Jeugdtheater

ik werd als eerste wakker Klein Drama

Over groeien en afscheid nemen

‘ik werd als eerste wakker’ is de tweede voorstelling van het relatief nieuwe kleutertheatergezelschap Klein Drama - het artistieke kindje van Raf Walschaerts en Katrien De Bruycker. Deze tweede spruit is gedurfder en uitdagender dan het debuut ‘morgen is 1 keer slapen’ en toch nog steeds perfect op maat van het allerkleinste (2,5) publiek. Je voelt aan alles: hier zit expertise.

ik werd als eerste wakker
Evelyne Coussens Minardschouwburg, Gent
14 januari 2026

Die expertise mag niet verwonderen: Walschaerts en De Bruycker waren jarenlang vaste waarden bij dat andere (en pionierende) kleutertheatergezelschap in Gent, 4Hoog, waar Simon d’Huyvetter momenteel artistiek leider is. ‘morgen is 1 keer slapen’ (met actrice Elena Peeters) was hun visitekaartje voor een herintrede in het jeugdtheaterlandschap. Afnemers van werk voor die specifieke leeftijd zijn grotendeels scholen, de facto: kleuterleiders en -verzorgers. ‘morgen is 1 keer slapen’ ging voor het heldere narratief, de beknopte tekst, een herkenbare en geruststellende vormgeving en een klein toefje magisch denken. Een zeer degelijke maar ook wat brave voorstelling die ten aanzien van een gekend doelpubliek op veilig leek te spelen. Fijn om te zien dat opvolger ‘ik werd als eerste wakker’ weg durft te evolueren van die risicomijdende ingrediënten, en een rijkere en emotioneel verdiepende creatie is geworden.

Veel van die gewonnen dynamiek heeft te maken met de verschijning van cabaretier/actrice Rosalie Custers. Ze communiceert in haar expressie, lichaamstaal en muzikale kwaliteiten (de liedjes, haar stemgebruik) kraakhelder zonder te expliciet over de kinderen heen te walsen. Op een sobere bühne met enkel een achtergrondscherm vol vuile vegen verschijnt deze ‘grote’ Rosalie met een ladder, die ze aan de linkerzijde tegen het scherm plaatst. Met haar handen ‘tekent’ ze een maantje in de linkerbovenhoek (video-animatie: Sandra Verkaart), waarna het verhaal van ‘kleine Rosalie’ van start gaat. Met het scherm op de achtergrond als projectievlak voor de wereld vertelt Custers over de geboorte, het opgroeien en de ontdekkingstocht van deze kleine Rosalie in een steeds groter wordende wereld. De muziek van Walschaerts, Sara Salvérius en Helder Deploige zorgen daarbij voor de juiste emotionele onderstroom.

Twee maal groei

Was de wereld bij ‘morgen is 1 keer slapen’ een andere wereld, een fictieve of magische wereld buiten de realiteit, dan is ‘ik werd als eerste wakker’ flink geworteld in de echte wereld die bij elke stap in het proces van opgroeien verandert. De video-animatie van Verkaart, waarmee Custers slim in interactie gaat, maakt dat proces erg helder. De figuurtjes die erin verschijnen zijn eenvoudige ‘kopvoeters’ zoals kleuters die tekenen. In het begin is er in de wereld van de baby Rosalie enkel een ik, een klein wezentje met een enorme mond. Het kan enkel via die reusachtige huilende opening zijn basale noden communiceren. Langzamerhand verschijnen ‘anderen’ in de wereld van de baby. Eerst zijn dat nabije anderen zoals mama, papa en oma, daarna breidt de wereld stukje bij beetje uit naar de tastbare omgeving: het park, de bomen, de eendjes. Na kruipen komt praten, stappen, lopen, fietsen. ‘Kijk, een boom in bloei, kijk, ik groei’ - dat vat het wel zo’n beetje samen.

Dit is geen particulier verhaal, maar het verhaal van ons allemaal.

Dat simultane groeiproces, van een kind en van de wereld rond maar ook in en voor het kind, is misschien het wat het meest ontroert aan ‘ik werd als eerste wakker’. In de zo sobere maar zo efficiënte tekeningen schuilt het wonder van het leven, dat eigenlijk kan worden samengevat als: in beweging blijven en steeds meer relaties aangaan. De tijd verglijdt en een kind op een fiets legt nu de in haar gedachten enorme afstand af van het begin naar het einde van de straat, waar oma woont. Trappelend op haar vastgeschroefde hometrainer zoeft Custers (dankzij de verglijdende tekeningen op de achtergrond) door de seizoenen van haar kleutertijd. Die beweging is een bijna filosofisch narratief waarin de abstractie van het getekende precies doel treft: dit is geen particulier verhaal, maar het verhaal van ons allemaal.

De Bruycker en Walschaerts weten echter donders goed dat een kleutervoorstelling niet alleen lyriek en poëzie behoeft, maar ook epiek, actie. Dus verweven ze door en tussen deze ‘humuslaag’ ook anekdotische situaties, zoals de telefoon die rinkelt, de kleuterwoede om een geweigerde boterham met choco, de zoektocht naar oma’s bril.

Groei en krimp

Hier dreigt ‘ik werd als eerste wakker’ even te vervallen in een doorsnee grappige-situaties-kleutervoorstelling, maar gelukkig pikt het grote verhaal snel weer aan bij het belangrijkste motief van de voorstelling: de tijd. Oma blijkt in de omgekeerde richting te groeien als Rosalie: van fier rechtop naar steeds krommer en steeds meer gebogen - tot ook de mens blijkt te vergaan, zoals uiteindelijk ook de knoppen aan de bomen. Zo wordt een verhaal van groei tegelijkertijd een verhaal van afscheid. De eerste confrontatie met eindigheid brengt voor de kleine Rosalie meteen nieuwe en grote vragen met zich mee: wat betekent het om groter te zijn, oud te worden, om zelf kinderen of kleinkinderen te hebben, om dood te gaan?

De inhoudelijke invulling van die vragen blijft overigens wél erg stereotiep. Wie dieper graaft onder dat mooie sluiten van de cirkel - van geboorte over opgroeien naar dood - vindt bij Klein Drama concrete antwoorden die erg normbevestigend zijn. De relaties die Rosalie aangaat zijn die met mama, papa en oma, de wereld waarin ze opgroeit is vredig en behaaglijk, de dromen die ze koestert gaan over prinsessen en brandweermannen.

Moeten Walschaerts en De Bruycker dan de genocide in Gaza erin gooien? Neen, natuurlijk niet.

Ik worstel, te midden van een zaal vol instappers en eerstekleuters, met mijn eigen verlangen naar een wat bredere kijk op kerngezin en wereld, naar een wat scherper, inclusiever en minder braaf wereldbeeld. Moeten Walschaerts en De Bruycker dan de genocide in Gaza erin gooien? Neen, natuurlijk niet. En de aanwezigheid van de dood zorgt wel degelijk voor een weerbarstig haakje in het feelgood-verhaal. Is dat voldoende uitdagend? Het opent bredere vragen. Is kleutertheater erop gericht om een publiek iets te laten voelen over het leven - inclusief het ongemak en de ‘onmaat’ (een term van Pascal Gielen) die veel kinderen zelf ervaren? Of moet het in de eerste plaats een veilige plek zijn voor eerste verkennende ervaringen met theater? Ik ben er zo nog niet uit. 

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz

Uw steun is welkom
Pzazz.theater vraagt veel tijd en inzet van een grote groep mensen. Dat kost geld. Talrijke organisaties steunen ons, maar zonder jouw bijdrage als abonnee komen we niet rond als we medewerkers eerlijk willen betalen. Uw steun is van vitaal belang en betekent dat we onafhankelijk recensies over de podiumkunsten kunnen blijven schrijven. Alvast bedankt!

Steunen Login