere landen werd overgenomen en vervormd. 

'La Noche De Aparicion’ is op het eerste gezicht soms wat te rechtuit en vermakelijk. De passages met de dansende skeletten zijn grappig, de fluisterende geesten over rottende lijken eng. Maar de voorstelling is ook een spiegel. Ze toont je de Mexicaanse dodencultuur in een taal die je herkent, maar die een cultuur miskent. Wat eng is, is niet Mexicaans, maar wel het cliché ervan: de vervormde, vermonsterlijkte, Hollywoodversie. 

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz