How romantic Katerina Andreou / Carte Blanche
Het spektakel van het leven
Toen de Noorse danscompagnie Carte Blanche de Frans-Griekse Katerina Andreou vroeg om voor het voltallige ensemble – veertien dansers – een nieuw werk te creëren stond ze voor een uitdaging: ze werkte nooit eerder met zo’n grote groep. Ze greep naar het verhaal van de film ‘They shoot horses, don’t they?’, als een kapstok voor een stuk dat, volgens het programma, met ‘bijtende ironie’ de ambivalentie van liefdesrelaties aan het licht brengt. Daar komt bitter weinig van in huis, ondanks een getalenteerde, levendige cast.
Terwijl het publiek de Fabric’A binnen sijpelt drentelen ook dansers één na één, ontspannen, naar een lange estrade in het midden van het immense podium. Ze zijn zonder uitzondering uitbundig gekleed met kleurige sneakers en geraffineerde broeken, rokken en blouses. Een bonte bende. Hoe meer dansers de groep vervoegen, hoe gezelliger het wordt. Het zwarte duo Nadege Kubwayo en Ihsaan de Banya vervoegen als laatsten de groep van veertien. Een hele tijd is het er één en al genegen blikken en ontspannen gekeuvel, met zachte jazzy muziek op de achtergrond.
Sombere slow
Die sfeer slaat in een oogwenk om als een repetitieve, oorverdovende drumscore de dansers overvalt. Felle, gekleurde lichten rondom het podium en een batterij spots die het verhoog overspoelen met licht veranderen het podium in een discotheek. Toch laten de dansers zich niet meteen helemaal meeslepen. Het is meer alsof kleine stroomstootjes hun eerdere ontspannen houding plots richting en intensiteit geven. Hoofden gaan met een ruk omhoog en weer omlaag, twee dansers wippen al zittend plots tegelijk naar links, en weer naar rechts.
Stilaan is er geen houden meer aan. De ene danser na de andere komt overeind. Steeds heftiger vliegen armen en benen heen en weer. Enkele dansers trappelen verwoed ter plaatse alsof ze op een loopband stonden. Toch leidt dat niet tot chaos: je merkt dat Andreou de groepsfiguur precies uittekende. Als bewogen door een onzichtbare hand schuiven de dansers samen van het ene einde van de estrade naar het andere, tot ze daar op een kluitje wild gesticuleren om zich dan terug te verspreiden op, onder en rond de estrade.
De sombere score sluit wonderwel aan bij het onzekere geschuifel van de koppels in het schemerduister.
Vanaf dan vormen er zich koppels en krijg je de suggestie van een verhaal. Geen vrolijk verhaal. Dat blijkt als de drums wegzakken in een steeds zwakker klinkende overdubversie. Hun plaats wordt, alweer als een donderslag bij heldere hemel, ingenomen door de in loop afgespeelde eerste maten van Prokofjev’s ‘Dans der ridders’ uit het ballet ‘Romeo & Juliet’. Dat ballet gaat over een tragische liefde in een gewelddadige wereld, en dat hoor je aan de dreigende klanken als dreunende laarzen. Een sombere sfeer die wonderwel aansluit bij het onzekere geschuifel van de koppels in het schemerduister achter de estrade.
Afvalkoers of showcase?
De tragische liefde waar het in ‘How romantic’ over gaat – maar daar moet je wel het programma voor lezen – is het verhaal van de dansmarathons in de jaren 1930 in Californië waar Sidney Pollack de schrijnende prent ‘They shoot horses, don’t they?’ (1969) aan wijdde. Koppels dansen in die film zo lang ze maar kunnen in de hoop zo een prijs te winnen en tegelijk de aandacht te trekken van talent scouts. Sommigen schieter er het leven bij in. Het personage Gloria vraagt op het einde aan haar partner Robert om haar neer te schieten. Wat hij ook doet. ‘Je verlost zo toch ook paarden uit hun lijden’, is zijn verweer.
Mocht je dat niet weten, dan zou je ‘How romantic’ echter heel anders (kunnen) lezen. Andreou vergast ons namelijk op een paar duetten vol vuur en energie. Ola Koniejenko en Dawid Lorenc slingeren het lijf van hun partner om beurt omhoog rondom hun romp, klampen zich halsoverkop aan elkaar vast of achtervolgen elkaar, met vervaarlijke valpartijen als resultaat. Als dans een fantastisch moment, maar niet echt als beeld van uitgebluste dansers/mensen.
Zelfs het moment dat de ene na de andere danser in elkaar stuikt lijkt eerder op een stunt dan op werkelijke uitputting. Mai Lisa Guinoo stort zo virtuoos ter aarde, met stuiptrekkingen die een ervaren acrobaat het nakijken geven, dat tragiek net niet verandert in het cliché van een circusact.
De finale is in hetzelfde bedje ziek. Brecht Bovijn – een Vlaming uit Izegem – jut als een MC in zijn beste West-Vlaams én het publiek, én de dansers op om zich te laten gaan. De dansers moeten, als renpaarden, het beste van zichzelf tonen in een wilde koers rond het podium en halsbrekende sprongen over de estrade heen. Dit moment verwijst echter naar de filmscène waarin de MC de al uitgeputte dansers prest om rondjes rond de dansvloer te hollen, hoezeer ze ook op hun tandvlees zitten. De bende op dit podium daarentegen lijkt door het dolle heen. Het eindigt er bovendien mee dat ze weer allemaal broederlijk naast elkaar op de estrade belanden, met de blik op het publiek. Klaar om het applaus in ontvangst te nemen.
Wijzer word je er niet van. Je vergeet de beelden haast zo snel als ze verschenen zijn.
Misschien wilde Andreou zo aangeven dat we allemaal instemmen om mee te hollen in het circus dat de samenleving vandaag is? Een circus waarin we ons allemaal van onze beste, vrolijkte kant willen laten zien om te behagen, om erbij te horen, om gezien te worden of gewoon… om te overleven. Erg overtuigend is dat niet: daarvoor werkt ze alle scènes teveel op een drafje af: het stuk is in krap vijftig minuten afgerond. Dat laat niet veel meer toe dan wat geslaagde solo’s en mooie groepsbeelden. Wijzer word je er niet van. Je vergeet de beelden haast zo snel als ze verschenen zijn, want altijd is er wel weer elders iets anders aan de gang.
Zelfs qua dans blijf je zo op je honger. Met deze getalenteerde cast had Andreou de dansscènes indringender en sterker kunnen uitwerken. Dat levert echter geen hapklaar, lekker wegkijkend spektakel op. Misschien gelooft ze zelf nog teveel in het circus van de hedendaagse samenleving om dat te wagen?
Genoten van deze recensie?
Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.
Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.
Steun pzazz