Performance

You Cannot Can Dana Michel

En eaux troubles

Au cœur du Kunstenfestivaldesarts, Dana Michel présente ‘You Cannot Can’ dans la piscine Art déco des Marolles, utilisée pour l’occasion comme espace performatif. Le dispositif d’entrée est immersif : après avoir quitté le froid extérieur, on retire chaussures et couches de vêtements avant de s’installer au bord du bassin, à mi-chemin entre théâtre et activité sportive collective. Dès lors, la pièce place le spectateur dans un rapport sensible au corps, à l’eau et à la vulnérabilité. Pourtant, la performance s’enlise progressivement dans une errance répétitive, jusqu’à provoquer une impression de stagnation et d’épuisement. (NL Vertaling onder)        

You Cannot Can
Lodie Kardouss Zwembad van het centrum, Brussel, in het kader van het Kunstenfestivaldesarts 2026
17 mei 2026

Pour cette dernière création, la créatrice montréalaise explore des récits et réalités socio-économiques liés au fait de nager et à l’accès à l’eau. Le texte de présentation ouvre ainsi de nombreuses pistes, évoquant la peur de l’eau, la transmission familiale, le rapport à soi, l’émancipation et la libération. Tout semble annoncer une métamorphose — intime, politique ou collective.

Il est possible que certaines des références mobilisées dans le spectacle s’inscrivent dans un imaginaire marqué, notamment en Amérique du Nord, par l’histoire de la ségrégation et des inégalités d’accès aux espaces aquatiques, souvent associées à des enjeux de classe sociale.

Dans le contexte bruxellois — et plus particulièrement celui des Marolles, quartier traversé par d’importantes transformations sociales et migratoires — ce lieu renvoie à une autre mémoire collective. Inaugurée en 1953 et anciennement bains-douches, la piscine conserve l’idée d’un espace collectif et accessible, pensé comme un besoin essentiel partagé.

Le rapprochement entre ces différentes histoires de l’espace public et des inégalités sociales constitue en soi une piste riche et stimulante. Mais encore faut-il que la pièce parvienne à rendre sensibles les liens qu’elle tente d’esquisser entre ces différents régimes d’expérience. Or, ce point de rencontre demeure ici souvent difficile à saisir dans la proposition.

Une immersion sans prise

Dana Michel apparaît comme une silhouette fermée : visage caché sous une casquette, cheveux recouvrant le visage, peignoir, grandes bottes blanches. Son corps semble hésitant, maladroit, comme figé devant l’eau. Cette fragilité ouvre d’abord une promesse dramaturgique nette.

La performeuse se maintient dans un état de suspension : elle grogne, se cherche, se déguise, touche l’eau sans vraiment y entrer, puis y flotte finalement sans direction. Autour d’elle, les objets s’accumulent — marmites en inox, bidons en plastique, jerrican en métal, perruques, castors en peluche, mini-saxophone jouet, accordéon, costumes hétéroclites — sans jamais produire de véritables tensions entre eux.

Le problème n’est pas l’étrangeté, mais l’absence de mise en relation.

Le problème n’est pas l’étrangeté, mais l’absence de mise en relation. Chaque geste semble ouvrir une piste aussitôt refermée. À mesure que la performance avance, cette dispersion produit moins de mystère que de distance : non pas parce que l’on ne comprend pas, mais parce que rien ne se construit réellement dans le temps partagé avec le spectateur.

Une œuvre peut être ambiguë, fragile, inachevée. Ici, cette ouverture ne parvient pas à se transformer en expérience. Le temps s’étire sans progression perceptible, et l’incertitude bascule progressivement dans une forme d’inertie. ‘You Cannot Can’ laisse l’impression d’une promesse théorique forte dont l’incarnation reste inaboutie. Cette disjonction rend la proposition pesante, malgré sa richesse apparente.

NL Vertaling

In troebel water

Nu het Kunstenfestivaldesarts op volle toeren draait brengt Dana Michel ‘You Cannot Can’ in het art-deco-zwembad van de Marollen, dat voor de gelegenheid dient als speelruimte. Het zwembad betreden is een immersieve ervaring: eens uit de kou van buiten trek je je schoenen en de meeste kleding uit en neem je plaats aan de rand van het bad. Die setting houdt het midden tussen een theater en een collectieve sportactiviteit. De voorstelling dompelt je zo als toeschouwer onder in een gevoelsmatige relatie tussen lichaam, water en kwetsbaarheid. Geleidelijk aan verzandt de performance echter in een repetitieve dooltocht, die je met een gevoel van stilstand en uitputting opzadelt.

De performancekunstenares uit Montreal verkent in haar nieuwste creatie sociaaleconomische verhalen en realiteiten die verband houden met zwemmen en de toegang tot water. De inleidende tekst opent een heleboel perspectieven, en gaat dieper in op angst voor water, familiale overlevering, de relatie tot jezelf, emancipatie en bevrijding. Alles lijkt aan te sturen op een metamorfose — intiem, politiek of collectief.

Mogelijk spelen in de voorstelling ook aspecten mee die, met name in Noord-Amerika, teruggaan op de geschiedenis van segregatie en ongelijke toegang tot waterfaciliteiten - vaak gelinkt aan sociale klasse. In de Brusselse context, meer bepaald in de Marollen, een wijk die ingrijpende sociale en met migratie verbonden evoluties doormaakte, roept de badinrichting een nog ander collectief geheugen wakker. Het zwembad werd in 1953 geopend en diende aanvankelijk als openbaar badhuis. Dat idee van een collectieve en toegankelijke ruimte hoort er vandaag nog altijd bij, als een essentiële, gedeelde behoefte.

De relatie tussen de verschillende verhalen rond openbare ruimte en sociale ongelijkheid vormt op zich een rijk en inspirerend uitgangspunt. Maar dan moeten de verbanden voelbaar kunnen worden tussen de verschillende ervaringen die de voorstelling probeert te schetsen. Net die raakpunten zijn echter moeilijk te onderscheiden.

Immersie zonder houvast

Dana Michel verschijnt als een compleet in zichzelf gekeerde figuur: haar gezicht verborgen onder een pet, haren die haar gelaat bedekken, een badjas en grote witte laarzen. Haar lichaam lijkt te aarzelen, onhandig en verstijfd omwille van dat water. Die kwetsbaarheid houdt aanvankelijk een heldere dramaturgische belofte in.

De performer lijkt te zweven in een tussenstadium: ze gromt, aarzelt, trekt zich terug, raakt het water aan zonder er echt in te duiken, drijft er tenslotte doelloos in rond. Om haar heen stapelen de voorwerpen zich op – stalen potten, plastic blikken, een metalen jerrycan, pruiken, pluchen bevers, een mini-speelsaxofoon, een accordeon, veelkleurige kostuums. Nooit verschijnt er zoiets als een echte spanningsverhouding tussen dat alles.

Het probleem is niet dat het getoonde vreemd is, maar dat elke samenhang ontbreekt.

Het probleem is niet dat het getoonde vreemd is, maar dat elke samenhang ontbreekt. Elke beweging lijkt een spoor te openen dat onmiddellijk weer dichtslibt. Naarmate de voorstelling vordert, roept die versnippering minder mysterie dan wel afstand op: niet omdat je het niet begrijpt, maar omdat er niet echt iets gebeurt, iets tot stand komt in de tijd die wordt gedeeld met de toeschouwer.

Een werk kan dubbelzinnig zijn, kwetsbaar of onvoltooid. Maar hier slaagt de performer er niet in om de oorspronkelijke aanzet uit te werken tot een reële ervaring. De tijd rekt zich uit zonder tastbare vooruitgang, en de onzekerheid slaat geleidelijk om in een soort inertie. ‘You Cannot Can’ laat je achter met de indruk van een sterk theoretisch ontwerp dat onafgewerkt blijft. Een rijk idee dat zijn belofte niet waarmaakt. (NL Vertaling Mia Vaerman)        

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz