Dans

Le cercle Nacera belaza

Goddelijke marionetten

Wie denkt dat dans alleen maar kadaverdiscipline en pasjes imiteren is, moet dringend ‘Le cercle’ van de Franse choreografe Nacera Belaza zien. De dansers stijgen er boven zichzelf uit tot iets wat je, bij gebrek aan een beter woord, alleen maar goddelijk kan noemen. 

Uitgelicht door Pieter T’Jonck
Le cercle
Pieter T’Jonck De Kriekelaar Schaarbeek
Kunstenfestivaldesarts
meer info
13 mei 2019

Pikdonker wordt het. Zelfs de noodverlichting werd afgedekt. Het publiek verstomt onder die zware deken van duisternis. Heel even is er niets. Dan weerklinkt vaag, als van heel ver in de onpeilbare ruimte een ritmisch geluid. Van achter op het podium werpen een paar spots een vage, onbepaalde lichtvlek op de vloer.

Dan gebeurt het. Ergens in de diepte van de ruimte zie je lichtvlekken grillig heen en weer bewegen. Het duurt even voor je doorhebt dat daar iets of iemand beweegt. Je ziet iets als een kop, lijf, armen en benen, maar die verhouden zich vreemd tot elkaar. Het hoofd zwiept als een boksbal heen en weer, uithalen van de ledematen lijken wel alle kanten tegelijk op te gaan.

Kan dit een mens zijn, of is het een ledenpop? Pas als de figuur dichter bij de tribune komt zie je onmiskenbaar de contouren van een levende mens. Maar het beeld van de marionet wijkt ondanks die zekerheid niet. Is een mens wel in staat om in vier richtingen tegelijk, in tegentijd met zichzelf te bewegen, en dan ook nog vooruit te komen, zonder in een knoop te slaan?

Het is de voorzet van een werkstuk dat je voorstellingsvermogen en waarnemingsvermogen voortdurend tart. Als de eerste danser tot dicht bij het publiek gekomen is, duiken in de verte, aan beide zijden ervan, twee andere schimmen op die net zo wild om zich heen zwaaien. Terwijl zij naar voor bewegen treedt de eerste danser haast onmerkbaar terug tot ze min of meer op een lijn staan.

Op dat moment pas zie je dat molenwieken en molenwieken, schuddebollen en schuddebollen twee is, dat bewegingschaos in veel gradaties bestaat en kan toe- of afnemen. Je durft er niet aan denken dat je het zelf probeert, en zeker niet dat zoiets goed afloopt. Chaos is een kunst. Het vraagt extreme beheersing. Het heeft iets onmenselijks. Iets goddelijks. De programmatekst vertelt over soefisme als inspiratiebron. Dat moet wel waar zijn.

Chaos is een kunst. Het vraagt extreme beheersing. Het heeft iets onmenselijks. Iets goddelijks. 

Maar op andere momenten komt de voorstelling heel dicht bij de wereld van vandaag. Het geluid uit de verte is dan al lang aangezwollen tot een bijna oorverdovend getrommel en gedreun zoals het weerklinkt op nachtelijke markten in de Maghreb. Een vaag rechthoekig vlak verschijnt op de vloer. Wild buitelend betreedt een danser die vloer, gevolgd door een tweede en een derde, tot er weer maar één overblijft die op zijn beurt door een vierde danser uitgedaagd wordt.

Nog altijd zie je enkel contouren, geen gezichten. Het blijft een anonieme demonstratie van feilloos kunnen. Maar ook zonder headspins of snakes is de figuur onmiskenbaar verwant aan een hip hop battle op een straathoek. Ook in zo’n battle verdwijnt de persoon van de danser achter zijn prestatie, verstopt onder één of andere pet of hood.

Het gaat ook hier om dat onwaarschijnlijke moment waarop de performer groter wordt dan zichzelf, verdwijnt om bigger than life terug te verschijnen als…een fabelachtige marionet, trefzekerder dan een mens bedoeld was om te zijn. Goddelijk. Op straatniveau.

Het duister dat over de voorstelling blijft hangen dwingt je tot uiterste inspanning om te blijven volgen, om elk detail te zien, tot je het gevoel krijgt dat je hallucineert. Tot je de duimen legt als je zintuigen in het rood gaan.

‘Le cercle’ is daardoor, zoals eerder werk van Nacera Belaza, hors catégorie. De dans verknoopt een intense, haast religieuze concentratie met beelden van het straatleven. Nieuw, of vernieuwend is het niet. Belaza’s bronnen zijn zo oud als de mensheid. Maar ze die vertaalt die met een buitengewone finesse naar vandaag. ‘Le cercle’ is een pakkend beeld op van dansers die in het duister op zoek zijn naar het licht. Naar zichtbaarheid. Zonder één woord slogantaal. Fantastisch.