Toneel / Dans / Muziektheater

Congo Faustin Linyekula

Tout était à nous

Drie Congolese performers vertellen de koloniale geschiedenis van hun land vanuit het perspectief van de witte ontdekkingsreizigers. Met tekst, zang en dans brengen ze het trauma op het podium. De groteske misdaden van Henry Morton Stanley, Charles Lemaire en Léon Fiévez zijn vandaag nog steeds relatief onbekend. Mede daardoor herkennen we onze huidige koloniale denkbeelden niet. Faustin Linyekula moet dit vertellen en wij moeten luisteren.

Uitgelicht door Lotte Bode
Congo
Lotte Bode KVS Box
Kunstenfestivaldesarts
meer info
25 mei 2019

De moderne dansvoorstellingen van de gevierde Faustin Linyekula toeren de wereld rond. Toch kon zijn voorstelling ‘Histoire du théâtre II’ eerder dit jaar niet doorgaan in NTGent omdat de castleden geen reisvisum naar België kregen. Zowel Congolese als Belgische autoriteiten droegen daar verantwoordelijkheid voor. Het is maar één voorbeeld van hoe het kolonialisme vandaag voortleeft. Met ‘Congo’ toont Linyekula de pijn die daarmee gepaard gaat.

'Nog nooit hadden zo veel staten geprobeerd om het eens te worden over een slechte daad'. Aan de basis van ‘Congo’ ligt het gelijknamige boek van Prix Goncourt-winnaar Éric Vuillard. Hij beschrijft onder meer hoe zestien Westerse landen ongegeneerd discussiëren over de verdeling van Afrika op de Conferentie van Berlijn in 1884. Hij vertelt het verhaal van de uitgekookte 'ontdekkingsreiziger' Henry Morton Stanley maar rakelt vooral de wandaden op het terrein op na de inbezitneming van het land. Zo hoor je hier over bewindvoerder Léon Fiévez, die besliste dat elke afgevuurde kogel 'gerechtvaardigd' moest worden met een afgehakte rechterhand.

Acteur Daddy Moanda Kamono brengt de roman met veel gevoel en af en toe wat humor. Hij laat ook blijken dat dit geen afgesloten verhaal uit een ver verleden is. Hij noteert bijvoorbeeld dat een directe afstammeling van Georges Chodron de Courcel, die het mooie weer maakte in Berlijn in 1884, ook nu nog tot de Franse haute finance behoort. Om het extra bitter te maken: die Chodron maakte fortuin met ... rubberzolen, waarvoor de grondstof uit Congo kwam.

Als Congolees de gruweldaden van westerse kolonisatoren navertellen, is op zich al een enorm krachtige gebaar. De performers doen dat bovendien door sterke dans- en zangpassages die de tekst begeleiden. De ingetogen dans van Linyekula schippert tussen soepel heupwiegen en posttraumatische stuiptrekkingen. Met haar warme stem zingt Pasco Losanganya liederen geïnspireerd op die van het Mongo volk. Zelf komt ze ook uit het Noord-Westen van Congo, de regio waar de praktijk van het handen afhakken het sterkst verbreid was. De drie performers schrijden door een ruimte die als een clair-obscur slechts lijnen of vormen uitlicht. Een klankband met bos- en riviergeluiden roept daarbij soms het Congolese binnenland op. Theater wordt hier een plek om een trauma te verwerken.

Doordat Moando Kamono drie vierde van het boek voordraagt, duurt de voorstelling meer dan twee uur. Het is daardoor geen sinecure om al wat hij zegt te bevatten. Maar het is minder de duur die de voorstelling zwaar doet wegen dan de schokkende inhoud ervan. Tegen het einde van de voorstelling geeft een slideshow van Congolese kinderen een gezicht aan de door onrecht getekende bevolking. Op dat moment schreeuwt Moando Kamono het op gezwollen toon uit. Voor je het gevoel krijgt dat Linyekula daarmee al te nadrukkelijk je gevoelens wil bespelen, doorbreekt hij zelf de dramatische toon. 'Ca va, ça va, Daddy, ils ont compris,' zegt hij laconiek. Maar dan laat hij droogjes blijken dat dit geen verhaal uit het verleden is: de exploitatie gaat nog steeds door.

 'Congo' is daarmee een belangrijke voorstelling. Met hun sterke, zeer fysieke présence en met nauwelijks enig decor tonen de performers de werkelijkheid achter de mooie praatjes van de kolonisator. Dat is aangrijpend. Zo staat Losanganya op een verhoogje terwijl het gaat over de verdeling van Afrika onder de Europese Mogendheden. Langzaam trekt ze de bovenzijde van haar kleed naar beneden. Met witte schmink verdeelt Linyekula haar rug in banen en noteert daar de namen van die grootmachten op. 'Tout était à nous',  roept Moando Kamono haar toe in de geest van Leopold II en zijn kompanen. Ze ondergaat, ze is kwetsbaar, maar ze versaagt niet. Een sterk en zeer confronterend beeld.

 Hoe pijnlijk het onrecht is dat Congo onderging blijkt ook hieruit: de voorstelling speelt in een witte instelling, ensceneert het boek van een vermaarde witte auteur en wordt nu beoordeeld door een witte recensent. ‘Congo’ bevestigt wat het laat zien: de structurele macht en privileges van witheid. Theater zoals ‘Congo’, waarin we samenkomen en luisteren, is daarom urgenter dan ooit.