Dans

Moving in concert Mette Ingvartsen

Une synergie de matière, de son et de lumiere

Aller à la première d’un spectacle de Mette Ingvartsen annoncé comme abstrait est très exaltant car dans ses travaux des dix dernières années, la chorégraphe a fait preuve d'une vraie force en abordant souvent de front des sujets tels que la place et les mécanismes de la sexualité dans la société. Une proposition comme 'Moving in concert' semble être annonciatrice d’une nouvelle voie dans son parcours et il nous tarde d'en découvrir les dernières stratégies. (NL vertaling onderaan)

Uitgelicht door Lodie Kardouss
Moving in concert
Lodie Kardouss Kaaitheater, Brussel meer info
07 oktober 2019

Avant de rentrer dans la salle de spectacle, les neuf danseurs de 'Moving in concert' se mêlent à la foule pour partager leurs réflexions et expériences tissées au fur et à mesure du processus créatif. 

Les deux danseurs croisés ont évoqué des concepts liés à l’architecture et au corps humain dont une racine commune se dégage: les tensions exercées au sein d’une même structure, la force et la flexibilité, l’intrication de réseaux de communication, l’intelligence autonome, la technologie, le superficiel et le profond ou encore les moyens de connexions. 

Après ces courtes rencontres aléatoires, le public poursuit son chemin jusqu'à la salle de spectacle. 

La pièce commence et se poursuivra jusqu’à la fin, sur un travail plastique, visuel et sonore d’un grand raffinement, brouillant souvent nos propres sens.

Une pièce qui brouille souvent nos propres sens

Les danseurs manipulent des néons LED sans fil et créent différentes strates mouvantes d’ombres, de lumières et de couleurs, soutenues par des déplacements et circuits concentriques d’ouverture et de fermeture, laissant percevoir un ensemble complexe d’interactions, souvent entre sous-systèmes, le tout au sein d'un système plus grand. Ensemble ils bâtissent des figures lumineuses où les mains, et plus tard les bouches, sont les seuls liens. 

Pour faire vivre et déplacer ces structures mobiles, ils réadaptent constamment leurs positions corporelles dans l'espace- procédé récurrent des pièces d'Ingvartsen. Quelques exceptions chorégraphiques échappant à ces mécaniques, soulignent ces mouvements de groupes.

La pièce va au bout d’une logique propre via un motif rotatif effectué collectivement offrant la possibilité d'imaginer un nouveau type de communication de groupe.

Comme contre-pied à ces mouvements humains: un large tuyau suspendu d'où coule en continu une matière noire ayant l’apparence et la sonorité du gravier. Ce flot crée, sur toute la durée du spectacle, une montagne de déchets dans lesquels les danseurs finissent par se rouler créant une synergie de matière, de son et de lumière.

'Moving in concert' est incontestablement une expérience sensorielle d’ensemble, avec tout de même une fragilité quant à sa capacité à concerner ceux qui ne sont pas physiquement impliqués.

NL vertaling: 

Spannend als de première van ‘Moving in concert’, de nieuwe voorstelling van Mette Ingvartsen, aangekondigd wordt als een abstract werk. In de afgelopen tien jaar toonde de choreografe immers haar sterkte door vaak onderwerpen als de rol en de werking  van seksualiteit in de samenleving frontaal aan te pakken. Deze propositie lijkt een nieuwe koers aan te kondigen. We kijken er dan ook naar uit om Ingvartsens nieuwste strategieën te ontdekken.

Alvorens het theater binnen te gaan, vermengen de negen dansers van ‘Moving in concert’ zich in het foyer met het publiek. Ze delen met hen reflecties en ervaringen die ze hadden tijdens het creatieproces.

De twee dansers waarmee ik spreek hebben het over concepten rond architectuur en het menselijk lichaam. Ze lijken me voort te spruiten uit een gemeenschappelijke wortel: het ging hen over de spanningen binnen een structuur, zoals het samenspel van kracht en flexibiliteit, de complexiteit van communicatienetwerken, de autonome intelligentie die een systeem en een technologie voortbrengen, het oppervlakkige en het diepzinnige, kortom alle manieren waarop verbindingen ontstaan.

Na deze korte willekeurige ontmoetingen gaat het publiek de zaal in voor  een stuk dat van begin tot eind een zo verfijnd plastisch, visueel en sonoor werk is, dat de zintuigen er vaak van op hol slaan.

De dansers manipuleren draadloze LED lichtstaven. Daarmee scheppen ze beweeglijke lagen van schaduw, licht en kleur. Dat effect ontstaat door een complexe figuur van concentrische cirkelbewegingen die zich openen en sluiten. Daarbinnen tekenen zich allerlei interacties af, als subsystemen binnen een groter systeem. In dat grote systeem bouwen de dansers samen figuren van licht op, met de handen, en later de monden, als schakels.  

Deze mobiele structuren blijven leven en bewegen doordat de dansers voortdurend hun positie in de ruimte aanpassen - een methode die Ingvarsten al vaker toepaste. Als een individuele danser zich onttrekt aan deze groepsmechanica, benadrukt dat des te meer de dwingende kracht ervan.

Deze logica bereikt in het stuk zijn eindpunt met een collectief patroon van ronddraaiende bewegingen, dat een nieuwe vorm van groepscommunicatie suggereert.

Als tegenwicht voor deze menselijke bewegingen is er buis die tot kort boven het podium hangt. Er stroomt voortdurend een donkere materie uit. Het klinkt en ziet eruit als grind of gruis. Onder de buis ontstaat zo, in de loop van de voorstelling, een berg afval. Op het einde van het stuk storten de dansers zich op deze berg, zodat er een synergie van materie, geluid en licht ontstaat.

‘Moving in Concert’ is ongetwijfeld een sterke collectieve zintuiglijke ervaring. Toch kent ze ook een zwakte: ze vermag het niet altijd om diegenen te raken die niet fysiek bij de actie betrokken zijn.