VerBELGingsfeest Anyuta Wiazemsky Snauwaert
Belg worden: hoe vier je dat? (en wie mag meevieren?)
Anyuta Wiazemsky Snauwaert doet met ‘VerBELGingsfeest’ een voorstel voor een verwelkomingsritueel voor nieuwe Belgen. Op het eerste gezicht dan toch. De ironische ondertoon van het stuk verraadt een cynische tweede laag: hoezeer we ook nood hebben aan rituelen, elk ritueel bepaalt ook wie wel en niet mee mag doen.
Het ritueel van Wiazemsky Snauwaert speelt zich af in een hoek van de tuin van het Migratie Museum Migration in hartje Sint-Jans-Molenbeek. De plek is afgeschermd met zeilen waarop de Rechten van de Mens afgedrukt staan. In het midden staat een spreekgestoelte, omringd door stoelen en geflankeerd door twee beeldschermen. Aan dat spreekgestoelte verwelkomt Wiazemsky Snauwaert, gekleed in een zwart kostuum en wit hemd, uitgebreid alle mensen aan wie die maar kan denken. “Welkom aan iedereen die zich voor de eerste keer Belg noemt, aan wie dat altijd al is geweest, aan alle anderen. Aan alle genders en geaardheden, aan wie hier is en wie hier niet is”. Met een knipoog naar Yahmani Blackman’s State of the Future op de opening van het Theaterfestival heet die ook “iedereen welkom die ervoor zorgde dat jij hier bent: je voorouders, je opvoeders, je medemensen”.
Pas dan doet Wiazemsky Snauwaert de opzet van de samenkomst uit de doeken: om Belg te worden, had die enorm veel offers moeten brengen en onzekerheden moeten trotseren. Maar eens die Kafkaëske vijvertjes doorzwommen, kreeg die op 1 april 2022 aan een loket door een wat norse bediende een identiteitskaart toegeschoven. Zonder enige plechtigheid of verwelkoming was Wiazemsky Snauwaert plots Belg. Anyuta Wiazemsky Snauwaert miste een staatsritueel bij die officiële erkenning als Belg na een emotioneel en fysiek totaal uitputtende reis.
Een kind krijgen, trouwen, Belg worden: het wordt gereduceerd tot een krabbeltje onder een contract aan een loket in een overvolle wachtzaal.
Ik herken dat gemis. Toen mijn partner en ik verleden jaar besloten heimelijk wettelijk samen te wonen, ontbrak het ons ook aan een ritueel. Na eindeloos wachten, ondanks een online geboekte afspraak, had de medewerker van het Administratief Centrum duidelijk geen boodschap aan ons romantisch idee van samenwonen: ze liet ons hyperefficiënt een formulier ondertekenen en stuurde ons dan door naar de betaalterminal nog voor we gewicht konden geven aan het moment. De mooiste momenten in je leven verkruimelen zo tot een nummertje in de rij. Een kind krijgen, trouwen, Belg worden: het wordt gereduceerd tot een krabbeltje onder een contract aan een loket in een overvolle wachtzaal. Welk ritueel hier zou passen blijft, net als bij alle seculiere rituelen, in het vage.
‘VerBELGingsritueel’ van Wiazemsky Snauwaert begint met een toespraak van waarnemend burgemeester van Molenbeek Amet Gjanaj (PS). In een hilarische vermenging van realiteit en fictie, houdt die een speech die zo vol politieke retoriek zit, dat hij bijna geschreven leek voor dit toneelstuk. Zijn eigen ouders werden door de Genkse gemeenschap warm ontvangen toen zij in België toekwamen. Die warmte bestaat volgens hem niet meer, maar hij wenst ze iedereen toe. Met de gemeente wil hij kijken hoe hij in Molenbeek de diversiteit meer kan vieren. Slinks verbindt hij deze ceremonie zelfs met de kandidatuur van Molenbeek voor culturele hoofdstad van Europa in 2030: kunst is voor iedereen belangrijk, maar zeker voor Molenbeek. Dat toont de wereld dat Molenbeek geen hellhole is, maar een bloeiende, bruisende gemeenschap. Hoe kronkeliger en geforceerder de toespraak wordt, hoe instemmender zijn twee medewerkers hem toeknikken. En hoe dieper de fronsen van een andere toeschouwer op de eerste rij worden.
In het derde deel van het ritueel probeert Wiazemsky Snauwaert België in cijfers te vatten. Weetjes recht uit een inburgeringscursus wisselen af met harde cijfers. Op elke 100.000 inwoners heeft België 17 chocolatiers, maar ook 15 à 16 zelfdodingen. We hebben het grootste aantal kilometer tramlijnen van Europa, maar van de oorspronkelijke natuur rest slechts 3%. 80% van alle biljartballen ter wereld komen uit België, maar Brussel kent ook de het grootste aantal files ter wereld. We zitten in de top twintig rijkste landen ter wereld en hebben een van de hoogste minimumlonen, maar twee op vijf kinderen groeien in Brussel op in armoede.
De lijst weetjes is eindeloos en weinig opwekkend. Allengs blijkt dat Wiazemsky Snauwaert geen écht voorstel voor een verwelkomingsritueel doet. In België is het goed leven, zegt die, maar niet voor iedereen. België is plezant: we drinken bier en eten frietjes, maar denken alleen aan onszelf. België kent een kil en log staatsapparaat dat niet lief is voor zijn burgers en zijn voeten veegt aan de mensenrechten wanneer het hem zo uitkomt, lijkt Wiazemsky Snauwaert’s boodschap te zijn. Welkom in deze samenleving?
In het vierde deel van de voorstelling wordt de opzet alleen maar verwarrender. Met dat depressief makend België willen we ons dus liever niet associëren. We moeten voor Wiazemsky Snauwaert dan maar op zoek gaan naar wat Belg-zijn betekent. Toeschouwers zetten de stoelen aan de kant en moeten zich positioneren tegenover een reeks stellingen. Kan je in de drie landstalen ‘goedendag’ zeggen? Heb je deze week gehuild? Ook dit spel van stellingen begint best ludiek, maar stilaan gaat het verwarren. “Ik ben dankbaar dat ik in België woon”: hoe kan je daar nu ja of nee op antwoorden? De stellingen sturen zo aan op het inzicht dat niemand gedefinieerd kan worden door een vage noemer als ‘Belg’: zo’n stellingen halen alle nuance weg of onthullen meer over een theater minnend publiek dan over ‘de gemiddelde Belg’. Heb je soms geldproblemen? De meesten wel. Bezit je een huis? De meesten ook. Ken je het werk van James Ensor?
‘VerBELGingsfeest’ vertolkt het besef dat je niet meer moet wachten op een betekenisvolle plechtigheid van overheidswege.
Tegen het einde van dit ritueel mag elke toeschouwer/deelnemer Wiazemsky Snauwaert de hand schudden en vervolgens plechtig een belletje ophangen aan rode, gele en zwarte linten. De belletjes moeten symboliseren dat je een stem hebt in het systeem. Zoals bij elke ceremonie eindigt deze daarna met een receptie. Aan een lange tafel kan je wafels proeven die je moet beleggen met spreads van over de hele wereld.
‘VerBELGingsfeest’ is een logisch vervolg in de artistieke samenwerking ‘Between Us’ van Kim Snauwaert en Anyuta Wiazemsky Snauwaert. Anyuta wilde in 2016 graag in België blijven, maar hun studentenvisum liep bijna af. Trouwen was de enige optie. Samen met Kim ging hun op zoek naar de grens tussen een schijnhuwelijk – enkel voor papieren – en een werkelijk huwelijk, een “duurzame levensgemeenschap” volgens het Belgisch recht. Dat onderzoek deden ze in alle openheid. Voor hun huwelijk verzonnen ze een nieuw ritueel dat zowel artistiek al persoonlijk was. Een voorstel tot een ritueel wil deze voorstelling niet écht zijn. De belletjes aan Belgisch gekleurde linten hangen is liefelijk en symbolisch. De wafelenbak verleidde me er zelfs toe een uur te blijven rondhangen. Maar België met een lange reeks doemcijfers als een asociaal land wegzetten lijkt me niet de meest verwelkomende boodschap.
Wiazemsky Snauwaerts ‘VerBELGingsfeest’ is in de eerste plaats een viering van hun eigen nieuwe nationaliteit, en dus van een goede afloop van hun plan om uit hun land te vluchten. Wat het ritueel verder wil bereiken blijft volstrekt onhelder. Als voorstel voor een verwelkomingsritueel voor nieuwe Belgen is de voorstelling te bitter. België is natuurlijk niet het paradijs, maar moet toch voor inwijkelingen een betere optie zijn dan hun land van oorsprong.
Tegelijkertijd beoogt het stuk geen scherpe kritiek op het Belgische migratiebeleid: Wiazemsky Snauwaert pleit niet voor het radicaal openbreken van grenzen, noch initieert hun een genuanceerd debat. De wafels met spreads van over de hele wereld die een ideale samenleving moet symboliseren, waar alle nationaliteiten in vrede samenleven, voelt minder als een utopie dan een realiteit in het midden van Molenbeek, een van de meest diverse gemeenten in België (waar overigens slechts 18% van Belgische origine is en maar liefst 70% de Belgische nationaliteit heeft).Misschien is de grootste vraag bij het ‘VerBELGingsfeest’ dan ook of we wel op een staatsritueel zitten te wachten. Elke viering van de toetreding van een nieuw lid tot een club markeert onvermijdelijk ook dat anderen uitgesloten werden. En tegelijkertijd lijkt Wiazemsky Snauwaert te willen aantonen dat elke plechtigheid van de staat uiteindelijk even generisch is als de bedanking van de betaalautomaat in administratieve centra. Het voelt dan ook alsof Wiazemsky Snauwaert de waarnemend burgemeester te kijk wil zetten door de liefelijkheid en de leegheid van zijn speech in de verf te zetten, door hem op een podium voor een theaterpubliek te plaatsen. En toch stond deze burgemeester er de multiculturaliteit van zijn gemeente te verdedigen op een gratis en inclusieve voorstelling in een museum over migratie met gratis wafels in een gemeente die wel erg veel moeite doet om nieuwe Belgen te verwelkomen. Wat willen we nog meer?
Genoten van deze recensie?
Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.
Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.
Steun pzazz