Toneel / Dans / Performance

Saison sèche Phia Ménard & Compagnie Non Nova

Gender: een systeemcrash

Phia Ménard, één van de revelaties van het Festival d' Avignon, was al eerder te gast in Vooruit Gent met 'Maison mère', en was ook al vaak te gast in de Hallen van Schaarbeek. Dit seizoen doet ze echter nog veel meer theaters in België aan. Die grote belangstelling is niet zo verwonderlijk, want dit oeuvre snijdt brandende kwesties als gender-identiteit en de onderdrukking van vrouwen aan met sterke, provocerende beelden. In 'Saison sèche', dat twee dagen in deSingel in Antwerpen stond, laat ze het podium verschijnen als een gesloten doos, een gevangenis waarin vrouwen opgesloten zitten. Tot een systeemcrash volgt.  

Saison sèche
Pieter T’Jonck deSingel, Antwerpen meer info
20 september 2020

Als de laatste toeschouwer zijn zetel gevonden heeft, komt een rijzige vrouw met voorzichtige tred van achter in de zaal naar voren, De zaallichten zijn nog aan als ze midden op het podium staat, en lichtjes onwennig een microfoon door haar handen laat glijden. Ze kijkt de toeschouwers nadrukkelijk aan, net zo lang tot die maar al te goed beseffen dat zij haar ook aanstaren. En dan zegt ze plompverloren: 'Ik pak U bij Uw kut'. Als provocatie kan het tellen, maar toch reageert niemand in de zaal, en dat heeft alles te maken met het ongerijmde van de situatie. Zij staat immers in de weerloze situatie, op het podium. Haar houding straalt ook nauwelijks provocatieve intenties uit, zelfs eerder een lichte onzekerheid. Dit is trouwens eerder wat mannen vrouwen naroepen, niet omgekeerd. Die omkering van rollen is heel slim: ze doet (het mannelijke deel van) het publiek plots beseffen wat het moet betekenen als je zoiets naar je hoofd geslingerd krijgt. 

Het scènebeeld verandert meteen daarna dramatisch: Er verschijnt een extreem lage, spierwitte kamer, niet meer dan anderhalve meter hoog. maar wel zo breed als het podium van de Singel. In een schemerig licht zie je zeven vrouwenlichamen, op hun rug, met wijd opengesperde benen. Alsof ze wachten op een gynaecologisch onderzoek. Of werden ze overweldigd? Dat blijft ongewis, ook als TL-buizen tegen het plafond van de doos de ruimte hel wit verlichten. De vrouwen beginnen nu ongemakkelijk rond te kruipen in deze klinisch witte ruimte, waar een snerpende piep klinkt waar je horendol van wordt.

Ze dragen allen een slecht passend kort wit ziekenhuishemd dat hun onderlijf bloot laat. De theaterdoos lijkt zo wel een laboratorium ter observatie van vrouwen.  Of observeert men enkel hun geslacht? Of wat ze doen als hun geslacht ontbloot is? Het voelt ongemakkelijk en bedreigend aan, omdat de vrouwen zelf niet lijken te weten hoe ze in deze extreem objectiverende situatie beland zijn. Van arren moede kruipen ze dan dicht tegen elkaar, op één hoop. Beelden van concentratiekampen, maar dan in een aseptisch cleane versie, dringen zich als vanzelf op.

Plots gaat  de bovenkant van de doos met oorverdovend geratel omhoog. Nu kunnen de vrouwen wel recht komen, al blijft de vrije hoogte klein. (De scenografie bespeelt hier slim het perspectief: het plafond helt licht schuin naar achter, en versterkt zo de dieptewerking, met als merkwaardig effect dat vrouwen achter in de doos veel groter lijken dan de vrouwen vooraan. het versterkt de onwerkelijkheid van de situatie). Maar dan gaat ze weer naar beneden, tot ze de vrouwen net niet verplettert. Maar wie of wat dit wrede experiment aanstuurt zie je niet. de macht is hier onzichtbaar maar overheerst wel alles. 

De macht is hier onzichtbaar maar overheerst alles

De voorstelling neemt daarna echter een onverwachte wending. Het plafond stijgt tot zo'n drie meter. de vrouwen spelen hun hemdje uit en gaan in een kring staan, elk met een wit lappenpopje. Maar zo onschuldig is het popje niet, noch de vrouwen. Uit een arm van de popjes komt verf in vele kleuren waarmee ze eerst hun gezichten insmeren. Daarna persen ze zwarte verf uit de pop waarmee ze hun geslacht zwart maken. Uitwissen, zeg maar. verf streept daarna ook hun borsten weg. Met nog meer verf tekenen ze snorren, sikken en zware wenkbrauwen. De lappenpopjes  vliegen nu in een hoek. Daarop volgt een komisch moment: de vrouwen trekken een slip aan waar ze knikkers in verstoppen die ze ostentatief betasten. Het zijn plots mannen, en als om dat te bewijzen gaan ze urineren tegen de achterwand, met een schuine blik op elkaars lul. Wie heeft de grootste? Deze parodie op mannen en hun hebbelijkheden loopt uit op een trance groepsdans, een moment van opstand en exces. De verf raakt uitgesmeerd over hun steeds groezeliger, steeds extatischer lijven. 

Het vervolg ligt enigszins voor de hand: alle vrouwen verkleden zich nu in een typische man, van pastoor tot werkman. Eentje trekt een T-shirt met een beeld van Lou Reed aan. dat blijkt later van belang. Eens die transformatie compleet is gaat het plafond van de podiumdoos met een ruk een heel eind hoger. Was het dan al die tijd een zinnebeeld van het 'glazen plafond' waar vrouwen steeds weer tegenaan botsen?  Allicht. Zo toonde de voorstelling meteen dat dat 'glazen plafond' een instrument is in de objectivering en verknechting van vrouwen. Die stoere bende marcheert daarna eindeloos lang, met militaire discipline, onder oorverdovend gedreun, over het podium. Tot ze aan hun machtsdemonstratie bezwijken. Op dat moment gulpt steeds meer zwarte drab, als zwart bloed, uit schietgaten bovenaan het podium. De smetteloos witte wanden worden vochtig en blazen op. De mannen verdwijnen, 

En dan keren de vrouwen weer om de wanden van de doos waarin ze opgesloten zaten weg te scheuren. Het hele systeem crasht. In het puin dat achterblijft klinkt heel zacht de stem van Nico in 'Femme fatale' van de Velvet Underground, met Lou Reed op de achtergrond. 

Het is bepaald bijzonder wat Phia Ménard hier doet. De beelden die ze schept hebben de impact en scherpte die je ook bij Romeo Castellucci of Jan Fabre in hun betere werk kon zien. Het moet een bijzonder intensief proces geweest zijn om deze zeven vrouwen overtuigend alle harde scènes te laten uitbeelden. Op geen enkel moment vermindert de intensiteit waarmee ze nu eens slachtoffer of object, dan weer extatisch wezen of pronkende he-man zijn. je onthoudt er minstens één ding van: de grenzen tussen mannen en vrouwen zijn minder absoluut dan je zou denken. Je gelooft je ogen bijna niet als je ziet hoe deze vrouwen echte mannen worden, en dan weer terugkeren naar hun eerste staat. (Overigens: Ménard zegt aan al wie het horen wil ook steeds weer dat ze zelf transgender is: haar vrouwenlijf heeft ze maar sinds 2008). Het zet je aan het denken over de geboden en verboden rond gender. Ze verschijnen hier als een machtsapparaat, niet als een 'natuurlijk' gegeven. Dat de voorstelling daarbij af en toe een beetje drammerig en langdradig wordt, en Ménard overdrijving bepaald niet schuwt moet je er dan maar bij nemen.  

Uw steun is welkom
Pzazz.theater vraagt veel tijd en inzet van een grote groep mensen. Dat kost geld. Talrijke organisaties steunen ons, maar zonder jouw bijdrage als abonnee komen we niet rond als we medewerkers eerlijk willen betalen. Uw steun is van vitaal belang en betekent dat we onafhankelijk recensies over de podiumkunsten kunnen blijven schrijven. Alvast bedankt!

Abonneren Login