Circus

Baba Yaga Duo Baba Yaga

Baba Jaga komt niet van de grond

Scherpzinnige vrouwen, eigenzinnige vrouwen, eigengereide vrouwen. Ze werden al te vaak heksen genoemd en uit argwaan tot de brandstapel veroordeeld. In sprookjes werden ze afgebeeld als lelijke oude besjes. Minder bekend zijn de verhalen waarin deze kruidenvrouwtjes vriendelijk, wijs en behulpzaam zijn. Eerherstel is hoe dan ook nodig, vinden de Spaanse acrobaten Milli Gobbi en Laura Lombarte, maar hun straatvoorstelling ‘Baba Yaga’ proeft als toverdrank zonder smaak en zonder effect.

Baba Yaga
Tom Permentier Tuin Grootseminarie, Brugge in kader van Cirque Plus
26 juli 2026

De heks der heksen is natuurlijk Baba Jaga, zoals ze in de Slavische folklore wordt geportretteerd. Zwart, wit en donkerrood zijn haar kleuren, maar haar gewaad hangt aan het begin van de gelijknamige voorstelling nog als een gordijn over een stoel, waardoor die lijkt op een troon. Gobbi en Lombarte doemen vanuit de verte op in witte gerafelde kostuums. Eens op het podium staren ze elkaar met een hypnotiserende blik aan. Ze buigen langzaam voorover tot hun voorhoofden elkaar raken. Mogelijks wordt hier de wijsheid van de heks al tot uiting gebracht. Het is het begin van een duet dat het midden houdt tussen dans en grondacrobatie.

Mystiek of zweverigheid?

Deze opening is veelbelovend. De taal van het dansante lichaam prikkelt de intuïtie van de kijker. Interessant is ook het spel van symmetrie en asymmetrie. Met de ruggen tegen elkaar voeren artiesten synchroon een soort kreeftendans op om daarna elk hun eigen weg te gaan met acrobatische bewegingen in verschillende tempi. Het probleem van deze scène is dat het dramatische spel nogal snel overhelt naar pathetiek. Zo maakt een van de artiesten een pistool van haar vingers om zichzelf door het hoofd te schieten. Ook draaien de handen van de artiesten op Indische wijze door elkaar. Er ligt een flinterdunne grens tussen diepgaande mystiek en opgeblazen zweverigheid. Gobbi en Lombarte steken die grens geregeld over.

Uiteindelijk kruipen ze onder het gordijn om samen de Baba Jaga van de titel tot leven te wekken. Het gelaagde kostuum van Agustina Cédola mag er zijn. Terwijl deze imposante poppenvrouw rondkijkt, luistert het publiek naar een spookachtige soundscape met een bezwerende tekst in drie talen: “Men smell sweat”, “They told me stories about my grandmother”, “I am the fire. Je suis le feu. Yo soy el fuego”. De omfloerste aanklacht tegen de patriarchale samenleving verdrinkt in een hoogdravende woordenstroom. Bij filmregisseurs is ‘Show, don’t tell’ een gouden regel, maar deze Baba Jaga blijft onverstoord wezenloos terwijl de toeschouwers afhaken.

‘Baba Yaga’ is op alle manieren uit balans.    

De rijzige heksenfiguur draagt nochtans enorme beloftes in zich: wat gaat ze doen? Op welke manier zal ze bewegen? Hoe zal ze de boodschap van de voorstelling verder uitdragen? Geen van die vragen wordt beantwoord, want na de pompeuze monoloog verlaten de artiesten hun gedeelde plunje. Ze kruipen knus bij elkaar, de ene zingt een zacht, bijna onhoorbaar wiegeliedje voor de ander. Floreerden Gobbi en Lombarte aan het begin van de voorstelling nog in uitvergrote dramatiek, zijn ze halfweg bijna te subtiel, zeker in de rumoerige openlucht. ‘Baba Yaga’ is op alle manieren uit balans.

Parcours van strooizout

Het betekent niet dat het verhaal van de heks niet mag verteld worden. We associëren ze dan wel met lang vervlogen tijden, het wantrouwen tegenover vrouwelijke vrijdenkers leeft tot op de dag van vandaag voort. We noemen ze alleen geen heksen meer. Tussen de lijnen door kaarten de artiesten dit blijvend probleem aan. Door als zussen aan te treden (zoals het programmaboekje vermeldt) die samensmelten tot het archetype van de Baba Jaga, lijken Gobbi en Lombarte overigens aan te knopen met een variant in de overlevering van het Slavische heksenverhaal. Daarin vergezellen twee zussen de oermoeder Baba Jaga. Ze dragen niet alleen dezelfde naam, maar fungeren ook als drie-eenheid.

Het acrobatische slotnummer is krachtiger en expressiever dan al het voorgaande, maar komt te laat.

Het is een weetje dat ik achteraf heb opgezocht, maar veel meerwaarde geeft het de voorstelling niet. Hetzelfde geldt voor het ritueel waarin de heks – want het duo hijst zich naderhand toch terug in het kostuum van Baba Jaga - een parcours van strooizout aanlegt. Dat moet haar beschermen tegen kwade geesten en negatieve energie. Het verandert niets aan de conclusie: elke handeling in ‘Baba Yaga’ lijkt dan wel doordacht, in de kromme structuur en de grootsprakerige beeldtaal van de voorstelling wordt zelfs het meest oprechte gebaar zinloos. Het acrobatische slotnummer is krachtiger en expressiever dan al het voorgaande, maar komt te laat om de scheve situatie recht te trekken.

Het siert Gobbi en Lombarte dat ze goedkoop spektakelcircus achterwege laten in ‘Baba Yaga’. De geconcentreerde aanpak waar de makers in de plaats voor kiezen keert zich helaas tegen hen. ‘Baba Yaga’ mag dan wel conceptueel waterdicht én waardevol zijn, met zulke omhooggevallen pathos is het moeilijk zieltjes winnen.

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz