Theater

Noli me tangere Ali Asghar Dashti & Nasim Ahmadpour

Als alleen woorden overblijven

‘Noli Me Tangere’ van Ali Asghar Dashti en Nasim Ahmadpour is een verwarrende trip. De twee Iraanse theatermakers vragen erg veel van hun publiek. Wie toch door de vele tekst ploetert, de vele herhalingen trotseert en de vele draden niet kwijtraakt, ontdekt een haast niet met woorden te vatten verhaal van verlies en hoop.

Noli me tangere
Elie Agniel Beursschouwburg, Brussel, in het kader van Kunstenfestivaldesarts 2026
24 mei 2026

Het podium is pikdonker als de toeschouwers plaats nemen. Enkel een vleugelpiano is net zichtbaar. Als het podium in een flits verlicht wordt merk je dat een dik gaas het speelveld van de toeschouwers scheidt en het podium in schemer hult. Drie spreken daarna tot het publiek vanuit de zaal. Je krijgt ze nooit te zien.

Onaanraakbaar

Even onaanraakbaar is de acteur die de hoofdrol had moeten spelen in de voorstelling, Hossein Mohammadi. De man staat dan wel in het programmaboekje, maar in de realiteit zit hij vast in een gevangenis in Iran. Dat hij de enige speler is die het podium van de Beursschouwburg op zou mogen van de twee makers blijkt pas laat in de voorstelling. Tot dan wachten we, samen met vier stemacteurs die tussen het publiek zitten. Dashti – de regisseur en tevens een van de vier stemacteurs in het stuk – vraagt meermaals aan Golshan Panahian, de vrouw van Mohammadi, om de afwezige acteur te beschrijven. Ook de theaterleraar van Dashti wordt beschreven door zijn vrouw Mahsa Dehghanipour.

Golshan is aanvankelijk nog terughoudend in haar beschrijvingen. Ze beschrijft haar gemis aan de hand van ‘posts’ die ze voorleest en dateert. Zo kom je erachter dat haar man acteur was, nog minstens zeven jaar moet zitten, en dat ze verlamd wordt door dat gemis. Het ene moment voelt ze zich afgescheiden van de wereld door zijn afwezigheid, het andere moment beschrijft ze hoe ze niet enkel zichzelf maar ook haar man in het dagelijkse leven representeert.

De makers weigeren het hele stuk lang toe te geven en proberen de man op een andere manier te vormen, aan te raken.

‘Noli Me Tangere’ is verraderlijk eenvoudig in zijn opzet. De titel verwijst naar het Evangelie volgens Johannes. Maria Magdalena zoekt het lichaam van Jezus na zijn kruisafname. Hij blijkt echter al verrezen en naast haar te staan.  Als ze hem wil omhelzen vraagt hij haar om zich niet aan hem vast te klampen. ”Noli me tangere”. Hij is namelijk niet langer vlees maar ook nog geen geest geworden. De religieuze doctrine waar het stuk zijn naam aan ontleent, is hier een politiek feit. Het hoofdpersonage is letterlijk onaanraakbaar. Maar de makers Ali Asghar Dashti en Nasim Ahmadpour weigeren het hele stuk lang toe te geven, en proberen de man op een andere manier te vormen, aan te raken. Waar aanwezigheid niet mogelijk is, moet de verbeelding het overnemen.

Dashti brengt dan ook doorheen het stuk bespiegelingen over theatertheorie en -geschiedenis. Theater begon volgens hem toen Thespis tijdens een opvoering op de Griekse Dionysische Feesten naar voren kwam tegenover het koor als een personage, als iemand anders dan hemzelf dus. Voorwenden iemand anders te zijn dan jezelf is volgens Dashti en Ahmadpour de basis van theater. Het voert iemand op die er niet echt is. Maar om dat rollenspel te laten aanslaan is er wel een gedeelde verbeelding nodig. Dashti vertelt hoe hij in een wat verwarrend theaterstuk rijles kreeg in imaginair rijden, in een imaginaire auto. De leerling betaalde de charlatan van een rijinstructeur dan maar met imaginair geld. Verbeelding is alles.

