100% POP nora chipaumire
Revolutie tussen hoofd en lichaam
‘Bonsoir, Brussels!’. Bij het binnenkomen op een luide soundtrack is de sfeer meteen gezet: Nora Chipaumire heet vanop lege bierbakken het publiek welkom als een popster. Co-performer Shamar Watt zorgt voor beats die feest beloven. De poten van de stoelen waaruit de dj-boot is opgebouwd priemen naar voor. Hier wordt niet gezeten. Hier zal je in beweging komen.
Chipaumire laat de lege bakken vrijwel meteen voor wat ze zijn en beweegt zich gedurende de hele performance samen met Watt te midden van en door de mensen. Er is geen podium, niet eens een vaste kijkrichting.
Met Chipaumire en Watt zijn een vrouw en een man ‘op scène’. Die gender categorieën dagen ze meteen uit. Getooid met een rokje brengt Watt variaties op een fladderend, vogelachtig dansje, maar zijn ontbloot bovenlijf onthult tegelijk een onwaarschijnlijk afgetraind lichaam. Zo is zijn act zowel contestatie als omarming van het ‘mannelijke’. Chipaumire, met Grace Jones-achtige hanenkam op een verder kaal hoofd, performt met de cool van urban dancers. Tegelijk heeft ze het over menstruatiecycli. Haar combinatie van dans, spoken word en muziek maakt haar tot de ceremoniemeester van het energieke collectieve dansfeest dat ontstaat.
We horen hiphop, noise en flarden van Grace Jones. De manier waarop beide dansers de toeschouwers uitdagen om te bewegen, soms oog in oog, is een beetje provocerend. Maar ze blijven niet hangen in dat eerste, gemakkelijke effect. De kracht van hun performance ligt in de gezamenlijke energie die ze opwekken. Er ontstaat een soort van samenzweerderigheid rond het idee om met z’n allen in beweging te komen. De helft van het publiek danst volop mee, er wordt gejoeld. Om je heen kijken wat het met mensen doet (en bij jezelf nagaan hoe dat bij jou zit) is op zichzelf al de moeite waard.
100% POP is het tweede deel uit een triptiek waarin de Zimbabwaans/New Yorkse Chipaumire zichzelf en haar relatie tot de wereld onderzoekt aan de hand van beweging en geluid. Grace Jones neemt daarin een belangrijke plek in. De telkens terugkerende zin ‘We’re gonna party, and bullshit’ ontleende ze aan een lied van ‘The Last Poets’. Een nummer over revolutie. Daar wil ook Chipaumire het over hebben: ‘None but ourselves can save ourselves’, en dan: ‘But how can we make a revolution if we can’t read?’
Op die nagel blijft ze kloppen. En dat roept vele vragen op. Wat wil ze met dat ‘lezen’ zeggen, als ze een geletterd publiek aanspreekt? Hoe moeten we dan leren lezen om verandering mogelijk te maken? Over welke revolutie heeft ze het trouwens? Dat gender een rol speelt, of (black) empowerment, lijkt wel zeker, maar Chipaumire legt het nooit echt uit. Ze hamert er alleen op dat we zelf het heft in handen moeten nemen. Daar kan iedereen zich dan wel een voorstelling bij maken.
Die steeds herhaalde revolutie-mantra zorgt voor een slingerbeweging tussen geest en lichaam – alsof ze telkens als het feest losbarst en bevrijding een louter lichamelijke kwestie lijkt, toch ook het hoofd weer wil aanspreken met een kanttekening. De performance bijwonen en er deel van worden krijgt daardoor iets van een ritueel, dat tegelijk hoofd en lichaam aanspreekt.
Dat ritueel negeert de conventies van het theater. Als theaters smartphones uit de zaal verbannen, dan roept Chipaumire de kijkers juist op om ze boven te halen, alsof dit een popconcert was: ‘Keep up your flashlights, so I can find my way home.’ Maar theaterconventies zijn taai: het toegangsticket, het tekstje in de folder, de strikt bepaalde duur vestigen er je aandacht op. Dat staat totale overgave in de weg – zelfs in dit nachtclubachtige sfeertje.
Maar toch, de energie die de performers op de ruimte overdragen is bijzonder, en komt stevig binnen. Chipaumire onderzoekt een uur lang op de meest actieve wijze wat vrijheid zoal kan betekenen. Zo ga je opgepept naar huis om daar verder over na te denken.
Genoten van deze recensie?
Vind je het belangrijk dat zulke verdiepende beschouwingen over de podiumkunsten blijven verschijnen, vrij toegankelijk voor iedereen? Steun pzazz als lezer vanaf 1 € per maand.
Wij doen het zonder subsidies. Met jouw bijdrage kunnen we nog meer voorstellingen aandacht geven en onze auteurs, eindredacteurs en coördinator blijven vergoeden. Pzazz is er voor jou, maar ook een beetje van jou.
Steun pzazz