Muziektheater

Holy Martha Canga Antonio

Soul en barok in overvloed

                                ‘Holy’ is vooral niet heilig, de performance (of is het een concert?) van Martha Canga Antonio aka Martha Da’ro graait schaamteloos in het rijke repertoire van alternatieve hip hop en streetdance, van queer burlesque, tot en met bossa nova. In een bewegend decor gaat ook het publiek bewegen, en worden de ‘heilige’ conventies van het theater consequent met de voeten getreden. Chaotisch maar inspirerend .        

Holy
Klaas Tindemans DeSingel, Antwerpen
27 januari 2026

Het begint bij de black box, vrij letterlijk. Geen zitjes in dit theater, wel een doos waarin zich van alles afspeelt, licht- en soundcheck, vocalizes, druk heen- en weergeloop. We mogen nog niet binnen, tot Martha Da’ro zelf één van de wanden opent. Daar zit Lazara Rosell Albear achter haar drumstel, met een beat én een blik die beton kunnen klieven en met een fabuleus kapsel. Axelle Husikama staat, terecht, nadrukkelijk vermeld als ‘hair designer’. Haar creaties zijn kunstwerken die niet zomaar decoratief zijn maar plastische statements vormen over de maakbaarheid van het lichaam. Net als de kostuums van Godwin Agossah trouwens, ergens tussen trash en glitter, en soms gewoon clownesk.

Wonde

Martha Da’ro laat een bel rinkelen en begint te zingen, met donkere elektronica en die doet denken aan de betreurde d’Angelo, en met een stem die tegelijk zacht en kwaad kan zijn, zoals Little Simz dat ook doet. Martha Da’ro heeft het over de kwetsbaarheid van de liefde – een weinig origineel onderwerp – maar vooral over de nood om open te zijn over de blessures die het leven je aandoet. Die belangrijke nuance zal de leidraad vormen voor de rest van de performance.  ‘Zeige deine Wunde’, zei Joseph Beuys, ‘Toon je wonde’.

Terwijl de trommels steeds nadrukkelijker roffelen, duikt Rose Samy op, meer bokser dan danser, die een schijngevecht levert, met zichzelf én met de toeschouwers die té dichtbij staan. We staan recht of zitten op de grond, maar al snel blijkt rondwandelen het veiligst. Het levert ook de beste zichtlijnen op. Als het pugilistiek geweld is overgewaaid komt ook Ashley Morgan kijken, tokkelend op zijn gitaar. Dan beweegt de bolle achterwand, als op een draaischijf, en wij worden gevraagd om te volgen. We komen terecht bij de holle achterkant van het draaiend decor, waar Morgan’s gitaar bossa nova laat klinken, waarop Jazz Sanusi meeneuriet en af en toe haar indrukwekkende soulstem – met de zacht-harde uithalen van gospel (dus toch ‘holy’?) laat floreren.

Telkens ontstaan nieuwe tableaux vivants op, barokke taferelen die soms lichtjes, soms iets heftiger bewegen.

Jazz Sanusi zal nog momenten vinden om alle aandacht op te eisen: een fluwelen stem, Aretha Franklin waardig, die tegelijk strijdlustig en melancholisch is. De backing track mag rauwe hip hop of vrolijke house zijn, zij zet het geluid wel degelijk naar haar hand. Rose Samy en Magdelaine Rodenbourg gaan schaduwboksen, tot ze elkaar omhelzen – alsof de stem van Jazz Sanusi hen deed verstillen. En weer draait de wand, en telkens ontstaan nieuwe tableaux vivants op, barokke taferelen die soms lichtjes, soms iets heftiger bewegen.

Lang duurt dit allemaal niet, want dan is er weer een performer die de aandacht opeist met een uitzinnige act. Magdelaine Rodenbourg, met lange extensies en witte kraalsnoeren in het haar, gaat steeds wilder met haar hoofd tekeer, ze verliest zelfs haar kralen, en gaat dan minutenlang uithijgen en uitzweten. Jhaya Caupenne reciteert een liefdesgedicht, met Franse retoriek én met de uitstraling van een geweldig geraffineerde drag queen. Tussen deze extremen door zoeken ze allemaal naar een bewegingstaal die zowel bij de straat- als de clubcultuur haar inspiratie zoekt, zoals vogueing (poses van op de catwalk imiteren en vervormen) en krumping (op en over de grens tussen breakdance en martial arts).

Ongedisciplineerd

Nooit ontstaat een gedisciplineerde choreografie, tenzij enkele magische seconden, af en toe. Het is verbazend hoe performers met zulke radicaal verschillende lichamen, die verfijning, vechtlust, kwetsbaarheid, ijdelheid, verontwaardiging uitstralen in lichaamstaal en -vormen, elkaar vinden, elkaar versterken, en elkaar meesleuren in een trance waar wij, toeschouwers, deelgenoot van worden. We zoeken naar een plaats om iets te zien, soms een omhelzing vlakbij, soms een woeste beweging, op veilige afstand. Tot we weer terechtkomen in de oorsponkelijke opstelling, de drumster tegen de bolle wand en de zangeres aan de ingang die zingend het recht opeist om te ontsnappen aan teveel aandacht.

‘Holy’ is een barok spektakel, dat rijkelijk put uit de aantrekkelijke decadentie van de zwarte mainstream- én tegencultuur, culturen die altijd al extase en vrolijkheid, boosheid en melancholie naadloos in elkaar deden overvloeien. Dat er geen verhaallijn in zit, dat de mededeling soms wat dunnetjes klinkt, hoeft geen bezwaar te zijn. Je kiest zelf de richting van je blik, al maakt de overvloed van visuele prikkels (en het permanent bewegende decor van Jozef Wouters) dat niet gemakkelijk. Je bent gedwongen je eigen verhaal te bedenken, maar je kan je net zo goed overleveren aan de trance.

Kwetsbaarheid tonen betekent niet dat je zelfmedelijden etaleert, het betekent wel vormgeven aan de pijn.

Misschien is ‘Holy’ onaf, omdat Martha Da’ro en haar posse zelf te weinig keuzes hebben gemaakt. Maar die grenzeloze overvloed geeft je ook grote bevrediging, zeker omdat de hoogste kunstzinnige vormgeving van ruimte en lichamen telkens gepaard gaat met een ‘streetwise’ attitude: als de spelers tegen een toeschouwer botsen, als een toeschouwer gewoon meedanst op de hybride beats, dan kan dat allemaal. Kwetsbaarheid tonen betekent niet dat je zelfmedelijden etaleert, het betekent wel vormgeven aan de pijn, de existentiële pijn, van ons allen. Dat geldt nog meer voor mensen die, anders dan ikzelf, outsiders zijn ten aanzien van het normatieve conformisme van witte straigt mensen. ‘Holy’ is emancipatie, boosheid en bevrijding. Als gebaar, niet als boodschap.

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz