Toneel

Gevechten en metamorfosen van een vrouw Ivo Van Hove / ITA

Hoe een vrouw ontsnapt aan haar lot

‘Gevechten en metamorfosen van een vrouw’ is een portret van een moeder die haar vrijheid verovert. Ivo Van Hove regisseerde. Het is ontroerend en schitterend gespeeld. Marieke Heebink mag u niet missen

Uitgelicht door Johan Thielemans
Gevechten en metamorfosen van een vrouw
Johan Thielemans Toneelschuur, Haarlem meer info
17 september 2021

De jonge Franse schrijver Edouard Louis schreef een reeks romans die openlijk autobiografisch zijn. Zo weten we dat hij een moeilijke verhouding had met zijn vader. In de roman ‘ Combats et métamorphoses d'une femme’ leren we zijn verhouding tot zijn moeder kennen. De schrijver belooft nu al een volgende lijvige roman waarin hijzelf de hoofdrol speelt.

Louis is geen toneelauteur, maar een romancier, maar heel wat theatermakers vinden de stof zo interessant dat ze toneelbewerkingen maken. Voor deze laatste tekst, ‘Gevechten en metamorfosen van een vrouw’ heeft Ivo Van Hove zelf de vertaling én de bewerking gemaakt.

Het verhaal is eenvoudig: de zoon wordt sociaal niet aanvaard door leeftijdsgenoten omdat hij homo is. Thuis ziet hij hoe zijn moeder nauwelijks psychisch overleeft. Hij ontdekt een foto waarop hij een vrolijke jonge vrouw ziet, die vol hoop naar de toekomst kijkt. Van dat hoopvol beeld blijft niets over. Zijn moeder is in de armoede gesukkeld en gereduceerd tot steeds dezelfde huiselijke taken. De hoop is door sleur vervangen.

De verhouding met een zieke vader is ronduit slecht (dat leerden we reeds uit de voorstelling ‘Ik heb mijn vader gedood’). De zoon ziet met lede ogen aan hoe zijn moeder verpletterd wordt door de omstandigheden. Hij spoort haar tot opstand aan en uiteindelijk heeft de moeder er oren naar. Ze gooit alle spullen van haar man naar buiten – een moment van grote opluchting. We zien voor onze ogen de grote metamorfose. Wat die oude foto beloofde is niet helemaal verloren gegaan. Ze verlaat het pand en we zien haar terug in Parijs. Nu is ze geen sloor meer, maar een nette burgerlijke dame. Haar geluk hangt samen met de sociale klasse waartoe ze behoort. Door een metamorfose heeft ze sociaal een andere plek veroverd. Het is de sleutel tot haar succes.

Het is duidelijk dat de voorstelling een boodschap heeft: we moeten ons niet neerleggen bij de fataliteit van een sociale positie. Om te breken met een ondraaglijke toestand is er moed nodig. Alleen een opstandig iemand kan zich ten volle ontplooien. Het is deze metamorfose die we voor onze ogen zien gebeuren. De voorstelling sluit af met het beeld van een gelukkige, bevrijde vrouw.

Ik hou van dit beeld, maar ben me wel bewust van de mogelijke consequenties: tegen wat kan deze vrouw haar verdrukking verruilen? Door zich bij de burgerlijke klasse te voegen. We zien dat haar geluk erin bestaat om te gaan eten in een rijke Parijse tent. Er hangt een schaduw van ‘vals’ geluk over dat laatste tafereel. Voor de overtuigde linkse schrijver Edouard Louis, die volledig onder de invloed staat van de radicale filosoof Geoffroy De la Gasnerie, kan dat niet anders dan een ironische goede afloop zijn. Misschien zullen we daar meer over vernemen in zijn volgende autobiografische roman.

Jan Versweyveld onderstreept het belang van de sociale achtergrond in dit verhaal met een pijnlijk realistisch décor. We zien een keuken waar alles opgepropt staat : de wasmachine, de pompbak, een friteusestel, een radio, het ene object al goedkoper dan het andere.

De voorstelling wordt door twee spelers gedragen. Majd Mardo, één van de jonge talenten bij ITA, is een gevoelige jonge man, die zijn eigen problemen opzij kan zetten en zich volledig wijdt aan de bevrijding van de moeder. Hij speelt erg zuiver, zelfs ingehouden, tot een paar scenes waar grote emoties worden aangesproken. Het is allemaal fijn gedoseerd.

De moeder is een glansrol van Marieke Heebink. Ze stuift het toneel op met de mededeling dat ze eindelijk op reis kan : meteen weten we hoe klein haar grote droom is. Dan zien we haar dagelijkse besognes. Ivo van Hove heeft deze sleur telkens met een kleine theatrale overdrijving geënsceneerd. Het is een meeslepend heen en weer tussen het zuiverste realisme en de lichte of niet zo lichte overdrijving. Zo wordt er tot driemaal frites gebakken, waarna ze in de vuilbak terechtkomen, of op de grond vallen en daar blijven liggen. Ook de afwas is een terug kerende scene vol frustratie en kletterende borden. Maar als er een song weerklinkt ontploft er plots een onvermoed enthousiasme, dat zich uit in een uitzinnige dans. Al keert de sleur vlug weer. Maar we weten dan dat er binnenin de vrouw een vulkaan brandt.

Als de moeder beslist om een einde aan haar ellende te maken en alles van de vader opruimt - en er uit alle kasten en laden kledingstukken tevoorschijn komen die met kraaiende vreugde door het raam worden gegooid, wordt ze met evenveel overtuiging geholpen door haar zoon. Het is de grote scene van de bevrijding, ook het ogenblik van de grote metamorfose. Dat is ook het ogenblik, waar de actrice Marieke Heebink straalt. Als de moeder later in Parijs verschijnt, is ze niet langer de armoedige arbeidersvrouw, maar maakt Heebink met de geringste middelen duidelijk dat ze een andere persoon is geworden. Als ze het toneel verlaat, weten we dat we getuige waren van een uitzonderlijk ogenblik acteren.

Zo is deze voorstelling een bijzonder samengaan van een interessante tekst, een geïnspireerde regie, en een magisch acteermoment.  Het is duidelijk: dit is een quasi perfecte voorstelling.

Beschikbaar voor iedereen, gefinancierd door lezers en organisaties.
Steun pzazz met een abonnement.

Abonneren