Dans / Performance

US Maria Hassabi

De vlottende grens tussen podium en publiek

‘US’ van Maria Hassabi heeft veel weg van een vervolg op ‘On stage’, het werk dat ze in 2024 presenteerde op het Kunstenfestivaldesarts. Ze exploreerde toen in extreem traag verglijdende poses de vele manieren waarop zo’n poses nabijheid en direct contact suggereren zonder dat die werkelijk ontstaan. Altijd ontglipte je iets in het beeld dat de kunstenares van zichzelf ophing. Als vijf performers hetzelfde doen, als een rockgroep op een bankje, gebeurt iets anders. Je ziet een multitude. Een tegelijk vertrouwd en vervreemdend beeld van wat ‘wij’ zijn.        

US
Pieter T’Jonck Theaterzaal Bozar, Brussel, in het kader van Kunstenfestivaldesarts 2026
20 mei 2026

Op het podium staat een meters lange bank. Een elementaire vorm: een dik, zwart platform, ondersteund door even dikke en brede zwarte platen, als een kam met heel breed uitstaande tanden. Daarop vijf performers. Rechts ligt een man (Thanos Ragousis) onder de bank, in het midden ligt een man met goudkleurige schoenen en een goudkleurig pak (Oisin Monaghan) onder een vrouw (Sara Tan) met een wijde jeansbroek. Links hangen naast elkaar een man (Georges Labbat) en een vrouw (Elena Antoniou) in een ongemakkelijk evenwicht over de bank heen. Zij met zilverkleurige schoenen en een fel glanzende blauwe broek, hij in een casual ruitjeshemd met dito broek.

Spelregels

Die bank staat niet op de rand van het podium, maar zo’n twee meter erachter. Het is een belangrijk verschil met ‘On stage’. Het is niet alsof de ‘bewoners’ van deze bank zozeer naar ons toe willen komen dat ze haast over de rand van het podium stappen zoals Hassabi in ‘On Stage’. Toch zien ze ons zeker wel. Licht in de zaal, in het begin en op het laatste moment van de voorstelling, en de uitdrukkelijke blikken richting publiek van de spelers die overeind komen laten daar geen twijfel over bestaan.

Wat deze groep verbindt, behalve details zoals de opvallende schoenen, is en blijft nochtans ongewis. Een eerste regel lijkt te zijn dat wie links begint daar ook blijft en andersom, maar twee spelers kunnen wel van plaats verwisselen. Een tweede, en belangrijker regel is dat de bewegingen alweer uiterst traag uitgevoerd worden. Geen sinecure, want als een performer op of van de bank glijdt kost het hem of haar wellicht een grote inspanning om die positie aan te houden. Soms merk je wel een lichte versnelling, en veranderen posities op relatief korte tijd ingrijpend. Maar het blijft slow motion.

Het licht is helder, maar warm en sterk geconcentreerd op de spelers, zodat alles rondom hen lijkt weg te vallen.     

Een derde regel is dat de performers geen opvallende emoties vertonen. Sara Tan blijft de hele voorstelling zacht glimlachen, de anderen behouden steeds een eerder ernstige, onbewogen uitdrukking. Verschillen hebben eerder te maken met hun onderlinge blikken. Terwijl Antoniou en Labbat wel vaak dicht tegen elkaar aan schuren, of elkaar zelfs wegdrukken, lijken ze nauwelijks notie van elkaars aanwezigheid te nemen, bijna alsof de ander enkel massa, geen mens zou zijn. Dat is zeker anders bij Monaghan, die vooral op het einde enige nieuwsgierigheid vertoont naar wie met hem de bank deelt.

De belichting versterkt het gevoel van verstilling dat zo ontstaat. Die belichting wijzigt nauwelijks. Het licht is helder, maar warm en sterk geconcentreerd op de spelers, zodat alles rondom hen lijkt weg te vallen. Alleen op het einde deemstert het licht wat weg, maar werpen twee schijnwerpers ondertussen steeds meer licht op het publiek. Dat is ook het moment dat alle spelers in een gewone zithouding, naast elkaar belanden en zo een blik naar de zaal toe werpen. Op Managhan na dus, die steels ook opzij loert.

Geestesoog

Dat geeft zeker een sleutel om de opzet ‘US’ te duiden. ‘US’ creëert een situatie waarin we onbeschaamd en ongehinderd kunnen kijken naar mensen, en van alles wat in de wereld te zien is blijven mensen toch nog steeds dat wat de grootste nieuwsgierigheid,  zelfs fascinatie uitlokt. De vertraging maakt bovendien dat er heel veel tijd is om elk van die ‘personages’ te bestuderen in al hun diversiteit. De soundscape van Stavros Gasparatos voegt daar enig mysterie aan toe: het zijn flarden van woorden of zinnen, in veel verschillende talen, waarvan je de betekenis net zo min kan thuisbrengen als je kan duiden wat er in de performers leeft. Alsof je door een openstaand raam plots een stuk van een gesprek zou horen, maar niet genoeg om te bevatten waarover het gaat.

Dat intense kijken, en met een half oor luisteren, slaat echter, in zekere zin, terug op jezelf als toeschouwer. Je kan je bedenken dat anderen zo ook jou kunnen monsteren op een moment dat je er niet op verdacht bent. Exact dat gebeurt als de spelers rechtop zitten en de zaal inkijken terwijl daar het licht opgaat. De grens tussen podium en zaal is dan even uiterst poreus.

'US' doet je nadenken over de complexiteit van een ogenschijnlijk banale handeling als ‘kijken’.     

Dat gaat nooit vervelen, hoe weinig er ook gebeurt. Het slorpt mijn aandacht compleet op. Af en toe merk ik echter met een schok dat de figuur op het podium, terwijl ik mijn blik toch nooit afwendde, helemaal gewijzigd is zonder dat ik het zag aankomen. Alsof mijn aandacht zich zozeer verloren had in één of ander detail, of in enige overpeinzing – al weet ik dan niet meer welke - dat ik niet meer werkelijk keek.

Het doet je nadenken over de complexiteit van een ogenschijnlijk banale handeling als ‘kijken’. Blijkbaar voert kijken, als het lang genoeg duurt en niet overprikkeld raakt, je weg van wat er te zien is naar wat zich in je hoofd, als een spiegelbeeld van de werkelijkheid daarbuiten, tegelijk afspeelt. Zonder dat je er erg in hebt neemt je ‘geestesoog’ het over van het fysieke oog. Ook op die manier laat ‘Us’ de grenzen vervagen tussen het publiek en het podium. 

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz