Performance

Collective Voice Detector XXL Nina Glockner

Reenacting daily nonsense

Performance is ‘slimme kunst’. Kunst die speelt met verwachtingen. Kunst die slinkse keuzes maakt en zo ons kijkregime op de proef stelt. Kunst die niet dit of dat is. Kunst in drag soms ook, als ze zich voordoet als iets anders dan kunst. Als consultancy bijvoorbeeld. Maar om zo’n  kunstje te flikken moet een kunstenaar wel heel scherp staan. Dat lukt Nina Glockner niet in de als consultancy verhulde performance ‘Collective Voice Detector XXL’. 

Collective Voice Detector XXL
Pieter T’Jonck Stuk Leuven
In het kader van het Playground Festival
meer info
19 november 2021

Kunst kent weinig – steeds minder – grenzen. Zowat alles kan, op één of andere manier, betrokken worden in het domein van de kunst. Je kan niet enkel de meest heterogene materialen tot kunst verklaren (dus ook een urinoir, het bekende verhaal) maar zelfs hele procedures en methodes die ontstonden binnen andere domeinen zoals de speltheorie of de psychologie kunnen aangewend worden in een performance.

Het omgekeerde is echter ook waar. Omdat kunst het vermogen heeft om fictieve situaties voor ‘waar’ te laten doorgaan, toch minstens voor een bepaalde tijd, kan kunst ingezet worden om groepsprocessen te ‘faciliteren’. Heel wat acteurs verdienen bij als een rollenspelconsultants.

En dan heb je ook kunstenaars als Andre Fraser die de verwarring ten top drijven door van consultancy een performance, of nog een levend of aan tijd gerelateerd kunstwerk, te maken, al dan niet met medeweten van de deelnemers aan het proces. Dat soort kunst is een spelletje op het scherp van de snee. De kunstenaar moet dan precies beslissen hoe ver het te drijven, wat zichtbaar moet worden en hoe het werk wereldkundig wordt. Geen enkele van die kwesties beantwoordt ‘Collective Voice Detector XXL’.

Glockner probeert een groep ertoe te brengen een mindmap op te stellen van een collectieve vraag. Veel organisaties hebben nood aan dat soort consultancy omdat ze door de drukke alledaagse bezigheden er niet aan toekomen om helder af te lijnen wat ze nog nastreven. Maar als je dat toepast op een willekeurige groep mensen, of – in mijn geval een groep die samenwerkt op basis van een zeer specifieke issue – werkt dat niet, noch als consultancy, noch als kunst.

Waarom het niet werkt als consultancy is snel verklaard. Wij waren daar met acht mensen die zich voorgenomen hadden om na te denken over hoe je (kritiek over) een fenomeen als performance kan vertalen in woorden en hoe we daarbij van elkaar konden leren. Met in ons achterhoofd de vraag hoe je daarmee invloed kan uitoefenen. We hadden dus een mindmap. We waren trouwens ook geen corporate group.

Zonder haar theoretisch frame te verduidelijken hoorde Glockner ons daarover uit in een eerste kamer. Daar moesten we al ‘stemmen’ over wie het duidelijkst de vraag geformuleerd had. Dat zinde ons niet: we legden uit dat de verschillende antwoorden complementair waren en in een paar zinnen samen te vatten waren.

Toen loodste Glockner ons met haar assistent naar een tweede kamer waar we allemaal vijf houten kubusjes met kleurige vlakjes kregen. Vervolgens preste ze ons om onze al niet zo complexe vraag verder te reduceren tot één zinnetje. Dat verliep alweer als een verkapte competitie: welke samenvatting haalde de meeste stemmen? Bij gebrek aan animo in de groep besliste ze daar dan zelf over. Eigenlijk had ze toen al moeten weten: deze groep heeft hier geen boodschap aan.

Dat niemand wijzer werd van de mindmap die zo ontstond laat zich raden

Maar ze ging door. Ze preste ons nu ook om facetten van ‘onze’ vraag te benoemen die we dan weer aan de hand van de kubusjes een rangorde van belangrijkheid en ‘oorsprong’ moesten geven op een diagram op de vloer. De assistent haastte zich dan om de blokjes te tellen en zo een rangorde op te stellen. Vervolgens kregen we de opdracht om de zo gedefinieerde doelstelling op een tijdslijn uit te zetten. Exact hoe corporate redeneren verloopt. Alleen: dat was niet onze vraag.

Toegegeven: die kleurige houten blokje en vloerdiagrammen waren best esthetisch, net als de zandlopers die bepaalden hoeveel tijd we hadden om te antwoorden. Maar die leuke saus verhulde niet dat deze procedure ons geen stap verder hielp om onze vraag scherp te stellen. Integendeel: Glockner vermaalde die krampachtig om ze te doen passen in het algoritme dat ze vooraf bedacht en op nogal manipulatieve manier opdrong. Het leek gewoon niet bij haar op te komen dat haar procedure in ons geval paste als een tang op een varken.

Toen plots iemand ‘radicality’ en ‘power’ op de agenda plaatste als determinanten dacht ik: ‘hé, daar moeten we het over hebben! Dat zou inderdaad kunnen spelen binnen onze groepsdynamiek!’ Maar daar was geen tijd voor. Het moest dringend over een timeframe gaan. En wij ondertussen maar op de klok kijken, want we hadden nog heel wat te bespreken en hier verloren we kostbare tijd. Dat niemand wijzer werd van de mindmap die zo ontstond laat zich raden.

Het punt is dat Glockner zich zozeer vastklampte aan haar format van kleurige blokjes en leuke speeltjes dat er geen ruimte bleef om te luisteren naar wat we te berde brachten. Mindmapping kan je net zo goed, en met meer vrijheid van denken, doen op een blad papier. Glockners spullen stonden die vrijheid vooral in de weg. Dat bleek zeker toen enkele deelnemers tegenstribbelden. De performers duwden het gedoe met blokjes en krijtjes net dan met verdubbelde ijver door.

Achteraf hadden we als groep wel een interessante discussie over wat hier gebeurd was. Iemand opperde de vraag of het misschien niet gewoon een ironische ontmaskering was van de pseudo-duidelijkheid die dit soort procedures belooft. Wat het dan alvast richting kunst had getrokken. Daarvoor gingen er echter bitter weinig stemmen op. Dit was bloedserieus. Dat vonden we als groep, zonder mindmap.

Maar wat blijft er over als zo’n performance niet doet nadenken over wat we zoeken als we ons onderwerpen aan zo’n nogal kinderlijke spelletjes? Wat rest er als die performance bovendien geen licht werpt op de kwesties waar we mee bezig waren maar die platslaat tot een voorbedacht schema? Waar gaat het over als onder de oppervlakte competitie en onenigheid voortdurend aangewakkerd worden? Wat stelt dit dan eigenlijk voor?

Of ook: alles leent zich tot reflectie en/of tot kunst. Dat weten we stilaan wel. We zijn als kijkers niet helemaal dom. Reflectie vraagt echter scherpe vragen en kunst veronderstelt snijdende proposities. Hier heb je slappe vragen en slappe antwoorden. Noch reflectie, noch kunst. Misschien is dat inderdaad de korte samenvatting van wat consultancy te bieden heeft. Met zo’n ongein hebben de meeste mensen helaas al van maandag 9u tot vrijdag 18 u te maken. Daar hoef je op zondag geen slecht overdachte reenactment van te zien.

Beschikbaar voor iedereen, gefinancierd door lezers en organisaties.
Steun pzazz met een abonnement.

Abonneren