Performance

campfire Bosse Provoost & Ezra Veldhuis

Een smeulend vuurtje

Wie zijn dagen te veel in theaterzalen doorbrengt, riskeert wel eens te vergeten dat de oorspronkelijke habitat van de fabulerende mens eerder het kampvuur dan de bühne is. De performance-installatie ‘campfire’ van Ezra Veldhuis en Bosse Provoost probeert die oude ontmoetingsplek opnieuw uit te vinden. Een uur lang mag je liggen, luisteren, kijken en je laten meenemen in gedachten die ergens tussen filosofie en nachtelijke kampvuurpraat blijven zweven.

campfire
Robbe Beheydt Buda, Kortrijk
05 oktober 2026

Voordat je de installatie betreedt, krijg je een schuimkussen mee, samen met de instructie om eender waar in de ruimte te gaan zitten of liggen. Binnen wacht een nagenoeg volledig donkere ruimte, omsloten door vier zwarte gordijnen. De vloer is bedekt met kokosmatten en helt lichtjes omhoog aan de zijkanten. Min of meer in het midden staat een assemblage van verschillende types theaterlampen, die samen een warm oranjegeel licht uitstralen. Vanaf het plafond loopt een rij lampen langs een van de hoeken naar beneden, met voor elke lamp een kleurenfilter. Zo eenvoudig kunnen een kampvuur en een sterrenhemel zijn.

Een uur lang spelen die lampen in op een bezwerende soundscape van sounddesigner Benjamin Cools, met kampvuurgeluiden als het zachte geknisper van sprokkelhout, het gezoem van krekels en een storm in de verte. Intussen klinken uit drie luidsprekers, elk aan een andere zijde van de ruimte, de stemmen van Anna Franziska Jäger, Benjamin Verdonck en Joeri Happel. Beurtelings vertellen ze verhalen zoals je die inderdaad bij een nachtelijk kampvuur zou kunnen horen: verwonderde beschouwingen over wonderlijke wezens die uitmonden in bespiegelingen over de aard van ons bewustzijn.

Het idee wordt geopperd dat individuele wezens misschien slechts tijdelijke afsplitsingen zijn van iets groters.     

Zo gaat het over een van de eerste wezens (een soort garnaal) die een onderscheid zou hebben kunnen maken tussen zichzelf en de buitenwereld. Een octopus doet dan weer twijfelen aan het idee van één afgerond bewustzijn: zijn armen lijken haast zelfstandig te handelen, zoals ook een school vissen, een zwerm bijen of een mierenkolonie zich afwisselend als afzonderlijke wezens én als één organisme kan gedragen. De vergelijking wordt doorgetrokken naar een menselijke zwangerschap, waarin het al even moeilijk is om te bepalen waar het ene lichaam ophoudt en het andere begint.

Rode draad doorheen de verhalen is de gedachte dat het menselijke bewustzijn misschien wel niet zo afgesloten is als we gewoonlijk aannemen. Het idee wordt geopperd dat individuele wezens misschien slechts tijdelijke afsplitsingen zijn van iets groters. Het klinkt wat zweverig, maar de toon van de vertellers blijft verwonderd en nooit belerend. Ook wanneer het gaat over telepathie, ufo’s of buitenlichamelijke ervaringen, blijft alles bij suggesties en vragen: niets wordt als waarheid gepresenteerd.

Ideeën die resoneren

Tegelijk wil ‘campfire’ je die suggesties ook doen voelen. De liggende houding maakt je ontvankelijker voor een intiemere ervaring van de ruimte: de diepe bastonen in de soundscape doen niet alleen de vloer, maar ook je lichaam mee resoneren. Soms spelen de lichten rechtstreeks in op wat er verteld wordt. Na een verhaal over het schaduwspel van de grotschilderingen in Lascaux laten de theaterlampen hun schaduwen dansen op het plafond. Bij een verhaal over een buitenlichamelijke ervaring wordt gesuggereerd dat het bewustzijn onder druk zijn geheimen prijsgeeft, zoals deeltjes in de deeltjesversneller van CERN, waarna het licht en geluid zo intens worden dat je inderdaad bijna moeite moet doen om je zintuigen bij elkaar te houden.

Met een lamp bovenaan het ‘kampvuur’ volgt Veldhuis het wezen tijdens zijn schuifeltocht.     

Wie daarbij dreigt weg te dromen in de eigen ervaring, wordt tussendoor ook af en toe op de aanwezigheid van anderen gewezen. Zo kruipt er plots een vreemd wezen in dikgevoerd zilvergrijs pak op handen en knieën door de ruimte. Met een lamp bovenaan het ‘kampvuur’ volgt Veldhuis het wezen tijdens zijn schuifeltocht. Wanneer het langzaam achter een gordijn verdwijnt, richt ze het licht op verschillende mensen in het publiek. Even word je als toeschouwer zelf onderdeel van het tafereel, als een merkwaardig wezen tussen de anderen.

Zichtbare trucage

Opvallend in deze immersieve installatie is dat Veldhuis en Provoost nauwelijks proberen te verbergen hoe ze die wereld scheppen. Het kampvuur bestaat nadrukkelijk uit kaal technisch materiaal. De lampen en luidsprekers blijven steeds zichtbaar, en bij het lichtspel dat de grotschilderingen van Lascaux imiteert zijn het de schaduwen van armaturen en lichtbruggen die op het plafond dansen. Het theater is natuurlijk al lang het stadium voorbij dat het zijn illusies zo veel mogelijk maskeert, maar in een performance-installatie als deze valt het wel op.

Paradoxaal genoeg is het juist deel van de charme van de voorstelling. Ook zonder de perfecte illusie na te streven, weet ‘campfire’ een immersief effect te bereiken. Misschien schuilt de kracht juist in het contrast tussen de zichtbare techniek en de wereld die je je erbij kunt voorstellen.

Uit de verwijzing naar het kampvuur spreekt bovendien een zekere bescheidenheid. De grootse ideeën die bij een kampvuur worden geopperd, blijken vaak momentaan; meestal doven ze samen met het vuur uit, en anders volgt de ontnuchtering wel bij het eerste straaltje daglicht. Ook de ideeën in ‘campfire’ prikkelen wel, maar ontregelen je hoogstens even – zodra je opnieuw de ‘geregelde’ wereld in stapt, neemt die al snel weer de overhand.

In een wereld die nauwelijks nog tijd laat om bij de grote vragen van het bestaan stil te staan, kan je zulke ruimtes als deze alleen maar koesteren.    

Maar misschien is die bescheidenheid juist de kracht. Hoeveel plekken zijn er immers nog waarin je gezamenlijk kan blijven stilstaan bij vragen waarop niet meteen een antwoord hoeft te komen? ‘campfire’ zet je wereldbeeld niet (of toch niet lang) fundamenteel op de helling, maar schept wel een ruimte waarin zulke gedachten serieus genomen worden, en waarin je ze bovendien voor heel even lichamelijk kunt ervaren. In een wereld die nauwelijks nog tijd laat om bij de grote vragen van het bestaan stil te staan, kan je zulke ruimtes alleen maar koesteren en hopen dat die vragen nog even blijven smeulen.

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz