Chloé en Anton Amos Tindemans / Judith Van Oeckel
Geen 'Black Swan'
‘Chloé en Anton’ is de eerste voorstelling van acteur Amos Tindemans en danseres Judith Van Oeckel. Hij is Anton, de acteur met zijn mooie woorden. Zij is Chloé, de danseres die niet langer om hun relationele problemen heen kan draaien. Want liefde is een werkwoord, theater een spel van en in het moment. Als deze universele (on)waarheden samenkomen in het moment waarop een danseres en een acteur hun relatie én de voorstelling die ze repeteren proberen te redden, verwacht je op z’n minst een wervelende tango of een woordenfeest. Het spel van de liefde en het leven in zijn puurste vorm. Maar zo’n grote gebaren en gedurfde pirouettes mis je hier te vaak.
Onder het dak van Monty bevindt zich een kleine repetitieruimte. In deze realistische setting ontvouwt zich een relationeel en professioneel drama. Een grote ladder staat klaar om iets af te breken. Een tafel met flessen water, sportspullen in een hoek. Terwijl Chloé wacht op Anton rekt en strekt ze haar lichaam alsof ze nooit anders doet. Ze probeert te ontspannen tot hij komt binnenwaaien.
In de fictieve voorstelling wordt een prachtige vrouw aanbeden door een man. Zij danst, hij bezingt. Gedimd licht kondigt aan wanneer de voorstelling-in de voorstelling begint. Amos Tindemans praat dan verhevener dan wanneer hij ‘gewoon’ Anton is. Judith Van Oeckel zwaait sierlijk met haar armen en glijdt om hem heen. Het is alsof Chloé en Anton het begin van hun relatie oprakelen. Maar telkens weer verstoort een misstap van Chloé of een black-out van Anton de concentratie. De repetitie wordt stilgelegd, de ‘realiteit’ dringt genadeloos binnen.
Tindemans en Van Oeckel houden dat patroon de hele voorstelling aan. De breuken tussen repetitie en realiteit zijn altijd aangekondigd door het licht, de stem of de bewegingen. Organisch verloopt het nooit. Of misschien ontbreekt net het tegenovergestelde: de chaos van het moment dat niet te repeteren valt.
Veel tijd geven de acteurs elkaar niet om de lichamen te laten spreken, om dingen te laten sluimeren, om wat nog niet uitgesproken werd toch al tastbaar te maken. Van Oeckel zet een stuurse Chloé neer, Amos Tindemans een zuchtende acteur die snel zijn geduld verliest. Ze kiezen te veel voor woorden als ‘fucking’ of ‘mijn god’ om boosheid en pijn te uiten. Het is een te makkelijke manier om te tonen dat je kwaad bent. En kwaad zijn Chloé en Anton al vanaf het begin. Er komt geen rust of (grote) poging tot verzoening, geen (grote) toenadering. Daardoor ontbreekt een spanningsboog in de voorstelling.
Wanneer Chloé een danspas slecht neerzet, vraagt Anton wat er is. Wanneer Anton wegloopt, belt Chloé met een vriendin. Door het telefoongesprek wordt de sfeer van de voorgaande scène, die de pijn tussen de twee (ex)geliefden woordeloos schetste, teniet gedaan. Een vurige dans, de geleidelijke versmelting tussen de repetitie en de ‘realiteit’, wat twijfel en verwarring oproept, zou het einde van een relatie beter passen. In plaats van dat nakende einde al zonder woorden te ‘repeteren’ spreken ze wat in hen omgaat te letterlijk uit.
Zo blijkt dat Anton een bijverdienste heeft als stripper ‘omdat hij een narcist is’. Je verneemt ook dat zij hem al meermaals bedroog. Eens uitgesproken vervallen die belangrijke verwijten tot een welles-nietes-spel. Dat laat veel vragen onbeantwoord. Waarom roept Chloé dat het een ‘marteling is om met hem seks te hebben’? Zo’n kwestie wordt te weinig uitgediept omdat de nadruk vooral ligt op de tegenstelling tussen de beoogde voorstelling zoals we die in de repetitie zien en de realiteit van de relatie die daaronder opspeelt. Spijtig, want zo verliezen Amos Tindemans en Judith Van Oeckel uit het oog hoe ze hun personages leven kunnen inblazen om spanning tussen die niveaus te creëren.
Een enkele keer lukt dat wel in scènes die spreken zonder woorden. Anton spuwt druivenpitten naar een rokende Chloé. De kracht waarmee hij dit doet, de pitten die tegen grond ketsen, daarin zit de spanning die van binnen naar buiten gebracht moet worden. Op een ander moment verstomt Anton Chloé’s woorden door zijn sportdrank te blenden op de hoogste stand van het apparaat. Maar zo’n scènes zijn te schaars om van de repetitie een moment te maken waarin Chloé en Anton noodgedwongen tot elkaar veroordeeld zijn, waarin alle attributen, ook het eigen lichaam, bijdragen tot de spannende dramaturgie van een liefdesverhaal dat nooit helemaal te regisseren valt.
Genoten van deze recensie?
Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.
Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.
Steun pzazz