Toneel / Performance

Uncanny Valley Rimini Protokoll & Thomas Melle

Toneel zonder acteur

In ‘Uncanny Valley’ zet Rimini Protokoll de Duitse schrijver Thomas Melle op de praatstoel. De aanleiding: dat hij een bloedhekel heeft aan interviews, publieke lezingen en nagesprekken, vooral als het over zijn bipolaire stoornis gaat. De vragen zijn altijd dezelfde, klaagt hij. Zijn antwoorden voelen bij elk gesprek onwerkelijker aan. Zou het niet beter zijn als een machine het overnam? Of is dat al het geval? Wie praat hier eigenlijk? 

Uitgelicht door Johan Thielemans
Uncanny Valley
Johan Thielemans Kaaitheaterstudio's Brussel
Kunstenfestivaldesarts
meer info
31 mei 2019

Wat zijn mijn reacties op deze voorstelling? Ze is slim, misleidend, fascinerend en verontrustend.

Op scène zit een man in een stoel. Hij begint te spreken en stelt zich voor als de schrijver Thomas Melle. Hij vertelt een beetje over zijn leven als schrijver, en ook over Turing, de uitvinder van de computer. Op een scherm zien we eerst foto’s – bijvoorbeeld dat aandoenlijke beeld van de tikmachine waarmee Turing  in de tweede wereldoorlog  Enigma heeft opgelost in Bletchley Park en zo de Duitse boodschappen kon ontcijferen. Doet mij meteen denken aan Enigma, de spannende roman van Robert Harris. Maar dat doet hier niet ter zake.

Op het scherm zien we ook filmpjes. Daar verschijnt de echte Thomas Melle – maar die man op het scherm lijkt heel sterk op de man in  de stoel. Het wordt dan duidelijk dat we in de stoel met een robot te maken hebben – waarheidsgetrouw.

We zien Thomas Melle ( op het scherm) in een laboratorium voor robotica. Hij wordt verdubbeld voor onze ogen. Een interessante opmerking is dat er bij die verdubbelingsoperatie op Melle  een kort moment van sterven is. Dat gebeurt  wanneer het hoofd van Melle helemaal ingepakt wordt en hij alleen nog door de neus kan ademen. De verrijzenis komt hierna : de replica van zijn hoofd wordt losgeweekt, en dat masker is klaar voor de robot.

Hebben we empathie voor de robot, zijn we bang voor de dubbelganger?

Melle stelt een aantal filosofische vragen, zoals : hebben we empathie voor de robot, zij we bang voor de dubbelganger, zou er een moment komen waarop de robot zelfstandig emoties zou hebben. De belangrijkste constatatie is : dit is alvast toneel waar geen acteur aan te pas komt. Dit is geen droom (of nachtmerrie) meer, maar realiteit.

Zo is deze voorstelling ook een spel van aanwezigheid en afwezigheid. Was Melle, de mens, aanwezig? Jawel, voor de toeschouwer zeker, maar ook ‘echt’?

Voor het antwoord op deze vraag moeten we wachten tot op het einde : de lichten doven, en Melle is zo ‘aanwezig’ geweest, dat je verwacht dat hij vanuit de coulisse komt om te groeten. Niets van : Melle, de aanwezige, was al die tijd afwezig .

Na afloop mag het publiek het toneel oplopen om te gaan zien wat deze Melle 2 in feite was : het blijkt een machine te zijn, iets met heel veel draden en knoppen. Uncanny, juist, én fascinerend én ietwat griezelig en misschien de voorbode van een toekomst waar de machine triomfeert. Maar deze gedachte leidt niet naar een utopie.

In deze productie toont Rimini Protokoll nog maar eens hoe intelligent ze theater maken, en hoe ze hun trouwe publiek steeds weer weten te verrassen. Zijn ze uniek? In Vlaanderen hebben we Berlin en hun voorstellingen sluiten bij dit kijken naar de realiteit naadloos aan. Hun vervalser uit True Copy en deze Thomas Melle zijn broeders. Ze vertoeven beiden in de vallei van het bedrog (om de tekst te citeren).