D’or et de sang Tempo d'Éole
Choreografie van ongehoorzaamheid
In het circus van gezelschap Tempo d'Éole wordt de spreekstalmeester in zijn onderhemd gezet, draagt de prinses een geweer en wordt de zweep alleen gebruikt om te dansen met een denkbeeldig paard. ‘D’or et de sang’ breekt met verwachtingspatronen in een komische en meeslepende choreografie van voltige, acrobatie en muziek.
In de verzengende hitte van de circustent sleept een man met een harnas een houten plank achter zich aan, terwijl een paard hem langzaam tot stilstand dwingt. Meteen al met dit eerste beeld weigert ‘D'or et de sang’ de ouderwetse verhouding tussen mens en dier. Het is een veelzeggend begin van deze voorstelling van Tempo d'Éole, waarin vijf performers, vier paarden en een hond het traditionele circus van binnenuit ontmantelen.
Ruimte voor het paard
Aanvankelijk heeft de spreekstalmeester (Emile Postic) het voor het zeggen. Gehuld in hoed en pak ratelt hij in een onverstaanbare mengtaal. Dan zegt hij iets dat het publiek wel begrijpt: La Principessa. De prinses (Margot Prouhet) verschijnt in een blauwe jurk met hoepelrok, staand op de rug van een paard. Onverschrokken en immer sierlijk balanceert ze op de rug van het galopperende paard, springt ze over de obstakels die de meester opwerpt. Hij drijft het tempo steeds hoger op. Tot een lichtsnoer loskomt en de prinses een eerste keer van haar paard valt.
Vanaf dan wordt de ontmanteling ingezet. De prinses stijgt opnieuw op, zonder dat het paard aan snelheid mindert. De hoepelrok van de prinses belandt in het zaagsel. Ook de pofmouwen en tutu moeten eraan geloven; ze ontkleedt zich balancerend op de rug van het paard. Om haar heen proberen ook de discussiërende acrobaten een show vol te houden waarvan de interne orde begint te bezwijken. Ze struikelen, aarzelen, lopen elkaar mis, en dat op precies het juiste moment. Hun falen is een virtuoze act. De ontregeling is zorgvuldig geregeld.
Tempo d’Éole creëert een veld waarin de paarden de ruimte krijgen om te reageren.
Daardoor worden de paarden steeds fascinerender. Zij doen niet alsof. Zij ensceneren niets. Tempo d’Éole creëert een veld waarin de paarden de ruimte krijgen om te reageren, zonder een bepaalde uitkomst af te dwingen. Zo hebben de dieren daadwerkelijk invloed op hoe de voorstelling verloopt.
Onder het blauwe kostuum van de prinses verschijnt een vuurrood pakje. Later verschijnt ze met een geweer onder de arm. Ze verzet zich tegen haar meester, draait de machtsverhoudingen om en voert uiteindelijk de vernederde directeur achter zich aan, vastgebonden aan haar paard. Ook in de dansnummers worden bestaande rollen herschikt. Mannelijke en vrouwelijke codes schuiven door elkaar, kostuums wisselen van lichaam.
Wars van clichés
Het midden van de voorstelling verliest wat aan spankracht. Veel nummers bouwen voort op hetzelfde principe van actie en reactie: kleine acts volgen elkaar op, personages zitten elkaar achterna, waarna een volgende variatie op hetzelfde spel begint. Daardoor laat het verloop zich soms voorspellen en duurt de zoektocht naar een nieuwe collectieve dynamiek net iets te lang. Ook de muziekkeuze stelt soms teleur. De live uitgevoerde trom, trompet, cimbalen en klarinet zorgen voor directheid, maar een weinig interessante, melancholische pianoscore neemt regelmatig de bovenhand en tempert de intensiteit van het live spel.
‘D'or et de sang’ gaat op een expliciete manier aan de haal met bestaande structuren.
De fijnzinnige aanpak van het gezelschap voert zonder twijfel de boventoon. Nu ze samen een nieuwe orde scheppen, met ruimte voor de onvoorspelbaarheid van de ander, volgt het ene droombeeld het andere op. De tot op het onderhemd uitgeklede spreekstalmeester die onder een lekkende lamp staat, waarna die lamp de onderzijde blijkt van een kuip waarin de prinses baadt. Een dansnummer van Lucas Scohier waarin een denkbeeldig paard de piste op loopt. De verstilde momenten waarin de spelers elkaar dragen. De innige omgang tussen mens en paard, waarin dominantie plaatsmaakt voor aandacht.
'D'or et de sang’ gaat op een expliciete manier aan de haal met bestaande structuren. Genderrollen, machtsverhoudingen en de hiërarchie van het klassieke circus worden zichtbaar onderuit gehaald. Doordat de voorstelling geregeld terugvalt op voorspelbare patronen, ligt haar grootste kracht elders. Niet in de allegorieën over macht, maar in de ruimte die ze aan de paarden laat. Op de mooiste momenten zorgen zij voor echte onvoorspelbaarheid.
Genoten van deze recensie?
Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.
Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.
Steun pzazz