De ezel uithangen

Ook Dashti’s leermeester, Mahmoud Ostad Mohammad, zat in de gevangenis. Dat horen we via de stem van diens vrouw, Mahsa Dehghanipour. Mahmoud Ostad speelde ooit een ezel in ‘De stad van verhalen’, een Iraans theaterstuk dat in 1968 tot een musical werd verfilmd en na de Iraanse revolutie van 1978 gecensureerd werd. Het is op het eerste gezicht een dierenfabel voor kinderen, maar wezenlijk uit het subversieve kritiek op de uitbuiting en de scheve sociale verhoudingen in Iran. Tijdloos genoeg om ook het theocratische regime te irriteren. Dashti beschrijft hoe een andere regisseur het stuk in de gevangenis met zijn medegedetineerden wilde opvoeren, maar net voor de première kreeg de gedetineerde die de ezel zou spelen onverwacht genade, tot drie keer toe. Zo ontstond het bijgeloof dat wie de ezel zou spelen, vrijgesproken zou worden.

‘Noli Me Tangere’ brengt het verhaal van een theateracteur die in de gevangenis belandt omdat hij de werkelijkheid verbeeldt. De werkelijkheid aanraken met woorden, verbeelden is een daad die je in de gevangenis kan doen belanden. Dat de makers zich daar niet bij willen neerleggen, bewijzen ze door hun onophoudelijke woordenvloed om het gemis te verzachten. Ze lijken het verbod van representatie in deze voorstelling te tarten door de scène wel koppig leeg te laten maar toch te vullen met verhalen. Mohammadi wordt zo uitvoerig beschreven in verhalen, in het gemis, dat hij haast verschijnt. Want dat is wat theater voor de makers is: verbeelding aan de hand van woorden.

Wij moeten ons als toeschouwer alles inbeelden aan de hand van wat ons verteld wordt, zonder het te zien.

Dat legt dan ook uit waarom beschrijvingen Dashti zo fascineren. De spelers hebben het meermaals over de app Be My Eyes die voor blinden foto’s beschrijft. Be My Eyes staat zo model voor Dashti ’s herhaalde vraag aan Golshan om haar echtgenoot en zijn spel te beschrijven. Hij stelt zich zo in onze plaats, want ook wij moeten ons als toeschouwer alles inbeelden aan de hand van wat ons verteld wordt, zonder het te zien.

De vele tekst brengt me wel af en toe van de wijs. Tijdens de voorstelling leek het me dat Dashti via Be My Eyes een wel erg gedetailleerde beschrijving van Titiaan’s ‘Noli Me Tangere’ kreeg in de Notre Dame in Parijs. Ik begreep dat hij in de Notre Dame oog in oog staat met het werk, maar dat hangt in de National Gallery in London. In de Notre Dame hangt wel een houtgravure met hetzelfde onderwerp. Dat de beschrijvingen soms niet stroken met de werkelijkheid – of dat nu een vergissing is van Dashti en Ahmadpour of van mezelf – maakt het stuk soms wat verwarrend. 

Ontroering

De scène wordt gespiegeld aan een beschrijving van een Iraanse Ta’Zieh (een soort traditioneel passiespel) die Dashti als kind in een dorp in Iran zag. In zijn herinnering nam een oudere acteur de dialogen nog voor zijn rekening, maar gaf alle actiescènes aan een jonge man over. Waar Jezus immaterieel werd, is overlevering hier net wél fysiek. En toch valt ook hier een parallel te trekken: in een vreemde omkering, kan je nu degene die de woorden uitspreekt niet langer aanraken.

Het theaterstuk is zeker niet zonder problemen. De grote hoeveelheden tekst in het Farsi, de vele herhaling en een lege scène, betekenen vooral ook heel veel en heel snel lezen. Ook zijn de vele gedachtenkronkels niet zeer overzichtelijk, maar loopt alles bij momenten wat paniekerig door elkaar, wat nog meer van de toeschouwers vraagt.

Ondanks de overdadige hoeveelheid tekst, de wat melige esthetiek en de vele herhalingen is er iets in ‘Noli Me Tangere’ dat diep ontroert. Het stuk rouwt om de afwezigheid van iemand die nog leeft, in een land in oorlog. Dat is wellicht zo onmogelijk zwaar dat zelfs de mooiste woorden tekortschieten. Ze staan dan wel in de plaats van de gemiste persoon, maar kunnen dat gemis nooit helemaal uitwissen.

De laatste scène gaat naar de essentie van het stuk. Het speelveld wordt een laatste keer belicht. Het is nu niet langer leeg. Midden op het podium staan een valies en een ezelmasker. Dashti legt uit dat hij de monoloog van de ezel voorzien had voor Hossein Mohammadi. Als woorden niet meer voldoen, blijft er toch nog hoop in de verbeelding. Uiteindelijk is de hele voorstelling een laatste ontsnappingspoging. 

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz