Toneel

Am Königsweg Falk Richter / Deutsches Schauspielhaus Hamburg

Carnaval over alles wat misloopt vandaag

‘Am Königsweg’ is een wat oeverloze tekst van Elfriede Jelinek over onze wereld en zijn onwaarschijnlijke leiders, nu en in het verleden. Alleen voor Jelinek-fans. Maar nu is het ook een voorstelling van Falk Richter voor Deutsches Schauspielhaus Hamburg: een carnaval aan scènes, in een variëteit aan stijlen, gedragen door een uitstekende bezetting. Een stuk over onze wereld, met grappen, grollen en redevoeringen. Over Trump zonder Trump bij naam te noemen. Falk Richter is een regisseur met een grote theaterverbeelding. Onder de sterke groep spelers valt  de stervertolking van Benny Claessens op: een stervertolking.

Uitgelicht door Johan Thielemans
Am Königsweg
Johan Thielemans ITA, Stadsschouwburg Amsterdam meer info
28 november 2019

Je gaat graag kijken naar Falk Richter omdat hij één van de belangrijke Duitse regisseurs is. Hij wil theater maken over deze tijd. Consequent links. Neoliberalisme is voor hem een scheldwoord. Je gaat ook graag kijken omdat deze voorstelling uit 2017 overladen is met prijzen. Beste voorstelling van het jaar, bijvoorbeeld. Dat wakkert mijn nieuwsgierigheid aan, want Duits theater staat bij mij hoog aangeschreven.

Ook een tekst van Elfriede Jelinek, een lieveling van het Duitstalig theater, wekt je belangstelling. Maar dat viel me nogal tegen. Haar ‘Am Königsweg’ is een prozatekst van negentig bladzijden over het geval Trump, met als intellectualistische slimmigheid dat de naam van Trump nooit valt. Een stuk over Trump en niet over Trump, want die zit hier verscholen in ‘de koning’. In haar tekst ontbreekt een rolverdeling – er is één stem – die van Jelinek. De tekst is oeverloos: woordenstromen, vol gedachtesprongen, associaties en clichés (waarvan ik niet weet of ze ironisch bedoeld zijn, al vrees ik van niet, en daar wringt voor mij het schoentje). De opdracht luidt in feite : ‘Mijnheer de regisseur,  maak van deze onspeelbare tekst toch maar eens een voorstelling.

Falk Richter speelde dat klaar: hij hield veertig bladzijden over en haalde voor de enscenering alles . Al waar hij aan theatergenie over beschikt haalde hij uit de kast. Met een typisch Duitse productie als resultaat. Regisseurs zijn er elkaars concurrenten. Hun voorstellingen moeten opvallen, want anders missen ze het Theatertreffen in Berlijn. Dat leidt tot extravagant theater van een soevereine regisseur. Elke voorstelling is een voorstel waar je het als publiek mee eens kan zijn – of niet.

Maar in dat Duits theater wordt de verbeelding van de regisseur wel gedragen door eersterangs acteurs en actrices. Als Vlaming kan je niet anders dan hun spreektechniek bewonderen. Hoe persoonlijk de spelers ook zijn, de stem zit juist in het lichaam en projecteert moeiteloos in de zaal. Ze wedden op energie, spreken vaak retorisch, en gaan wel makkelijk tot schreeuwen over (deze voorstelling zit vol van voorbeelden hiervan). Maar steeds heb je het gevoel dat deze acteurs alles aankunnen. Zo verrassen ze in dit stuk door overtuigend songs van The Bee Gees, Joan Osborne, Bonnie Tyler, of Mazzy Star te zingen. Ik wist niet eens dat Benny Claessens zo goed zingen kon.

De vraag is dan : wat heb ik hier meegemaakt? Een bonte opeenvolging van scènes gestoeld op de meest uiteenlopende theateridiomen. Er zijn discussies in een realistisch register. Maar er is ook theatraliteit waarbij de spelers in een reeks gedaantes verschijnen : dan zijn ze verkleedt of dragen pruiken. Ze zijn blinden met bloedende ogen, of leden van de kuklux clan. Een acteur verschijnt plots als Kermit uit Sesamstraat (geen vondst van de regisseur, maar een moment in de tekst van Jelinek).

Dit gaat van sober, naar wild, naar uitgelaten, gedreven door een  niet aflatende energie. Een centrale figuur is de koning. Deze rol wordt vertolkt door Benny Claessens en hij is een register op zichzelf. Hij is in het roze – de kleur van koningen-, en sleept een mantel à la Lodewijk XIV met zich mee. Hij spreekt rechtstreeks tot het publiek, en krijgt van Richter alle ruimte om te improviseren. Dus spreekt Claessens het publiek toe, met grappen, met schalkse of stoute  opmerkingen, met een agressiviteit vol charme. Hij acteert constant op de  grens tussen een gecontroleerd ‘teveel’ en bijna gênante overdrijving. Maar in deze laatste val trapt hij nooit. Het is een wonderlijke vertolking, vanzelfsprekend uniek want volstrekt persoonlijk. Hij vormt ook een heerlijk contrast met de meer gepolijste Duitse cast. Geen wonder dat hij met deze vertolking in de prijzen is gevallen. Alleen al voor zijn verschillende scenes loont deze voorstelling de moeite.

