Theater

Oiseau Julie Deliquet / Isabelle Huppert / Hyeyoung Lee / Han Kang

Intense eenvoud

Elk theaterfestival heeft zo zijn eigen mythes. Die van het festival d’Avignon is dat het podium van het Pauselijk Paleis zo moeilijk te bespelen is dat het artiesten maakt of kraakt. ‘Oiseau’, een bewerking door Julie Deliquet van het eerste hoofdstuk van ‘Ik zeg geen vaarwel’ van Nobelprijswinnaar Han Kang, bewijst het tegendeel. Een witte vloer, helderwit licht en twee topactrices – Isabelle Huppert en Hyeyoung Lee - die gewoon voorlezen volstaan om 2000 toeschouwers anderhalf uur in de ban te houden.         

Oiseau
Pieter T’Jonck Palais des Papes, Avignon, in het kader van het Festival d'Avignon 2026
31 juli 2026

‘Oiseau’, of ‘Vogel’ is het verhaal van een vrouw, Gyeongha, die van haar vriendin en ex-collega Inseon onverwacht het dringende verzoek krijgt om langs te komen. Inseon had zich al enige jaren teruggetrokken op het eiland Jeju, haar geboortegrond, om zich toe te leggen op houtbewerking. Door een onhandigheid snijdt ze twee vingerkootjes af. In een gespecialiseerd ziekenhuis in Seoul hechten artsen die terug aan, maar om de operatie definitief te laten slagen moet Inseon wekenlang, om de drie minuten, in de wond prikken zodat het bloed niet stolt. Ze kan dus niet weg. Ze roept de hulp in van haar vriendin om haar witte papegaai, die alleen achterbleef op het eiland, te redden.

Nachtmerrie

Wat een onschuldige reis lijkt krijgt in dit verhaal al snel de dimensies van een nachtmerrie. Het eiland Jeju ligt in de Tropen, maar het kan er toch gemeen koud zijn. Het begint er zelfs te sneeuwen als Gyeongha er aankomt. Onderweg van de luchthaven naar het huis van Inseon raakt ze bovendien helemaal het spoor bijster, en er is nauwelijks iemand om haar te helpen.

Die helletocht is de aanleiding voor een ander verhaal: in flarden komen belangrijke momenten uit het leven van Inseon en haar moeder voorbij. Haar moeder nam al heel vroeg alleen de zorg voor Inseon op zich. Niets bijzonders trouwens: Jeju ontwikkelde zich historisch onafhankelijk van het vasteland van Korea, met een eigen taal en met een matriarchale traditie.

Het gaat steeds weer over de zorg voor het leven dat zo kwetsbaar blijkt.

Als puber kreeg Inseon het op haar heupen van de lijdzaamheid van haar moeder en vertrok naar Seoul. Nog later verneem je dat die moeder voortdurend nachtmerries had over sneeuwstormen. Pas helemaal op het einde begrijp je ook waarom. Als kind zag ze hoe sneeuw niet smolt maar bleef liggen op lichamen van dorpsgenoten. Pas later besefte ze dat die allemaal dood waren. Vermoord. Als de moeder langzaam dementeert blijven die nachtmerries voortduren. Het verhaal van de vogel die gered moet worden loopt parallel daaraan: het gaat steeds weer over de zorg voor het leven dat zo kwetsbaar blijkt.

Han Kang aan het woord

Han Kang betreedt op dat moment zelf het podium. Ze onthult dat op het eiland in 1954, na de machtsovername door de Amerikanen van Zuid-Korea, een volksopstand uitbrak op het eiland. Die werd brutaal neergeslagen, met tienduizenden doden tot gevolg. Een gruweldaad waar de Zuid-Koreaanse regering zich pas in de jaren 1990 verontschuldigde.

Daar eindigt de voorstelling. Anderhalf uur zijn voorbijgevlogen, en toch was er niets meer te zien dan twee actrices, beide in smetteloos wit gekleed, die achter een pupiter hun tekst voorlezen. Isabelle Huppert in het Frans, Hyeyoung Lee in het Koreaans. Huppert doet dat op haar kenmerkende, flegmatieke – bijna onverschillige – toon waarin dan toch heel af en toe, in een ongewone stembuiging een vonk emotie des te sterker doorklinkt. Zij neemt het leeuwendeel van de tekst voor haar rekening. Lee onderbreekt slechts af en toe met zachte stem.

Op het eerste gezicht lijkt het vreemd, die twee talen door elkaar. Toch strookt dat, zo blijkt langzamerhand, wonderwel met het verhaal zelf. Iseons moedertaal, de taal die op Jeju gesproken wordt, wijkt immers sterk af van de taal van het vasteland. Maar er speelt ook iets anders: de twee vrouwen zijn enigszins van elkaar vervreemd, al werkten ze jarenlang samen, de ene als journaliste, de andere als videast.

Zelfs de indrukwekkende muren van het Pauselijk Paleis zwijgen bij die intense eenvoud.

Het verhaal schetst dan ook hoe Gyeongha stap voor stap ontdekt hoe diep de culturele en historische verschillen tussen hun beider levensloop zijn. Ze ontdekt ook waarom Inseon zich terugtrok op dat eiland. Wat de voorstelling niet toont, maar wel in het boek te lezen valt, is dat Gyeongha in het huis van Iseon een berg documenten over de moordpartij op Jeju ontdekt, en zich zo bewust wordt van het intergenerationeel trauma dat Iseon met zich meedraagt.

Is dit nu wel theater, of is het niet meer dan een lezing? Ik neig naar het eerste. Natuurlijk: je wordt niet meegesleept in spannende avonturen. Je moet je als kijker bijzonder sterk inspannen om je iets voor te stellen bij wat de twee actrices vertellen. De enige scenografische toegift zijn sneeuwvlokjes die achter een raam van het Pauselijk Paleis neerdwarrelen. Net die spaarzaamheid zorgt er echter voor dat je helemaal bij de les blijft. Elk woord en elke intonatie worden betekenisvol, en niets leidt daarvan af. Zelfs de indrukwekkende muren van het Pauselijk Paleis zwijgen bij die intense eenvoud. Zo kan het dus ook.        

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz