Toneel / Muziektheater / Performance

New Measuring Rites Manon Santkin

Vrolijke wetenschap

‘New measuring rites’ van Manon Santkin is een bedrieglijk luchthartige voorstelling. Vernuftige scènes schetsen in een klein anderhalf uur een beeld van klungelende en stuntelende wetenschap, maar tegelijk is dit een verrukkelijk spel van theatrale illusies. 

Uitgelicht door Pieter T’Jonck
New Measuring Rites
Pieter T’Jonck Stuk Leuven, Soetezaal meer info
11 oktober 2019

Je weet niet waar eerst te kijken. Het podium van ‘New measuring Rites’ staat eivol. Een groene en een gele driehoek met daarop een statief voor een zware theaterspot. Een knalroze emmertje. Rode vierkante platen aan kettingen, als primitieve weegschalen. Verder ook nog een knalgele ventilator, een groene driepikkel, ballonnetjes, en nog veel meer. Daarboven slingeren kriskras felgekleurde draden. Grote doeken en panelen in gekleurd cellofaan vormen links een soort achtergrond. Het lijkt een uit de hand gelopen knutselatelier.

Maar wat het meest de aandacht trekt is het rode doek vooraan, waar klaarblijkelijk drie mensen onder verstopt zitten. Je hoort hun versterkte stemmen om beurt, zonder dat je hen ziet,. Daardoor lijken die stemmen los te komen van de lichamen waar ze toe behoren. (Later merk je dat dat een vast motief in de voorstelling is).

Ze hebben het over ‘the current situation’. Wat ze beschrijven is precies wat een kijker ervaart bij het begin van een voorstelling: hoe je zetel aanvoelt, hoe je ademt, hoe je de situatie als vreemd maar toch herkenbaar ervaart, enzovoort.

Maar dan hebben ze het plots uitgebreid over de vloer onder je voeten. Vanaf dan loopt hun verhaal amok. De vloer beschrijven ze als een oneindige vlakte, die door muren bij elkaar gehouden word. Die muren stijgen dalen volgens hen dan weer vanuit de hemel neer. Al gauw kan je er geen touw meer aan vastknopen. Het gaat dan over as die opstijgt uit een fabriek tot de zon of over fotonen die vrijkomen bij een zonnevlam en naar de aarde geslingerd worden.

Zo kom je terecht in een Neverland waar alles kan. De fotonen waarvan sprake zakken bijvoorbeeld met een emmertje neer op de vloer. De lichtscenografie van Henri-Emmanuel Doublier kleurt de gebeurtenissen vanaf nu ook vrolijk bij.

De drie performers, naast Santkin zelf Maeva Cunci en Pavle Heider, zijn ondertussen van onder het rode doek tevoorschijn gekropen, en wandelen voorzichtig, met de ernstige blik van een onderzoeker, rond op het podium. Ze vragen zich af of ‘the current situation still exists’ en of ‘it happens now and here’? Waarop ze ijverig, maar in het wilde weg, zelfs blind, alles opmeten.

Die rituelen zijn erg grappig. De termen waarmee ze situaties beschrijven en de meetmethodes die ze toepassen zijn ‘alt science’. Zo produceren ze als bij toeval het cijfer zes, en dichten er meteen een klank aan toe. De lengte van die klank meten ze dan met water uit een bidon. Ook een pompeus dansje wordt met water gemeten. Maar helaas: ‘your dance does not fill the carafe’.

Your dance does not fill the carafe!

Het is een puur theatraal spel: alles kan hier voor alles staan, en doet dat ook. De score van Lieven Dousselaere blaast die werktuiglijke arbeid op tot soms heroïsche proporties. De stemmen, gemanipuleerd door een vocoder, veranderen bij elke performer mee volgens de rol die hij of zij spelen. De performers belichamen zo als marionetten de figuur van de wetenschapper.

Haast terloops evoceert deze pseudowetenschap de geschiedenis van de echte wetenschap, die ook maar wat stuntelde van het ene foute paradigma naar het volgende, waarbij men telkens weer dacht het nu toch wel heel zeker te weten. Het voorbeeld is zonder twijfel Johann Wolfgang von Goethe met zijn bloedserieuze, maar totaal uit de lucht gegrepen, kleurentheorie.

Een kantelpunt volgt als wetenschap operationeel gemaakt wordt. Cunci bekent aan Santkin dat ze niets meer te bieden heeft dat te wegen valt. Santkin repliceert dat ze dan maar voor haar moet werken. De vocoder laat haar stem op dat moment dalen tot een zware mannenstem.

Vanaf dat moment is het afgelopen met meten. Uiterst bedrijvig verplaatsen de performers nu witte pellets van polystyreen van de ene hoek van het podium naar de andere. Wetenschap wordt industrie. Er ontstaan arbeidsverhoudingen, met bazen en arbeiders. Ook in dit spel, een hilarische persiflage van de wereld van het werk, heerst een bijna plechtige ernst.

Op een vederlichte manier, bijna terloops, schetst dit stuk zo op een strikt onwetenschappelijke, maar wel heerlijk fantasievolle, manier hoe de moderne samenleving zich door de wetenschap ontwikkelde tot wat ze nu is.

Daar eindigt het stuk: een reusachtig plastic zeil wordt omhoog getakeld tot het de vorm aanneemt van een bergspits in de Alpen. De rode doek waar de spelers zich onder verstopten wordt er overheen gedrapeerd. Heidler trekt ook nog een slingerspoor in de witte pellets op de vloer, alsof hij een skipiste aanlegde. Santkin laat een grote spot achter het gekleurde cellofaan links van het podium rijden, zodat de berg in wonderlijke kleuren, als van een zonsondergang baadt. Een stem vraagt ‘Are we still in the current situation?’

Het is een prachtig beeld, omdat het zoveel tegelijk oproept. Het illustreert hoe je met heel weinig materiaal heel veel kan suggereren op een podium. Het is ook een logisch eindpunt in het verhaal: na het onderzoek en het werk volgt…vakantie. Maar je kan het ook lezen als het slot van een scheppingsverhaal: op de 7e dag rusten de spelers. Last but not least: het rode doek op de ‘berg’ heeft ook een omineuze bijsmaak. Het lijkt alsof de berg ‘bloedt’. Een hint naar de klimaatcrisis, het uiteindelijke gevolg van alle wetenschap en industrie van de laatste paar eeuwen? Of denk ik dat alleen maar?