Ik wist niet eens dat Benny claessens zo goed zingen kon. Een stervertolking.

Natuurlijk kan je niet om de vraag heen : waarover willen ze (Richter, Jelinek, de acteurs) het hebben? Het antwoord is niet makkelijk, want in de teksten flitsen de actuele  thema’s voorbij. Ik ervaar het als een lijst van onderwerpen die Jelinek als schrijvend afvinkt. Ik doe een poging : 1. De koning is een onwaarschijnlijke figuur – en niet alleen Trump. 2. Blinden zien en wij zijn stekeblind. Jelinek mengt graag klassieke referenties in de woordenbrij. Bij de blinde ziener hoor je dan te denken-‘ach Tiresias natuurlijk’, en dus komt er later wel een stukje tekst over Oedipus die zich de ogen uitsteekt ( vrij gruwelijk getoond in een video). Jelinek concentreert zich op de afloop van deze Griekse tragedie : Oedipus is een zoenoffer. Meteen sluipt er een soort medelijden binnen voor een koning die gestraft wordt – maar met deze kronkel kan je ook de vraag stellen of Trump dan echt van top tot teen  abject is? 3. De bankencrisis waarbij de Deutsche Bank zo’n perfide in rol speelde. 4. De dominantie van de blanke man, die paternalist en racist is. Hoe diep deze houding in de Westerse cultuur ingebakken zit, toont Jelinek aan door te verwijzen naar een puur racistische indeling van de mensheid door een ‘groot’ filosoof als Kant. Blank staat dan helemaal bovenaan en natuurlijk vind je zwart onderaan.  ( Deze tekst wordt gesproken door Idil Baydar, een Turks-Duitse actrice die als een soort geweten doorheen de voorstelling loopt). 5. Overal wordt er over het nieuwe gesproken ( ook in de politiek) maar is het nieuwe niet gewoon het oude dat terugkeert, luidt de vraag, met verve door Benny Claessens gesteld. 6. De waarde van woorden vandaag: ze zijn leeg. Een poëtisch/filosofisch moment, in een voorstelling die bol staat van tekst.

Hiermee is de lijst niet volledig. Maar je ziet dat het een opsomming is, en geen dramatisch materiaal. Ook geen discussie maar een parade van onderwerpen, die bij gelijkgezinden een instemmend knikken losmaken. Falk Richter maakte van deze ‘Am Königsweg’ een carnavalesk gebeuren, kleurrijk, grillig en ook erg komisch. Zo eindigt het eerste deel met een tafereel waarin de acteurs roepen dat het tijd is voor pauze, terwijl er toch iemand doorgaat. Richter paste die aanpak ook in de enscenering toe: een toneelbeeld met klassieke zuilen, Renaissance standbeelden en een opgezette tijger wordt plots vervangen door koninklijke zetels. Op de achterwand voegt videast Michel Auder daar een lange beeldmontage aan toe. Ook hier wordt uit een breed scala geput: het televisiejournaal, een portret van Hitler, een schilderij van Caravaggio,of executies. Een beeld van Trump ontbreekt echter: dat zou toch wat te banaal zijn, moet Richter gedacht hebben. Laten we het liever complex houden. Het is een zenuwachtig bombardement van beelden dat niet rechtstreeks met de tekst in verband staat.

Zo krijg je een heel lange voorstelling, waarin het schort aan innerlijke dwingendheid. Je zou er zo nog stukken uit kunnen schrappen, maar dat had Richter so wie zo al woest genoeg gedaan in de tekst. Hij moest ergens stoppen. Zo kom je met gemengde gevoelkens buiten. Je onderging een rijke vorm van toneel, je zag een prachtige ploeg spelers met dat totale engagement dat je zo graag  bij Duitse spelers ziet. Voor fans van Jelinek zal het wel een, onvergetelijke avond zijn. Maar Jelinek is voor mij, het grootste probleem – schrijven zonder maat is na meer dan drie uur wel erg vermoeiend.

Een technische opmerking : Falk Richter laat de spelers geregeld improviseren, en dan laat de boventiteling het afweten. Benny Claessens doet dat in een mengeling van Duits en Nederlands, maar als de Duitse acteurs er op los improviseren mis je natuurlijk heel veel als je het Duits niet voldoende machtig bent. Zo moet je het bij Idil Baydar vaak zonder vertaling stellen. Dat is erg frustrerend. Daar heeft Richter te weinig  over nagedacht. Dat is spijtig.