Circus

KOKKON Grensgeval

De last van de ontmoeting

Een verlaten industrieterrein vormt het decor voor ‘Kokkon’, waarin de tocht naar de speelvloer al onderdeel is van de voorstelling van Hanne Vandersteene & Mahlu Mertens. Op een sterk ruimtelijk geluidsontwerp cirkelen performers Jakob Lohmann en Keivin Benavides Hidalgo om elkaar heen in een eigen poëtische wereld waarin zelfs een stoeprand een hindernis wordt en samenwerking voortdurend omslaat in competitie.

Uitgelicht door Bas Blaasse
KOKKON
Bas Blaasse Fluviussite, Gent in het kader van Miramiro
25 juli 2026

Voor een gesloten hek van een verlaten ogend industrieterrein is het wachten op Jakob Lohmann. Volgens de introductie is hij al dagen onderweg, helemaal vanuit Italië. Hij kan na zo’n lange tocht wel wat support gebruiken; we vormen een erehaag om hem terug te verwelkomen. Ondertussen worden er een stuk of tien lange palen, met daarbovenop bevestigde kleine luidsprekers, uitgedeeld aan het publiek. Tussen het geroezemoes hoor ik tjirpende vogelgeluiden, wanneer de artiest eindelijk de hoek om komt.

De ballon lijkt voortdurend aan de zwaarte van het beton te willen ontsnappen, maar Lohmann blijft eraan vastgeketend.     

Het is meteen duidelijk waarom hij zo laat is. Zijn voeten zitten vast in massieve betonnen blokken. Hij sleept en schuift zich met grote moeite vooruit. Boven hem zweeft een roze ballon. Een ogenschijnlijk eenvoudig beeld. De ballon lijkt voortdurend aan de zwaarte van het beton te willen ontsnappen, maar Lohmann blijft eraan vastgeketend. Of is het juist de ballon die hem voorttrekt? Lohmann  leidt het publiek verder het terrein op. Het is nog onduidelijk waarnaartoe, net als het maar de vraag is wie of wat hier daadwerkelijk de leiding heeft.

Het einde van zijn lange reis is het begin van de voorstelling. Stap voor stap, blok voor blok, sleept hij zich over het terrein. Met zulke klompen vormt zelfs een kleine verhoging in het trottoir een hindernis. Gelukkig wordt hij geholpen door het publiek dat hem aanmoedigt en soms letterlijk een handje toesteekt. Vanuit de stoet ontstaat zo een luchtig beeld van een roze ballon die voor de groep uitwaait. Vooraan ben je getuige van Lohmann zijn inspanningen en gevecht.

Een speelse wereld

De hele opzet heeft natuurlijk iets weg van slapstick, maar flauw wordt het niet. Het is de wereld die door Lohmanns lot verandert. Door zijn betonnen blokken gaan we anders naar de omgeving kijken. Het schept ruimte om aandacht te hebben voor anders onbeduidende dingen, zoals een kleine ijzeren rail of de kleine tientallen meters die voor ons liggen. Zijn ingetogen spel versterkt de geloofwaardigheid van die absurde wereld.

 Het geluid dat daardoor als het ware door het publiek zweeft versterkt het gevoel van een eigen wereld.    

Dat doet het geluidsontwerp van Aifoon ook, dat een belangrijke en nadrukkelijke rol speelt. De kleine luidsprekers spelen afwisselend verschillende fragmenten af. Het geluid dat daardoor als het ware door het publiek zweeft versterkt het gevoel van een eigen wereld, maar verbindt tegelijk de voorstelling met de industriële omgeving en creëert een verdere immersie. We horen kerkklokken, telefoons, radio’s die naar een zender zoeken, machinale geluiden en later watergeluiden en elektronische ambientklanken.

Pas na die gezamenlijke verplaatsing start de eigenlijke voorstelling: een duet tussen Jakob Lohmann en Keivin Benavides Hidalgo. Het publiek vormt een cirkel rond een speelvlak waarop meer betonnen objecten liggen, een tweede ballon wacht en Keivin zit met zijn hoofd gevangen in een betonnen blok. Zijn last is mogelijks nog groter dan die van Lohmann. Toch weet Hidalgo zichzelf ondersteboven te bevrijden.

Gedeelde competitie

Vanaf dat moment ontwikkelt ‘Kokkon’ zich als een samenspel. De twee performers proberen elkaar te bevrijden, helpen elkaar overeind, maar werken elkaar even vaak tegen. Ze lijken voortdurend te zoeken naar een vorm van samenwerking zonder altijd hetzelfde doel zichtbaar te delen. Die ambiguïteit maakt hun samenspel interessant. Soms lijkt de een de ander oprecht te willen helpen, even later lijken ze gevangen in een kleine machtsstrijd. Wie bepaalt de richting? Wie zet de toon? Zijn hun intenties oprecht? Wanneer wordt uitdagen een vorm van samenwerken – en andersom? Het is mooi hoe in en door de acrobatische handelingen zulke vragen ontstaan.

Er zijn indrukwekkende balansen, handstanden en partneracrobatiek, maar de technische virtuositeit wordt nooit een doel op zich.    

De acrobatiek blijft ingetogen, passend bij hun aanstekelijke spel dat een enorme oprechtheid uitstraalt. Er zijn indrukwekkende balansen, handstanden en partneracrobatiek, maar de technische virtuositeit wordt nooit een doel op zich. Het is een wereld die ontstaat in de beelden die uit de acrobatiek voortkomen: twee lichamen die elkaar voorzichtig leren kennen, tegen elkaar leunen, op elkaar aangewezen zijn. Al is het maar omdat ze samen moeten balanceren op betonnen blokken, of de ballon die telkens weer dreigt te ontsnappen moeten vangen.

Dat ze niet altijd slagen in hun streven, lijkt niet altijd ingestudeerd, wat hun gedoseerde spel alleen ten goede komt. Er zit veel humor in de voorstelling, maar die wordt niet te dik aangezet. Lohmann kijkt geregeld aarzelend het publiek in wanneer de hulp van zijn partner eerder onhandig dan behulpzaam blijkt. Die blikken zijn vaak voldoende om een lach op te roepen. Meer heeft de kwetsbaarheid van de voorstelling niet nodig.

Onbepaalde kracht

De kracht van ‘Kokkon’ ligt in die openheid: het is niet altijd duidelijk of de twee mannen elkaar nu uitdagen of ondersteunen, of ze hetzelfde verlangen delen of niet. Vermoedelijk schuilt daar een bredere waarheid in. Competitie en samenwerkingen delen waarschijnlijk een complexere verstrengeling dan we vaak denken. Een eigen verlangen is zelden onafhankelijk van dat van anderen.

Het publiek blijft voortdurend betrokken.

Het gebrek aan eenduidigheid maakt dat de voorstelling waarschijnlijk minder over ‘zwaarte’ gaat dan over zoiets als een gezamenlijk ontstane betekenis en een gedeelde last. Vanaf de erehaag en het aanmoedigen, het helpen en het verspreiden van de luidsprekers, blijft het publiek voortdurend betrokken bij de vraag hoe een bepaalde opgave kan worden gedeeld. Juist doordat het nooit helemaal vastligt wat er op het spel staat, blijven de twee performers, het beton, de ballonnen en de geluiden onderhouden en ontvankelijk voor diverse interpretaties.

Genoten van deze recensie?

Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.

Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.

Steun pzazz