Het wordt een jaarlijkse traditie: op TAZ geven we onze expertise door aan de volgende generatie. Drie dagen lang doken we met Koerian Verbesselt, Adel Aïcha Ben Abid, Liesa Van Dyck, Jonathan van der Horst, Madelief Sannen, Gijs Suy, Pepijn Loobuyck, Flora Bonneure Vanclooster en Maïté Egeolu in alle voorstellingen van Jong Werk.
Onder begeleiding van ervaren critici Evelyne Coussens, Floris Baeke en Liv Laveyne schreven ze elk een recensie over één jonge makers-voorstelling. Lees hun beschouwingen hieronder.
Extra beschouwing over Jong Werk vind je trouwens ook in onze speciale TAZ-podcast met Wouter Hillaert, Liv Laveyne en Evelyne Coussens.
Wil je volgend jaar ook deelnemen aan de Summerschool? Schrijf je onderaan deze pagina in op onze nieuwsbrief en raak als eerste op de hoogte van onze oproepen, ook voor andere pzazz-workshops.
Maïté Egeolu over 'Middle Class Baby Punk': Kleurrijk concert-cosplay voor een grauwe werkelijkheid
‘Middle Class Babypunk’ is een concert-cosplay. De podiumvloer ziet eruit als de speelhoek van een kind: een plastieken trompet, een kleine gele gitaar, een wolkenlampje, een puzzeltapijt met auto’s erop, een kleine rode stoel, een mini-piano, een fluit met flashy groene accenten, een speelmicrofoon gekoppeld aan een mini-versterker en op het statief nog een andere geelroze plastieken kindermicrofoon. Egon Schoelynck verzorgt concept, stem, gitaren, trompet, fluit, drums, tekst, scenografie én kostuum voor zijn one-bald-man-punkband ‘Middle Class Babypunk’.
Liesa Van Dyck over 'Ik ben Funny': Hokjes maar dan Funny
In 'Ik ben Funny' neemt Funny Bergman – de alias van de Nederlandse Bibi Roos – het publiek mee in een absurdistische, theatrale comedytrip waarin ze lastige vragen niet schuwt. Wat is gender? Wat is identiteit? Wat is seksualiteit? Waarom worden mensen in hokjes geplaatst, en nog belangrijker: hoe kom je daar ook weer uit?
Jonathan van der Horst over 'IWANTADIVORCE': Beckett in SimCity
In ‘IWANTADIVORCE.’ van Indra Hauben en Lennert Van Nuffel landen twee Sims-achtige figuren in een loods in het Oostendse havengebied. Met veel fysieke precisie en groteske humor gaan ze de mallemolen van laatkapitalisme te lijf. Of ze er ook aan ontsnappen, is nog maar de vraag.
Madelief Sannen over 'Schwe Schwes Schwester Schwestern'': Wanneer vier stemmen één verhaal worden
‘Schwe Schwes Schwester Schwestern’ is een tragikomedie én een ode aan de schoonheid van familiale chaos. Vier zusters-spelers doen een poging om herinneringen te ordenen en elkaar via theater opnieuw te ontmoeten.
Adel Aïcha Ben Abid over 'I LOVE ME(N)': Hij wil me alleen als ik sexy ben
Op Theater Aan Zee brengt Dorelia Schraven 'I LOVE ME(N)'. De finaliste van het Amsterdams Kleinkunst Festival 2026 wijdt in cabaretvorm uit over haar complexe gevoelens met de mannen in haar leven. Taboes worden open besproken in een voorstelling over genderdynamieken, zonder dat het omslaat in een oppervlakkig feministisch pamflet.
Flora Bonneure Vanclooster over 'I LOVE ME(N)': Ik haat mannen... niet
Nog voor Dorelia Schraven begint te spreken, heeft ze al een personage neergezet: ze staat alleen op het podium met haar armen omhoog in een strak Juicy Couture-setje. Haar one-woman-show I LOVE ME(N) begint met verschillende uitdagende poses en dansbewegingen, ze twerkt en laat zich zakken in een split in een striptease-geïnspireerde routine, nog zonder muziek. “Superposities”, zegt Schraven zelf: een begrip uit de kwantummechanica dat duidt op het gelijktijdig bestaan van meerdere verschillende toestanden. Ze verwijst naar Schrödinger’s kat die, zolang er geen waarneming plaatsvindt, tegelijk levend en dood is. Ze begint te spreken over mannen. “Ik haat mannen… niet.”
Gijs Suy over 'het gebied': Ruimte creëren
Hanna Peeters en Xander Kindt staan op scène in blauwe pakken. Ze spreken het publiek toe alsof ze stewards in een ruimteschip zijn. Op monotone maar vriendelijke wijze wordt medegedeeld dat het publiek best haar mobiele telefoon uitschakelt. Wie oude bekenden wil groeten of nog even contact wil leggen met hun buur voordat deze voorstelling staat te beginnen, heeft daar nu nog de kans toe. Die oproep tot verbinding zal een leidraad vormen in de voorstelling.
Koerian Verbesselt over 'OP DREEF': De dingen zijn niet wat ze lijken
Wij, serieuze volwassenen, kennen de staat der dingen. Met een plank timmer je, met een visnet vist men, een trechter compenseert onze gebrekkige hand-oogcoördinatie. Een ding is een middel tot een bepaald doel. In 'OP DREEF' doen Arend en Eland Peeters hier gelukkig niet aan mee. Ze herinneren ons, serieuze volwassenen, aan de grenzeloze mogelijkheden van een beetje fantasie.
Pepijn Loobuyck over 'Do You Remember Revolution': Laffe revolutionairen
In ‘Do You Remember Revolution’ vraagt regisseur Rinus Martha Chaerle zich af of we onze revolutionaire spirit verloren zijn. Is het angst die ons verhindert die stap te zetten? Schuilt er achter onze revolutionaire leuzen een diepe angst voor wat er dan volgt? Wat na de revolutie? Als alles kapot is, wat blijft er dan nog over?
Onze Vlaamse subsidie valt na 1 jaar weg.
Zonder lezerssteun kan pzazz niet blijven doorgaan.
Steun ons werk maandelijks of jaarlijks naar eigen vermogen.