strike Wu Tsang, Moved by the Motion & NTGent
Een spel van herhaling en verschil
Waarom blijft Carmen ons zo fascineren? In een mix van muziek, dans, flamenco, film en poëzie onderzoekt Wu Tsang met haar collectief Moved by the Motion de blijvende aantrekkingskracht van Bizets operaklassieker – en de femicide die erin besloten ligt. Met een onconventionele benadering legt ze niet alleen het geweld in de schoonheid bloot, maar trekt ze ook het gordijn open naar een geheel nieuwe lezing.
George Bizet’s ‘Carmen’ blijft ook vandaag tot de verbeelding spreken. Ondanks een matige ontvangst bij de eerste opvoering in Parijs op 3 maart 1875 staat deze opéra comique te boek als de meest opgevoerde opera van de afgelopen eeuw. Wie kent er niet ‘Habanera (‘L’amour c’est un oiseau rebelle’)’ of ‘Air de toréador (‘Votre toast, je peux vous le rendre’)’, de twee aria’s die respectievelijk de onweerstaanbare sfinx en ‘belle dame sans merci’ Carmen en toreador Escamillo introduceren?
De welbekende opera vertelt het verhaal van een vrijgevochten Romavrouw die weigert toe te geven aan de constante – bijna obsessief stalking-achtige? – charmes van legerofficier Don José. Die laatste kan dat niet aan en dat moet Carmen met de dood bekopen. De moord op deze femme fatale is in oude termen een wanhoopsdaad, de standrechtelijke executie van een heks. Haar ombrengen kan je zien als een symbolische wraakoefening van het mannelijke op het vrouwelijke, en tegelijkertijd de morele bezwering door het ‘burgerlijke’ van het vreemde en het andere. In moderne termen kom je dan uit bij femicide.
Steeds opnieuw tot leven gewekt
In 2024 voegde de Amerikaanse filmmaker en performancekunstenaar Wu Tsang met haar collectief Moved by the Motion bij Schauspielhaus Zürich haar eerste bijdrage toe aan de uitgebreide geschiedenis van het stuk. Toen ging ze de uitdaging aan Carmen als nieuw aan te kleden en van meer gelaagdheid te voorzien. Het openingsbeeld zette meteen de toon. Liefst drie Carmens verschenen ten tonele, deze keer niet als Romavrouw maar elk als felrode flamenca.
Die aanpassing vormde een kritiek op Bizet, die Carmen nogal eenvoudigweg exotiseerde als Romavrouw, maar zelf nooit in Sevilla, de zelfverklaarde geboorteplaats van de flamenco, was geweest. Of hoe de stervende operaheldin en haar verhaal toch enige context en gelaagdheid kregen. Toch eiste in deze opvoering vooral een ‘dode’ Carmen de aandacht op. Ze bleef de hele opera lang rondspoken, schokkerig dansend en gesticulerend, als een zombie opgestaan uit het graf.
Die vraag waart ook rond in ‘strike’, het nieuwste onderdeel binnen haar lopende onderzoek naar Carmen na de eerdergenoemde voorstelling en ook een film. Waarom blijven we zo gefascineerd door die eindeloze herhaling van femicide? Waarom wordt Carmen steeds opnieuw tot leven gewekt om haar vervolgens weer te doden? De mengelmoes van beelden uit de filmgeschiedenis die het verhaal van Carmen als uitgangspunt nemen en deze opvoering starten, illustreert alvast onze blijvende aandacht.
Vanuit het goed gevulde repertoire en eigen onderzoek gaan Tsang en haar kompanen op zoek naar ‘wormholes’ om uit de gekende opera te ontsnappen.
Want is het verhaal van Bizet, gebaseerd op de novelle van Prosper Mérimée, dan zo boeiend? Actrice Perle Palombe geeft tegen het einde toe dat ze vaak afhaakt: "I’m spacing out most of the time. And I never listen to it completely.’" Toch keert ook zij keer op keer terug, maar dan vaak naar kleine details of passages die net voorbijgaan aan de waan van het verhaal en wijzen op waar het echt om gaat: het steeds terugkerende geweld tegen vrouwen.
De woorden van Palombe beschrijven treffend hoe Tsang en haar kompanen hun ‘herwerking’ opvatten. Verwacht je zeker niet aan het horen van de eerdergenoemde bekende aria’s. Ook het gekende verhaal laten ze grotendeels links liggen. Wat volgt zijn zeven hoofdstukken, of eerder fragmenten, met titels als ‘BULLFIGHT’, ‘TAROT’, ‘FLUTTER’ of het voorspelbare ‘DEATH’.
Vanuit het goed gevulde repertoire en eigen onderzoek over Carmen gaan ze op zoek naar ‘wormholes’ om uit de gekende opera te ontsnappen en een link te leggen naar onze realiteit. We zien beelden van Carmen en haar collega’s die de tabaksfabriek waar ze werken verlaten. Het vormt voor Palombe de aanleiding om een Franse sociologe genaamd Marguerite Raynaud te introduceren. Of ze echt bestaan heeft, is en wordt niet duidelijk. Enig opzoekwerk online doet vermoeden van niet. Toch weet de dialoog tussen Palombe en Tsang die uitwaaiert naar onder meer ‘La Sortie de l'Usine Lumière à Lyon’ reflecties te introduceren over macht, arbeiders, stakingen en massaprotest en het politiek potentieel van kunst.
Onconventioneel knutselwerk
De werkwijze die het stuk kleurt heeft iets van montage. Losse fragmenten hedendaagse dans van Tosh Basco en Josh Johnson en flamenco van Sara Jiménez Andrés verweven zich met het saxofoon- en gitaarspel van respectievelijk Tapiwa Svovsve en Raúl Cantizano. Dat wordt verder aangevuld met poëtische reflecties van Tsang en acteerwerk van Palombe.
Tsang speelt wel vaker met dat soort knip-en-plak methodieken waarin ze feit en fictie, verhaal en commentaar, heden en verleden, genres en disciplines met elkaar verweeft. Bekende voorbeelden uit haar oeuvre zijn ‘Wildness’ (2012), een experimentele documentaire over een LGBTQIA+-bar in Los Angeles die worden doorspekt met magisch-realistische elementen. Of ‘One emerging from a point of view’ (2019), dat focust op het verweven verhaal van de vluchtelingen en inwoners op het Griekse eiland Lesbos. Die films vertrokken vanuit een documentaire blik, maar Tsang voegde er steeds fictieve elementen aan toe om de meerduidige aard van deze verhalen naar de oppervlakte te brengen. Later draaide ze die methodiek om, zoals in ‘MOBY DICK or The Whale’, waar ze het bekende verhaal aanvulde met documentaire materiaal over de walvisvangst en slavenhandel.
Misschien is het Tsang daar wel om te doen: het keer op keer blijven herhalen, aanpassen of iets toevoegen om zo vernieuwing en dus verschil mogelijk te maken.
Het mag duidelijk zijn dat Tsang met haar eigenzinnig knutselwerk hoopt nieuwe betekenissen en lagen bloot te leggen of toe te voegen. Misschien speelt ze daarom ook zo met het openen en sluiten van theaterdoeken, alsof die betekenissen daarachter verborgen zitten. Door uiteenlopende fragmenten samen te brengen zonder altijd duidelijke verbanden te leggen, doorbreekt ze bewust de traditionele, lineaire vertelling, of het nu om ‘Carmen’, ‘Moby Dick’ of onze geschiedenis gaat. Zo weerspiegelt ze juist de complexiteit, veelstemmigheid en gefragmenteerde aard van onze ervaring en ons verleden. Door regelmatig scènes te filmen waarvan de beelden live geprojecteerd worden, legt ze niet alleen die nieuwe verhalen vast en maakt ze die deel van een nieuwe geschiedenis, ze benadrukt ook meteen de gemaaktheid van die geschiedschrijving.
Net voor het einde speelt het collectief op nogal gekunstelde wijze keer op keer een scène na uit een Carmen film-adaptatie waarvan we de beelden ook geprojecteerd zien. Het constante herhalen maakt dat op de duur een andere betekenis dan die van de oorspronkelijke filmscène verschijnt. Misschien is het Tsang daar wel om te doen in haar onconventionele maar net daar daardoor ook treffende adaptatie. Het keer op keer blijven herhalen en keer op keer een detail aanpassen of iets toevoegen om zo vernieuwing en dus verschil mogelijk te maken. Want ons verhaal is nooit af. Het moet steeds geschreven blijven worden. Of zoals Basco zelf de voorstelling besluit: "There's something in both, Carmen the character and Carmen the opera. There’s something that resists completeness…That’s your only option, to start all over."
Genoten van deze recensie?
Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.
Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.
Steun pzazz